Lang verhaal kort: mijn vader (1925) kwam uit een onderwijzersgezin in Middelbeers, een dorp tussen de dorpen Oostelbeers en Westelbeers. Zijn vader, de hoofdonderwijzer, stierf vlak na de oorlog aan een maagzweer, veroorzaakt door het te fanatiek roken van op zolder geteelde tabak. Zijn moeder was een dominante vrouw, een molenaarsdochter, die samen met haar beste vriendin Truus Smulders-Beliën, de eerste vrouwelijke burgemeester van Nederland, de gemeente bestierde. Toen mijn vader terugkeerde uit Indië creëerde mevrouw Smulders een baan voor hem bij de gemeente, het loon leverde hij in bij zijn moeder.
Omdat hij op latere leeftijd mijn moeder tegenkwam in de bus van Oirschot naar Middelbeers kwam hij er weg, ze verhuisden na hun trouwen meteen naar Arnhem. Anders had hij misschien ook tot aan zijn dood in zijn ouderlijk huis in Middelbeers gevangen gezeten, het lot dat twee vrijgezelle zusters en twee ooms met een vlekje overkwam. Ze vormden een opmerkelijke gemeenschap, de restanten van een enorm katholiek gezin, de jaren veertig en vijftig werden tot in de jaren negentig voortgezet.
Wij bezochten het huis van oom Frans, oom Fer, tante Bets en tante Mies iedere zomervakantie meerdere malen omdat we vanwege de Brabant-heimwee van mijn moeder altijd wel een paar weken in Oirschot logeerden.
Van Middelbeers herinner ik me: gele limonade van de lokale limonadefabriek, dat ze in dat huis 23 verschillende serviezen hadden, dat oom Frans voorlas uit oorlogsboeken, dat de televisie er alleen aan ging als Columbo op was en dat het aantal tuinbonen uit de moestuin werd bijgehouden. Ieder bezoek verliep altijd hetzelfde, mijn vader viel altijd in slaap. Daar hing hij dan, hoofd op de borst. Kort na elkaar stierven ze dan toch allemaal, de onderwijzerswoning kwam leeg te staan en werd uiteindelijk gekocht door de plaatselijke bakker die er een lunchroom van maakte.
Een paar weken geleden werd ik onverwachts gebeld door ene Harry, hij organiseerde een festival in en rondom het ouderlijk huis van mijn vader. Het vindt dit weekeinde plaats. Op het programma staan onder andere het wereldrecord shawl-breien, een toneelstuk, borduren, haken, boetseren en lichte muziek. Zelf val ik in de categorie ‘spoken word’, want ik kon geen ‘nee’ zeggen. Harry heeft me overgehaald om iets voor te lezen. Sinds die toezegging heb ik om de haverklap contact met ‘mensen uit Beers’, ze bellen op de gekste momenten over de kleinste details.
Een buurman belde, ik moest me maar niet druk maken, hij had mijn vader gekend en die was ooit tijdens een toneeluitvoering op het podium in een kruiwagen in slaap gevallen. Niemand had er iets van gemerkt.
Ik zal zaterdag aan hem denken.
Source: NRC