Heerlijkheden te over bij ontbijtcafé Milk Bakery in Jaffa, de hippe en etnisch gemengde voorstad van Tel Aviv. De bekende koffievarianten zijn te combineren met een keur aan banket, patisserie en rijkelijk belegde sandwiches. Alleen: steeds meer klanten houden het bij alleen een kop koffie. ‘Een broodje eten ze dan thuis, vanwege de kosten’, zegt eigenaar en chef-patissier Adi Keen (43). ‘De mensen houden het geld liever in hun zak.’
Na het uitbreken van de Gazaoorlog op 7 oktober zakte de omzet dramatisch in, met bijna 60 procent, maar een dalende trend was al langer gaande, zeker een jaar. Het afgelopen jaar, zo somt Keen op, zijn de prijzen van grondstoffen fors gestegen. Meel 17 procent, eieren 10 procent, verpakkingsmateriaal de laatste zes maanden alleen al 30 procent. Tekenend is dat zelfs basisproducten waarvan de regering de prijs doorgaans stabiel houdt, zoals melk en eieren, meegaan in de spiraal.
Over de auteur
Robèrt Misset is economieverslaggever voor de Volkskrant en schrijft met name over retail en horeca. Hij was eerder ruim dertig jaar sportverslaggever. Rob Vreeken is correspondent Turkije en Iran voor de Volkskrant. Hij woont in Istanbul. Daarvoor werkte hij op de buitenlandredactie, waar hij zich specialiseerde in mensenrechten, Zuid-Azië en het Midden-Oosten. Hij is auteur van Een heidens karwei - Erdogan en de mislukte islamisering van Turkije.
‘Ik word gedwongen de prijzen van mijn assortiment te verhogen’, zegt ze. ‘Maar dat heeft een grens. Een croissant kost nu 15 shekel (3,50 euro, red.). Dat was tot voor kort 13. Ik kan er niet zomaar 20 van maken, dan zou ik niets meer verkopen. Die 15 is echt het maximum.’ De speciale aanbiedingen heeft ze maar afgeschaft, gezien de krappe winstmarge. Geen ‘koffie met iets lekkers ernaast’ meer voor een schappelijk bedrag. ‘Dan zou ik er geld op moeten toeleggen, dat kan natuurlijk niet.’
De dagen sinds het begin van de Gazaoorlog zijn uiteraard extra zwaar geweest. De prijzen van grondstoffen zijn verder gestegen. Wat hier in Jaffa – met zijn strand en bouwkundig erfgoed – bovendien aantikt, is het stilvallen van het toerisme na 7 oktober. ‘Dat maakt in gewone tijden 30 procent van mijn omzet uit’, zegt Keen. ‘Ik heb er hooguit een paar buitenlandse journalisten voor teruggekregen.’
Hoe anders was het perspectief voor Israël voor de oorlog. In een land met 9,6 miljoen inwoners dragen de wapenindustrie, de chemische industrie, metaal en hightech en toerisme voor een groot deel bij aan het bruto binnenlands product van 500 miljard dollar (475 miljard euro). Daarmee is Israël niet alleen de grootste, maar ook de meest florerende economie in de regio.
Israël kan het zich dan ook veroorloven alle registers open te trekken in zijn strijd met Hamas. Maar drie weken oorlog hebben ook flinke gaten geschoten in de economie. Minister van Financiën Bezalel Smotrich erkent dat de huidige begroting van de regering in de prullenbak kan. Hij maakte woensdag bekend dat de oorlog het land per dag 246 miljoen dollar (233 miljoen euro) kost. En daarbij is de directe economische schade nog niet meegerekend.
De Bank of Israel heeft de voorspelde economische groei van 3 procent bijgesteld tot 2,3 procent voor dit jaar. De shekel is sterk gedevalueerd, 4,08 shekel is 1 dollar waard. Dat ondermijnt de kredietwaardigheid. Voor de internationale kredietbeoordelaar S&P Global reden om de vooruitzichten voor Israël bij te stellen van ‘stabiel’ naar ‘negatief’. Minister Smotrich noemt dat oordeel ‘alarmerend’.
Kristalina Georgieva, directeur van het Internationaal Monetair Fonds (IMF) constateerde onlangs dat de oorlog ook landen in de regio raakt, zoals Egypte, Libanon en Jordanië. Tijdens een congres in Saoedi-Arabië waarschuwde ze voor ‘vernietiging van economische activiteit’. Het conflict komt op een moment waarop ‘de groei traag en de rente hoog is, en de kosten voor het aflossen van schulden zijn gestegen als gevolg van covid’.
De Israëlisch-Nederlandse Jair Eisenmann, eigenaar van het Amsterdamse farmaciebedrijf PharmaMatch, keek drie weken geleden verbijsterd naar de beelden van de brute slachting door Hamas. ‘Het daalt nu pas in dat ik leef in een land in oorlog.’
Eisenmann (56) zag zijn woonplaats Jeruzalem veranderen in een spookstad. ‘Het openbare leven kwam abrupt tot stilstand, het toerisme viel weg. Restaurants en hotels zijn gesloten. Het lijkt wel alsof Jeruzalem weer in lockdown verkeert. Mensen durven de straat niet op. Mijn moeder van boven de 80 is bang dat ze niet op tijd thuiskomt als het alarm afgaat. Het is stil en leeg op straat.’
Rustig was het ook op een farmaceutische beurs in Israël, zegt Eisenmann. ‘Tot mijn verbazing ontbrak Teva, nota bene een van de grootste farmaceutische bedrijven in Israël. En dat zal niet alleen om veiligheidsredenen zijn geweest.’ Teva, dat 200 miljoen mensen in 60 landen van medicijnen voorziet, wil niet zeggen hoeveel Israëlische werknemers zijn opgeroepen als reservist.
Nu 300 duizend reservisten zijn opgeroepen kampt het bedrijfsleven in Israël met een gebrek aan personeel. Eisenmann: ‘Mijn huisarts is opgeroepen, voorlopig hoef ik niet te komen. De accountmanager van mijn bank? Ook opgeroepen. Je hoeft geen econoom te zijn om te concluderen dat dit enorme gevolgen heeft.’
De toch al bestaande arbeidskrapte laat zich nu extra voelen. Zo heeft de voor Israël belangrijke hightechindustrie, die veel jonge werknemers heeft, 15 tot 20 procent van het personeel aan het leger moeten ‘afstaan’. De Amerikaanse chipfabrikant Nvidia zag 12 procent van zijn ruim drieduizend werknemers in de Israëlische vestiging in Yokneam, op een uur afstand van de grens met Gaza, onder de wapenen gaan.
Zo’n 70 procent van de Israëlische techbedrijven en start-ups heeft al orders moeten uitstellen of schrappen, aldus The Times of Israel. Uit onderzoek van de Israëlische innovatie autoriteit (SNPI) blijkt dat werknemers ook wegblijven omdat ze door stress zijn bevangen en doordat de kinderopvang deels is weggevallen. In Tel Aviv staan de hijskranen stil op de bouwlocaties, want de meeste bedrijven kunnen geen beroep meer doen op Palestijnse werknemers uit Gaza. ‘Elke sector die handjes nodig heeft, ondervindt de gevolgen’, zegt Eisenmann.
De 82-jarige Leo Samuel leidt met zijn kinderen en kleinkinderen al bijna zestig jaar een chemisch-biologisch bedrijf in Israël, dat hij om veiligheidsredenen niet bij naam wil noemen. Het concern heeft meerdere Arabisch-Israëlische werknemers in dienst uit de regio groot-Jeruzalem. Samuel zegt ‘een zekere spanning’ te voelen op de werkvloer, al blijven de onderlinge verhoudingen goed. ‘Er wordt niet over politiek gesproken, niet door ons en evenmin door onze Arabisch-Israëlische medewerkers.’
Samuel werd geboren in de Tweede Wereldoorlog. Het is voor hem evident dat Hamas moet worden uitgeschakeld. Maar in zijn bedrijf stelt hij zich neutraal op. ‘Onze mening doet er nu niet toe, de politieke situatie is zo gecompliceerd dat het een bijna onoplosbaar probleem is.’
Eisenmann voorziet dat de oorlog minstens enkele maanden zal duren. ‘Iedereen in Israël, van links tot rechts, is ervan overtuigd dat Hamas gestopt moet worden. En ik vrees dat het kwaadschiks zal zijn, met enorme financiële consequenties.’
De voedselvoorziening komt vooralsnog niet in gevaar, zegt Liron Tamir, econoom bij de Israeli Dairy Board, die namens de regering de melkproductie reguleert. Maar de misdaden van Hamas op de boerderijen aan de grens met Gaza hebben de sector hard geraakt.
Geëmotioneerd vertelt Tamir over de moordaanslagen van Hamas waarbij tientallen melkveehouders en medewerkers op boerderijen werden doodgeschoten. ‘Hamas heeft definitief zijn masker afgeworpen door willekeurig medewerkers te vermoorden, maar ook boerderijen in brand te steken, tractoren te vernielen en koeien dood te schieten. Vele koeien kwamen ook om bij raketaanvallen door Hamas.’
Onder de doden bevonden zich onder anderen gastarbeiders uit Thailand. Hun landgenoten keerden na de dramatische gebeurtenissen op de boerderijen rond Gaza ijlings terug naar huis. ‘Vrijwilligers moeten de boerderijen die gespaard zijn gebleven draaiende houden’, vertelt Tamir. Bovendien stonden honderden koeien na de aanval van Hamas in een niemandsland. ‘We konden ze aanvankelijk niet bereiken om ze in veiligheid te brengen en te melken.’
De economie? ‘Down, down, down’, vat manager Avi Wilderman (55) van supermarkt City Market de toestand in Jaffa samen. ‘Niet alleen door de oorlog, de afgelopen zes maanden was het al slecht. De mensen hebben geen geld meer. Klanten die voorheen cash betaalden, gebruiken nu hun creditcard.’
Zijn buurman, de Arabische groenteboer Essam (59), geeft inzage in zijn huishoudboekje. Inkomen 20 duizend shekel (4.700 euro) per maand , hypotheek huis zesduizend shekel (1.400 euro), huur winkel zevenduizend shekel (1.640 euro). ‘Van de rest moet ik een gezin met vier kinderen onderhouden. En alles wordt duurder.’
Maar goed, hij behoort dan nog tot de middenklasse. Te doen heeft hij het vooral met veel van zijn klanten, die met minder moeten rondkomen. ‘Sommigen verdienen maar drieduizend shekel (700 euro) per maand. Ze lopen schulden op bij de bank, en die schuld wordt steeds groter. Het doet me pijn. Normaal vraag ik mijn klanten: ‘Hoe gaat het met je?’ Dat doe ik maar niet meer.’
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden