Home

Bouw eerste waterstofnetwerk begint: Nederland wil 'energiehub' zijn

Afgelopen weekend gaf koning Willem-Alexander het officiële startsein voor de bouw van het eerste waterstofnetwerk van Nederland. Een hele rits aan ondergrondse buizen van Gasunie moet binnenkort groene waterstof gaan vervoeren van de Maasvlakte naar de rest van het land én het buitenland.

Het eerste deel dat wordt aangelegd is een leiding van 30 kilometer tussen de Tweede Maasvlakte naar de raffinaderij in Pernis. De infrastructuur moet in 2025 klaar zijn. Vanuit die plek wordt gebouwd aan een netwerk van 1.200 kilometer, waarvoor deels aardgasleidingen hergebruikt worden. Het plan kost 1,5 miljard euro en zal uiteindelijk de industriële regio's van Nederland, Duitsland en België met elkaar verbinden.

Binnen de plannen van het kabinet wordt Nederland zowel producent als transporteur van waterstof: een waterstofknooppunt voor de rest van Europa. Zo bouwt Shell een waterstoffabriek pal naast de vlakte waar het buizennetwerk wordt aangelegd. Dat netwerk is straks verbonden met andere fabrieken, bedrijven en importterminals in de zeehavens.

Gasunie schat dat de helft van de waterstof die straks door de buizen beweegt hier zal worden gemaakt; de andere helft komt uit het buitenland. Zo produceren landen in Zuid-Europa, Afrika en Zuid-Amerika al veel waterstof met hernieuwbare bronnen als zon en wind.

Waterstof is een alternatief voor aardgas en andere fossiele brandstoffen. Nu wordt waterstof nog gemaakt uit aardgas en daar komt CO2 bij vrij. Dit heet grijze waterstof. Als de CO2 wordt afgevangen en onder de grond wordt opgeslagen, noemen we het blauwe waterstof.

Het is ook mogelijk om waterstof te maken door water te splitsen in waterstof en zuurstof. Dat proces heet elektrolyse. Bij groene waterstof gebeurt dat met elektriciteit uit hernieuwbare bronnen, zoals zon en wind. De groene waterstof die we in Nederland gaan produceren, zal vooral ingezet worden voor de industrie en transportsector. Ook kan de waterstof gebruikt worden om bijvoorbeeld zonnestroom in op te slaan.

"Door onze ligging en infrastructuur heeft Nederland een goede uitgangspositie om de energiehub van Noordwest-Europa te zijn", zegt demissionair minister Rob Jetten tegen NU.nl. Hij verwacht dat zo'n positie hier voor meer werkgelegenheid zorgt. Jetten omschrijft het als een "nieuw verdienmodel" op gebied van energie en technologie. Het maakt Nederland daardoor ook minder afhankelijk van olie- en gasexporterende landen als Rusland.

Nederland moet volgens de minister het voortouw nemen met groene waterstof, te beginnen bij de verduurzaming van onze eigen energie-intensieve industrie. Die moet vóór 2030 een radicale omslag maken om de klimaatdoelen te halen. Volgens Jetten is inzetten op groene waterstof de manier om dat proces te versnellen. Daarvoor maakt het kabinet 9 miljard euro vrij.

Groen geproduceerde waterstof is een alternatief voor fossiele brandstoffen waarbij geen CO2 vrijkomt. Deze waterstof wordt gezien als een belangrijke stap naar een klimaatneutrale economie. De huidige industrie gebruikt met gas geproduceerde waterstof in bijvoorbeeld raffinaderijen en chemische fabrieken.

Hoogleraar duurzame energie Gert Jan Kramer ziet kansen in zo'n waterstofnetwerk. "We gaan naar een CO2-neutraal energiesysteem. Daarin kun je niet om groene waterstof heen als cruciale vervanger van aardgas in de industrie", zegt Kramer. "Het lijkt me een goede investering om alvast een netwerk aan te leggen."

Wel zitten er nog wat haken en ogen aan de kosten en haalbaarheid van de kabinetsplannen. Waterstof maken is duur, maar importeren kost ook veel geld. Nederland kan beter zo veel mogelijk zélf produceren dan waterstof hierheen laten verschepen vanuit landen als Brazilië of Kenia, denkt Kramer. Dat zou haalbaar zijn door de windenergie die wordt opgewekt op de Noordzee.

In 2030 wil de Europese Unie 10 megaton groene waterstof per jaar gaan produceren. Kramer legt uit dat daarvoor een elektrolysecapaciteit van 100 gigawatt (1 gigawatt is 1.000 megawatt) nodig is, terwijl Europa sinds 2021 een capaciteit van 100 megawatt heeft. Nederland wil naar 4 gigawatt. De hoogleraar denkt dat zeven jaar voor zo'n grote opschaling op zijn zachtst gezegd een uitdaging is.

"Er is behoorlijk wat scepsis in het veld over de vraag of deze doelen wel haalbaar zijn", zegt hij. "Dat betekent niet dat het geen goed idee is, maar het heeft wat meer tijd nodig."

Log in of registreer gratis op NU.nl en krijg toegang tot extra artikelen

Source: Nu.nl economisch

Previous

Next