De oorlog tussen Israël en Hamas leidt niet alleen tot veel discussie maar ook tot groeiende spanning in het demissionair kabinet. Ook in de samenleving is deze groei voelbaar. Voor onze demissionair minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, Karien van Gennip, is deze spanning zo groot dat ze werkgevers opriep om gesprekken over Israël en Hamas te regelen op de werkvloer.
In gesprek gaan klinkt heel positief, maar de praktijk is vaak weerbarstig. Emoties kunnen hoog oplopen, de sfeer kan onprettig of zelfs vijandig worden en relaties tussen collega’s kunnen onder druk komen. Hoe kun je er dan voor zorgen dat zulke gesprekken zo constructief mogelijk verlopen en bijdragen aan onderling begrip?
Over de auteur
Paul van Lange is hoogleraar psychologie aan de Vrije Universiteit en ‘global professor’ aan de Universiteit van Keulen. Hij is gespecialiseerd in samenwerking, vertrouwen en conflict tussen en binnen groepen.
Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.
Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.
Om te beginnen is het belangrijk dat we zelf ook graag zo’n gesprek willen. De wens tot verbreding en verdieping als één van de motieven is daarbij belangrijk. Vervolgens kunnen inzichten uit de psychologie ons verder helpen om de kans op een constructief gesprek te verhogen. Daarbij zouden we rekening moeten houden met tenminste drie zaken: de sociale context, het tijdstip van de dag, en hoe je de discussie kunt beëindigen.
Ten eerste kan de sociale context heel bepalend zijn. Doe het in één-op-één interacties, niet in grote groepen. In tweetallen bestaat er een sterkere neiging dan in groepen om je in te leven in de emoties en gedachten van een ander. En in tweetallen kan men elkaar niet uitsluiten en spelen coalities geen rol. In grotere groepen zal discussie vaak aanleiding zijn tot het creëren van informele coalities van gelijkgestemden.
We weten uit wetenschappelijk onderzoek dat groepen minder goed dan individuen in staat zijn tot het ontwikkelen van constructieve, coöperatieve interactie. Daar zijn verschillende redenen voor en in deze context zal een ‘krachtige’ reputatie vaak een grotere rol spelen dan in tweetallen. Mensen die publiekelijk in groepen een standpunt innemen, hebben een sterke motivatie om daaraan vast te houden in het bijzijn van alle gesprekpartners, inclusief de gelijkgestemden die elkaar daartoe vaak aanmoedigen.
Ten tweede doet het tijdstip er toe. Als je het doet, doe het dan wanneer je er tijd voor hebt en doe het niet ‘s ochtends. Je kunt beter de dag beginnen met concrete activiteiten die men kan voltooien. Discussies over abstracte en gevoelige onderwerpen kunnen soms tot een prettig gevoel van afsluiting leiden, maar de kans is klein in vergelijking met concrete taken die we gewend zijn te doen in de ochtend. Later op de dag is beter, en zonder regen kan het idealiter worden gecombineerd met een gezamenlijke wandeling in de buitenlucht.
Samen lopen heeft als voordeel dat we vrijer zijn in het onderhouden van oogcontact en ons minder moeten bezighouden met de gezichtsuitdrukkingen van de ander of jezelf. Bovendien zijn er sociale voordelen van beweging, inclusief synchronisatie: het letterlijk in de pas lopen kan psychologische nabijheid en begrip tussen mensen bevorderen. Verder zijn er neurologische voordelen van beweging en misschien bevordert het zelfs een ‘open mind’.
Ten slotte, hoe kun je het gesprek afronden? Het is fijn als beiden het gevoel hebben dat het gesprek constructief is geweest. Maar het is bij andersdenkenden waarschijnlijker dat er op zijn minst enkele kwesties, hoe klein ook, overblijven. Mijn aanbeveling is om het gesprek te beëindigen door elkaar een tip te geven voor verdere informatie, zoals een televisiefragment, een krantenartikel of een website.
Over het algemeen kiezen mensen vaak zelf hun favoriete gesprekspartner, nieuwszender, of contacten op sociale media, waardoor we vaak op selectieve wijze bevestiging krijgen voor onze opvattingen en overtuigingen. Deze confirmation bias is velen malen aangetoond in de psychologie, inclusief de subtiele werking ervan.
We hebben het vaak zelf niet echt in de gaten dat we ons eigen gelijk zo makkelijk bij anderen zien. Voor een open mind is het goed om aandacht te schenken aan informatie die wordt aanbevolen door anderen dan gelijkgezinden. Je kunt zelfs vooraf beloven: ‘Na het gesprek ga ik aandacht besteden aan de verdere informatie die jij aanbeveelt’. Zo krijgt een open mind ook na het gesprek een extra kans tot verdieping en verbreding.
Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden