Home

Het progressieve Oy Vey zet zich in voor een vreugdevol Jodendom – maar niet iedereen voelt zich er nog even thuis

Dit zou een verhaal worden over Joden die op zoek zijn naar een Joodse identiteit, los van de Tweede Wereldoorlog of Israël. En toen werd het oorlog in Israël.

‘Nu volg ik de hele dag het nieuws, en dat versterkt alleen maar de associatie die ik toch al had tussen Joods zijn en vervolgd worden’, zegt Peter Burger (62).

‘Ik voel scherper dan ooit bij welke groep ik hoor’, zegt Mirjam van Dam (53).

‘Ik maak me zorgen om mijn vader die een keppeltje draagt’, zegt Emma Harjadi Herman (41).

‘Ik voel me verraden door sommige progressieven’, zegt Jake Kravitz (23).

Over de auteur
Kustaw Bessems is columnist van de Volkskrant en host van de podcast Stuurloos. Hij heeft een bijzondere belangstelling voor openbaar bestuur en schrijft daarnaast over alles van disco tot klushuizen.

De gesprekken beginnen heel anders, als de Volkskrant hen ontmoet via Oy Vey, een jonge organisatie die zich wil inzetten voor een Jodendom dat zichtbaar, schaamteloos en vreugdevol is. De naam is een Jiddische uitroep die je kunt vergelijken met ‘ach en wee’ en die met een knipoog wordt gebruikt. Oy Vey viert feestdagen, houdt gespreksbijeenkomsten en organiseert leer- en leessessies, en dat alles met een uitgesproken progressief karakter.

Sterk wordt benadrukt dat iedereen ‘Joods genoeg’ is om mee te doen. Het Jodendom wordt volgens de religieuze traditie doorgegeven via de moeder, maar hier ben je ook welkom als alleen je vader Joods is of wanneer je je op een andere manier als Joods identificeert.

‘Dat spreekt me erg aan’, zegt Peter Burger, onderzoeker aan de Universiteit Leiden en bekend als factchecker. Burger is Joods, maar is niet met het Jodendom opgegroeid. ‘In Joods gezelschap heb ik snel het gevoel dat ik niet Joods genoeg ben. Dan weet ik bijvoorbeeld niet wat de juiste Hebreeuwse wens is bij een feestdag.’

Laagdrempeligheid was vanaf het begin, vijf jaar geleden, een ideaal van Oy Vey. Oorspronkelijk had het een bakkerij met café moeten worden, vertelt Lievnath Faber, een van de oprichters. Er zou worden samengewerkt met de 18de-eeuwse Uilenburgersjoel, een van de weinige overblijfselen van de oude Jodenbuurt in Amsterdam.

Ooit herbergde de hoofdstad de grootste Joodse gemeenschap in Europa en was Joods leven vanzelfsprekend in het straatbeeld. De Shoah vaagde die cultuur weg. Wat zou mooier zijn dan dat in dezelfde buurt de geur van verse babka’s iedereen, Jood en niet-Jood, naar binnen zou lokken? In het café zouden Joodse activiteiten worden gehouden.

Corona gooide roet in het eten; de eerste jaren bestond Oy Vey alleen online. Inmiddels zijn er ook volop fysieke bijeenkomsten. In september vieren vijftig belangstellenden bijvoorbeeld het Joods Nieuwjaar in het Amsterdamse Vondelpark. Er wordt ronde challe gegeten – gevlochten brood dat de tijdcyclus moet symboliseren – en kinderen spelen op kleedjes. Het is een idyllisch gezicht. Meerdere deelnemers zeggen dat ze het bijzonder vinden om dit open en bloot te doen. ‘Zo mooi dat we hier gewoon kunnen staan.’

Challe is de Jiddische naam voor het gevlochten brood dat onder meer wordt gegeten tijdens de sjabbat. De naam refereert aan het brood dat in bijbelse tijden apart werd gehouden voor de priester in de tempel in Jeruzalem. De sjabbat begint met twee challes, omdat God de Joden tijdens hun tocht naar het Beloofde Land op vrijdag een dubbele portie voedsel (manna) zou hebben geschonken. De gevlochten structuur kent diverse verklaringen: die kan verwijzen naar de twaalf stammen van het volk Israël, of naar de twaalf broden die in de tempel lagen als offer. Met Rosj Hasjana (Joods Nieuwjaar) is de challe rond, als symbool voor de cyclus van de tijd.

De kleine Joodse gemeenschap in Nederland – naar schatting 40 duizend mensen hebben één Joodse ouder – organiseert best veel: van sjoeldiensten tot jeugdkampen en van cursussen tot sportdagen. Maar het is vaak weinig zichtbaar. Joden uit bijvoorbeeld de VS die in Nederland wonen en bij Oy Vey rondlopen, moeten wennen.

De Joodse gemeenschap is ook in de VS klein, maar niet zo piepklein als hier en veel van de families woonden al voor de Holocaust in de VS. Culturele groepen dragen in Amerika meer uit wie ze zijn en het land is van religie doortrokken. De gemeenschap in Nederland is door het trauma van de Holocaust en door hedendaags antisemitisme op haar hoede.

Meer over die huiver wordt duidelijk tijdens gesprekken bij Oy Vey in het kader van het ‘Joods Manifest’, een stuk dat de organisatie wil opstellen en waarin moet staan wat Joden ‘nodig hebben om zich veilig en vrij te voelen’. Terugkerend is het verhaal van Joden die geen aansluiting kunnen vinden bij bestaande Joodse organisaties en die zich tegelijkertijd in hun niet-Joodse omgeving ongemakkelijk voelen, of ronduit kwetsbaar. Dat wordt versterkt door onbegrip, maar is vaak ingegeven door de eigen achtergrond.

Een student vertelt dat haar Jodendom thuis onder invloed van de oorlog is doodgezwegen. Pas sinds kort zegt ze weleens hardop tegen iemand dat ze Joods is. In de krant wil ze niet. Ze is een twintiger, bijna tachtig jaar na de bevrijding.

Peter Burger herkent het. ‘Mijn Joodse moeder zei zo min mogelijk over ons Joods-zijn. Zelfs als mijn vader er soms over begon, vermeed ze dat zo veel mogelijk. Misschien hoopte ze dat we zouden denken dat het niets bijzonders was. Zoiets als rood haar hebben, of een Franse achternaam.

‘Bij de Dodenherdenking zaten we netjes op een rijtje voor de televisie, maar mijn moeder heeft ons nooit verteld dat er familieleden van ons zijn vermoord. Als puber vroeg ik weleens: heeft echt iedereen het overleefd? Ja, zei ze dan.’

Pas in de laatste jaren van zijn moeders leven gingen zijn broer en hij op onderzoek uit en kwamen ze erachter dat er wel degelijk familieleden door de nazi’s waren vermoord. Hun moeder vertelde nog steeds nauwelijks iets. ‘Ik voelde me een soort rechercheur die haar verhoorde. Dat wilde ik niet. Zij had de Holocaust afgesloten door zo veel mogelijk te vergeten.’

Sindsdien is Burger zoekende. Voor zover Jodendom in zijn eigen leven een rol speelt, was dat tot voor kort uitsluitend door antisemitisme. Hij bestrijdt nepnieuws en komt daar dus veel van tegen, ook weleens tegen hem persoonlijk gericht.

Hij vertelt hoe het hem raakte toen hij eerder dit jaar op het station van Antwerpen door twee jongens van de internationale chassidische organisatie Chabad werd aangeklampt. Ze hielpen Joodse mannen ter plekke om gebedsriemen aan te leggen en te bidden, ook hem. ‘Ik zei dat ik geen Joods leven leid, maar dat maakte niet uit. Nu heb ik geen behoefte aan religie, maar dat ze me het gevoel gaven dat ik erbij hoorde deed me veel. Daar heb ik wel behoefte aan.’

Emma Harjadi Herman is wél met Joodse tradities opgevoed, maar ook zij praat niet makkelijk over Jodendom. Zelfs niet bij Oy Vey, dat zij als relatief veilig ervaart. ‘Als ik bijvoorbeeld Chanoeka vier, is dat betekenisvol en fijn. Maar zodra we meer beschouwend over Jodendom gaan praten, hangt er voor mij verdriet aan. Je kunt niet alleen maar bagels eten en er zorgeloos over doen. Joods zijn is onlosmakelijk verbonden met de ervaring van racisme en genocide.’

Harjadi Herman was al vroeg betrokken bij Oy Vey. Ze hoorde vanaf het begin van andere dertigers en veertigers dat ook zij het ingewikkeld vinden om een Joods leven in te vullen. ‘Ik heb geen behoefte aan georganiseerde religie, maar wel aan gemeenschap. Dankzij de sjabbat-etentjes die wij met elkaar hebben gehad, heb ik geleerd dat ik die identiteit niet in mijn eentje hoef vorm te geven. Dat is goud waard.’

‘Dat Joods zijn ook vrolijk kan zijn, feestelijk, dat spreekt me aan’, zegt Peter Burger.

Het is een beweging die zangeres Mirjam van Dam al heeft gemaakt en die ze terugziet bij haar zoon Manuel (19). Als tijdens een van de Oy Vey-bijeenkomsten flink wat aanwezigen zeggen dat ze het vervelend vinden om altijd maar bijzonder te worden gevonden, komt Manuel anders uit de hoek: ‘Ik vind het leuk dat ik als Jood bijzonder ben.’ De rest lacht.

Manuel legt uit: ‘Dat heb je misschien sowieso op mijn leeftijd. Maar ook als ik kijk naar alle bekende Joodse acteurs, muzikanten en wetenschappers in de VS, denk ik: leuk om daarbij te horen. Kijk, de Tweede Wereldoorlog is natuurlijk kut. Maar bijzonder zijn, bij interessante mensen horen én mijn familie: dat zijn mijn associaties met Jodendom. En die zijn dus allemaal positief.’

Hij wil zijn Joodse leven verder uitbouwen, onder meer door meer Joodse vrienden te maken.

Moeder Mirjam vindt het ‘grappig’ om te zien hoe luchtig Manuel over zijn afkomst praat. ‘Maar ik word ook een beetje bezorgd. Als je het zo trots uitdraagt, krijg je dan niks naar je hoofd geslingerd omdat mensen vooroordelen hebben?’

Manuel: ‘Het is niet zo dat ik voorbijgangers op straat in het gezicht schreeuw: IK BEN JOOHOODS! Maar waarom zou je je verschuilen voor reacties van anderen?’

Mirjam: ‘Mijn andere zoon was er eerst ook trots op, maar die werd op zijn school voor ‘vuile Jood’ uitgescholden. En het is ook mijn eigen angst. Zelf had ik lang geen zin in het Jodendom.

‘Mijn moeder was een onderduikkind dat bij niet-Joden opgroeide. Vlak voor haar 6de verjaardag is haar verteld: wij zijn niet jouw ouders en je eigen ouders zijn vermoord omdat ze Joods zijn, maar daar gaan we verder niet meer over praten. Daar is zij doodsbang van geworden en dus hield ze zich een leven lang koest, tot ze in de jaren negentig in aanraking kwam met andere onderduikkinderen.

‘Sindsdien is ze er juist veel mee bezig. Ze licht schoolklassen voor en heeft in de Duitse Bondsdag gesproken. Maar het ging bij haar dus wel veel over de oorlog. Aan de andere kant werd mijn vader, nadat hij van mijn moeder was gescheiden, heel vroom en dat probeerde hij ons op te dringen, dus dat was óók al geen prettige associatie.’

Twee dingen brachten verandering. ‘Ten eerste kwam Manuel als jongetje thuis van school met een verhaal over het kindeke Jezus, en toen dacht ik: dat is toch wel gek, dat hij dát leert en onze traditie niet. Toen heb ik mijn moeder gevraagd om voortaan de Joodse feestdagen met ons te vieren.

‘Het andere was dat ik werd gevraagd als zangeres voor een project over de Joodse elementen in de geschiedenis van de jazz. Sindsdien heb ik me steeds meer in Joodse muziek verdiept en heb ik zelfs een album met Jiddische jazz opgenomen. Ik treed nu ook weleens samen met mijn moeder op: zij spreekt en ik zing. Ik voel me verantwoordelijk om later het stokje van haar over te nemen. Wie moet de verhalen over de Shoah anders nog doorvertellen?’

Ook bij Jake Kravitz uit het Amerikaanse Columbus (Ohio) kwam het Joods bewustzijn met de tijd. Hij groeide op als zoon van een Joodse vader en een niet-Joodse moeder. ‘Maar pas toen ik via een studentenorganisatie andere Joden ontmoette, zette dat me aan het denken over religie, cultuur, afkomst en identiteit.’

Dat werd nog sterker toen hij een ‘Birthright’-reis maakte naar Israël: een gratis reis van tien dagen voor jongeren van 18 tot 26, vooral gefinancierd door private donoren, maar ook de Israëlische overheid betaalt mee. ‘Ik ging steeds meer over het Jodendom lezen. Aanvankelijk zag ik het alleen als religie, maar gaandeweg besefte ik dat ik deel uitmaak van een volk, een cultuur.’

Kravitz kwam naar Nederland om een deel van zijn studie personeelsbeleid in het buitenland te doen en zette zijn zoektocht door. Hij voelt zich prima op zijn plek bij meer gevestigde instituties zoals de Liberaal Joodse Gemeente, waar hij officieel Joods is geworden. Maar het bevalt hem ook bij Oy Vey, waar hij kan ‘sparren’.

‘Je leert van mensen met elk een eigen levenswandel. Sommige dingen zou ik zelf anders doen.’ Bij Oy Vey liep hij bijvoorbeeld mee in de Pride Walk achter een spandoek dat op een gebedssjaal leek. Kravitz is gay en beschouwt zichzelf als progressief, maar zegt: ‘Daar ben ik toch iets te traditioneel voor. Als het erop aankomt gaan Joodse waarden voor mij boven progressieve waarden.’

Het zijn, zegt hij, nuances. Hij wil de verschillen tussen Joden onderling niet uitvergroten en werkt liever aan één sterke gemeenschap.

Oy Vey manifesteert zich als onderdeel van de sociale rechtvaardigheidsbeweging. Het wil zich hard maken tegen antisemitisme, maar ook tegen elke andere vorm van discriminatie – van islamofobie tot validisme – én tegen onderdrukking, waaronder die van de Palestijnen.

Emma Harjadi Herman, in het dagelijks leven hoofd Educatie en inclusie bij het Stedelijk Museum in Amsterdam, voelt zich er ook om die reden thuis: ‘Ik heb mensen gevonden met wie ik niet alleen het Joodse deel van mijn identiteit kan delen, maar met wie ik ook andere belangrijke raakvlakken heb. We kunnen over van alles spreken en lachen en huilen. Dat is te gek!’

Ze legt uit – en dit is vóór de oorlog in Gaza en vóór de wereldwijde protesten – dat het niet altijd makkelijk is om als Jood onderdeel te zijn van de links-activistische beweging. ‘Kritiek op de staat Israël is niet hetzelfde als antisemitisme, maar soms raken die twee wel met elkaar verrommeld.

‘Als je naar een demonstratie gaat – voor vluchtelingen of vrouwenrechten, noem maar op – dan is de kans groot dat je daar een Palestijnse vlag ziet. Zoiets zie je niet voor het lot van de Oeigoeren. Dit bedoel ik niet als whataboutism. Dat het conflict tussen Israël en Palestina er zo uit wordt gepikt, daar zit de gedachte onder dat Joden meer aan te rekenen valt. En dat voelt soms onveilig voor me.

‘Ik ben bij demonstraties geweest waar ik blij was dat ik niet herkenbaar Joods ben. Er is weleens ‘Hamas, Hamas, alle Joden aan het gas’ geroepen waar ik naast stond. Terwijl ik óók wil dat de Palestijnen in vrede en vrijheid kunnen leven.’

Jake Kravitz is hier feller over. ‘Ik verwerp dat je je van Israël moet distantiëren om te worden toegelaten tot linkse kringen. Ik vind het een geprivilegieerde positie. Veel mensen die in Israël wonen, hadden geen andere optie. Hun ouders hadden de Holocaust overleefd of werden onderdrukt in landen in het Midden-Oosten. Je kunt heus kritisch zijn over Israël, dat ben ik ook, zolang je de legitimiteit van de staat maar niet ter discussie stelt.’

En dan wordt het 7 oktober. Mirjam van Dam vertelt dat ze ineens werd gebeld: of een optreden nog wel doorging. Ze zou in een theatertje zingen met veel vaste Joodse bezoekers. Het ging door, de vaste bezoekers waren er en, zegt ze: ‘Sommige Jiddische liedjes over pogroms van vroeger kwamen veel harder aan.’ Bij haar cd-presentatie, niet lang daarna, moest ze beveiliging regelen. ‘Het publiek begon van tevoren te bellen en vroeg erom.’

Zij en haar zoon Manuel vertelden eerder dat ze niet veel met Israël hebben. Mirjam voelt zich er nu tegen wil en dank bij ingedeeld. Manuel wordt ineens meer op Israël aangesproken, maar blijft opgeruimd: ‘Ik vind het niet zo ingewikkeld. Iedereen die met geweren schiet en met bommen gooit, daar ben ik tegen. En alle slachtoffers en mensen die voor vrede zijn, daar ben ik vóór.’

Wel heeft hij zijn plannen moeten wijzigen. Hij had uit nieuwsgierigheid ook op een Birthright-reis naar Israël gewild, maar dat gaat niet door. ‘Ik hoop het land ooit te bezoeken als het rustiger is. Maar niet meer op een reis waar de Israëlische regering iets mee te maken heeft. Die is mij te oorlogszuchtig.’

Emma Harjadi Herman vond het al best eng om in de krant te staan met een Joods onderwerp – ‘omdat er zo veel oordelen zijn’ – en die angst is alleen maar sterker geworden. Peter Burger zegt ‘toch ook wel met zijn eigen veiligheidsgevoel’ te zitten. ‘Want de dreiging met moord zie ik ook tegen Joden buiten Israël.’ Hij heeft nu nog sterker behoefte aan bijeenkomsten van Oy Vey.

Dat organiseert een wake, de eerste van een reeks. Om te rouwen. ‘Velen van ons zijn direct geraakt, hebben vrienden en familie daar’, vertelt oprichter Lievnath Faber. Een deel van haar familie komt uit een kibboets vlak bij Gaza die is ontruimd. ‘En niet iedereen ondervindt medeleven in zijn niet-Joodse omgeving.’

Anders dan gewoonlijk worden de tijd en plaats van de wake niet openbaar aangekondigd. De onbelemmerde nieuwjaarsviering in het Vondelpark lijkt ineens lang geleden.

Twee dagen na de aanval door Hamas brengt Oy Vey een statement naar buiten, tegen álle wreedheden ‘die niet met elkaar concurreren’. Jelle Zijlstra, actief lid, schrijft in een ingezonden stuk in Het Parool: ‘Als de strijd voor Palestijnse vrijheid een rechtvaardige strijd voor mensenrechten en tegen onderdrukking is, dan is Hamas niet de voorhoede waar je je achter wilt scharen.’

Nadat de Israëlische bombardementen op Gaza zijn begonnen, start Oy Vey een petitie voor een staakt-het-vuren, de vrijlating van gegijzelden en humanitaire hulp aan Gaza.

Niet iedereen voelt zich er nog bij thuis. ‘Mijn hart is gebroken voor alle vrienden in Israël’, zegt Kravitz. En hij heeft zich geërgerd: hij vindt dat mensen van Oy Vey Israël in persoonlijke berichten op sociale media te veel op één lijn hebben gesteld met terroristen van Hamas. Hij mag dan veel waarde hechten aan Joodse eenheid, nu zegt hij over de organisatie: ‘Ik ga daar nooit meer heen.’

‘We staan voor mensenrechten, juist vanuit de Joodse traditie’, zegt Faber. ‘Maar ik kan alleen maar empathie met hem hebben. We zijn nu eenmaal allemaal diep geraakt.’

Het Nederlands jodendom (de godsdienst) kent meerdere religieuze stromingen. De orthodoxe Portugees-Israëlietische Gemeente, opgericht in 1639 door uit Spanje en Portugal gevluchte Joden, is de oudste. Deze komt bijeen in de 17de-eeuwse ‘snoge’ in de oude Amsterdamse Jodenbuurt. Het eveneens orthodoxe Nederlands-Israëlitisch Kerkgenootschap is het grootst, met gemeenten in heel Nederland. Sinds de jaren dertig heeft Nederland ook liberale gemeenten, acht tegenwoordig. Vrouwen en mannen hebben daar gelijkwaardige rollen en er is een ceremonie voor partners van gelijk geslacht. Bij Beit Ha’Chidush (Huis van Vernieuwing) in Amsterdam kun je ook lid worden als je alleen een Joodse vader hebt.

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next