Afgelopen week kreeg Thierry Baudet een klap met een paraplu van een in België woonachtige Oekraïner. Het motief zal ongetwijfeld het verwerpelijke pro-Russische standpunt van Forum voor Democratie zijn; Baudet noemde de Russische dictator Poetin ‘mild’ en ‘een held’ en verkondigt in de Tweede Kamer bij voortduring Kremlinpropaganda. Het laat zich raden dat dat niet goed valt bij mensen die honderdduizenden landgenoten hebben verloren in die verschrikkelijke agressieoorlog.
Geheel politiek Den Haag kwam met een even begrijpelijke als haastige veroordeling van de paraplupeer, die, toen het een Oekraïner bleek te zijn, toch ook wat ongemakkelijk werd. Centristen zagen kans om een voorbarig ‘both sidesje’ te doen; zo wees oud-D66 Kamerlid Boris van der Ham naar antifascisten, ‘die juist met dit soort geweld hun eigen fascisme bevestigen’. Maar een meppende Oekraïner is wel even wat anders dan een Nederlandse antifascist, wiens grootste misdaad wellicht te weinig douchen is.
Over de auteur
Sander Schimmelpenninck is journalist, ondernemer en columnist van de Volkskrant. Eerder was hij hoofdredacteur van Quote. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier de richtlijnen van de Volkskrant.
Een problematische valse balans dus, in de wetenschap dat Baudet een dergelijk gratuit statement zonder twijfel ‘deugen’ zou noemen. Sterker nog, zijn partijgenoot Gideon van Meijeren zei eerder dat ‘het niet gezond is als er een taboe rust op het gebruik van geweld’ en wordt daarom door het OM vervolgd voor opruiing tot geweld tegen de overheid. Ik herhaal: een Tweede Kamerlid wordt momenteel vervolgd voor opruiing tot geweld tegen de overheid.
Meegaan in het misplaatste slachtofferschap van extreem-rechts is gevaarlijk. Extreem-rechts wil verwarren en verstrooien, omdat daarmee de grenzen vervagen en het plegen van strafbare feiten daardoor minder zichtbaar wordt. Een misplaatst slachtofferschap en daderschap is daarbij een godsgeschenk; Gideon van Meijeren tweette al gretig dat de mep ‘niet los te zien is van de toenemende demonisering’ en dat de échte haat en het daadwerkelijke geweld ‘ook nu weer’ uit de zogenaamd antifascistische hoek komt. Zo is de omdraaiing van de werkelijkheid weer eens compleet.
Deze infantiele strategie, die weinig meer behelst dan ‘wat je zegt ben je zelf’, is verbazingwekkend effectief in Nederland, een land van kleinburgers die elkaar graag met subjectieve normen de maat nemen, maar van de objectieve normen in een democratische rechtsstaat geen kaas hebben gegeten.
Oud-Kamervoorzitter Frans Weisglas, een andere centrist, tweette dat hij het ‘dubbel’ vindt dat ik een programma maak over de wetteloosheid van sociale media, want ‘ik zou er ook wat van kunnen’. Daarmee draagt hij bij aan normvervaging; hij wekt de suggestie dat polemiek of een vileine tweet van een columnist hetzelfde zou zijn als opruiing, laster of andere strafbare feiten. Zelfbenoemde fatsoenlijken vinden de eigen normen even belangrijk als de wettelijke normen, maar dat zijn ze natuurlijk niet; wat als beledigend, onfatsoenlijk of ‘schelden’ wordt ervaren, is subjectief.
Extreem-rechts is de agressor, maar weet zich dankzij de dominantie en normvervaging op sociale media te verkopen als slachtoffer. Maar gerechtvaardigde kritiek is geen ‘haatzaaien’ en een racist een racist noemen is geen laster. Dom-rechts als benaming voor een radicaal-rechtse stroming die het debat met jij-bakken en desinformatie debiliseert, beschrijft de zaken zoals ze zijn.
De vrijheid van meningsuiting wordt begrensd door het strafrecht, niet door geneuzel over de toon. Extreem-rechts wil het overschrijden van objectieve grenzen verbloemen door hun critici van het overschrijden van subjectieve grenzen te betichten. Er is een reden waarom troebel in het Engels trouble is geworden: wie meegaat in het vervagen van grenzen, laat zich voor het karretje van extreem-rechts spannen.
Source: Volkskrant