De ChristenUnie nam deel aan twee kabinetten die grote problemen als de wooncrisis en de toeslagenaffaire niet wisten op te lossen. Voor lijsttrekker Mirjam Bikker is het een spiegel die ze Den Haag wil blijven voorhouden. ‘We hebben te veel vertrouwd op de markt.’
‘Dat is voor ons wel even wennen. Maar ik zou willen werken aan een meer zorgzame samenleving. Dan moeten we als eerste het belastingstelsel veranderen. Dat is veel te ingewikkeld en brengt mensen in de problemen. Het moet rechtvaardiger, zodat mensen die de verdeling tussen werk en zorg anders willen, zich dat ook kunnen veroorloven. En zodat mensen die het minst verdienen ook goed kunnen rondkomen en niet in de problemen komen met toeslagen.’
‘De dienst is vastgelopen in de veelheid van regels en uitzonderingen die we met elkaar hebben bedacht. Dit probleem zal niet al in 2025 opgelost zijn, maar als we alleen maar zeggen ‘het kan niet’, dan komt er sowieso geen verandering.’
‘Het is eerlijk gezegd best confronterend hoe Nederland ervoor staat qua uitvoeringskracht, zoals bij het toeslagenschandaal en bij het Groningen-gasschandaal. Je kan dingen heel graag beter willen en dat beloven. Maar het is ook een zoektocht. Hoe doe je dat, en gaan mensen er ook echt op vooruit? Dat is, denk ik, een spiegel voor de hele politiek.’
‘Nederland heeft sinds 1994 met diverse paarse kabinetten een neoliberale koers gevaren die grote gevolgen heeft gehad voor hoe de overheid werkt: we hebben te veel vertrouwd op de markt. Daar plukken we nu de zure vruchten van. De ChristenUnie heeft de afgelopen zes jaar vaak geprobeerd om het beleid bij te sturen. Dat is soms gelukt en soms niet.’
In de aanloop naar 22 november interviewt de Volkskrant de lijsttrekkers over hun ideeën voor de toekomst van Nederland. Alle partijen die nu vertegenwoordigd zijn in de Tweede Kamer en die weer meedoen aan de verkiezingen, zijn uitgenodigd. Eerder in deze serie: Wybren van Haga (BVNL), Joost Eerdmans (JA21), Chris Stoffer (SGP), Thierry Baudet (FVD), Laurens Dassen (Volt), Lilian Marijnissen (SP).
‘Wij zijn een partij die niet wegloopt als dit land bestuurd moet worden, ook al wisten we dat het ingewikkeld zou worden. Als het gaat om de liberalisering van abortus: dat is een besluit geweest van de Kamer en niet van het kabinet. De ChristenUnie is dus geen voorstander van de huidige abortuswet, maar een meerderheid van de Kamer denkt daar nou eenmaal anders over (hierdoor is onder meer de verplichte bedenktijd van vijf dagen voor abortus geschrapt, red.). Met slechts 5 van de 150 zetels heb je beperkte invloed. Hoopvol is wel dat we elkaar vinden in de wens om het aantal abortussen terug te dringen. Daarover zijn voor het eerst afspraken gemaakt (hierdoor is onder meer anticonceptie voor vrouwen van 18 tot 21 jaar gratis geworden, red.).
‘Voor het legaliseren van onlinegokken geldt dat dit beleid is ingezet door Rutte II: het zijn echt de VVD en de PvdA geweest die samen die wissel hebben omgezet. De ChristenUnie heeft daar keer op keer juist tegen gewaarschuwd en helaas gelijk in gekregen.’
‘Ik werk graag samen met alle partijen van goede wil die onze ideeën dichterbij brengen. Met GroenLinks-PvdA konden we in dat debat concreet worden om de bestaanszekerheid te vergroten. Dan werk ik graag met ze samen. Met de VVD liep het juist spaak bij de migratie-onderhandelingen, waardoor het kabinet viel. Wij zijn een familiepartij en hebben sommige principes die niet te koop zijn.
‘Maar zo heb je met elke partij meningsverschillen die heel lastig te overbruggen zijn. Ik wil dus niet vooruitlopen op een favoriete coalitie. De ChristenUnie heeft in verschillende samenstellingen geopereerd. Balkenende IV was een centrum-links kabinet, Rutte III en IV waren centrum-rechts. Wij willen onze idealen realiseren. Dat kan in de coalitie, maar ook in de oppositie.’
‘We willen geen vluchtelingenquotum. We hebben het in Nederland ten onrechte alleen maar over vluchtelingen als we over migratieproblematiek spreken. Terwijl een groot deel van de problemen, zoals de druk op de woningmarkt en op voorzieningen, komt door arbeidsmigratie. Daarom moeten we als drukbevolkt land duidelijk zijn: welke arbeidsmigratie voegt nou wat toe en welke niet? Met deze ogen kijken we met interesse naar het Canadese migratiemodel.’
‘Daar kunnen we naar kijken, ja. We kunnen onderscheid maken tussen sectoren die iets toevoegen aan onze economie en welke niet. Voor een hightechbedrijf zoals ASML geldt dat zeker, maar wat voegen pakketbezorgbedrijven nou eigenlijk toe? Hoe hoog het quotum voor verschillende arbeidsmigranten moet worden, weet ik nog niet. Een staatscommissie buigt zich hier nog over.’
‘Ook daar moeten we naar kijken. We hebben nu opleidingen waar soms meer dan 50 procent buitenlandse studenten zitten. Zo zie ik de toekomst van ons onderwijsstelsel niet voor me.’
‘De ChristenUnie is een partij van barmhartigheid en rechtvaardigheid. Als iemand wordt vervolgd om zijn geloof en hij blijft in Iran en hij wordt vermoord; dat kan ik niet over mijn hart verkrijgen. Asielquota zijn bovendien niet conform de vluchtelingenverdragen waar Nederland een handtekening onder heeft gezet.’
‘Er zullen altijd vluchtelingen zijn, dus je kunt de instroom nooit helemaal inperken. Elke partij die iets anders beweert, belooft iets wat niet kan. Daar doe ik niet aan mee. Je kunt als Europese Unie wel afspraken met omringende landen maken over het aanpakken van de grondoorzaken van asielmigratie en het instellen van veilige aanmeldroutes.’
‘Als Europa dit goed organiseert met veilige aanmeldplekken aan de randen van Europa, dan wordt het ingewikkelder om in Nederland asiel aan te vragen, maar niet onmogelijk. Je moet in schrijnende gevallen hier direct terechtkunnen. Maar als we kijken naar mensen die zich nu aanmelden in Ter Apel, zien we ook dat velen al vele veilige landen doorkruist hebben. Daar moeten we ook eerlijk over zijn.’
‘Die keuze is aan hem.’
‘Ik ben jurist in hart en nieren, dus u kunt mij op een ander terrein terugverwachten.’
‘We belasten vermogens zwaarder. We bouwen de hypotheekrenteaftrek langzaam af. We pakken fiscale constructies aan waardoor sommige bedrijven nu nog nauwelijks winstbelasting betalen. Daarnaast willen we er via een wijziging van het belastingstelsel voor zorgen dat werken meer gaat lonen.’
‘In de doorrekeningen en de koopkrachtplaatjes zien onze plannen er goed uit voor normale gezinnen. Dat is bewust, want wij willen dat een normaal gezin met tieners om de keukentafel gewoon alles goed kan betalen.’
‘Eerlijk gezegd is er door de kabinetten vóór ons niet goed geïnvesteerd in de woningmarkt. Er was zelfs een VVD-woonminister die in 2017 zei dat de woningmarkt af was. We plukken daar nu de vruchten van die niet oké zijn. Wij hebben een verandering ingezet door de regie over de volkshuisvesting weer naar Den Haag toe te trekken en door woningbouwcorporaties meer ruimte te geven om te investeren.’
‘Je mag eerlijk aangeven wat je wilt en daar ook keihard naar streven.’
‘Stikstof is hierin niet de allergrootste rem. Het probleem moet wel worden opgelost, maar dat is vooral om de natuur te herstellen.’
‘Nee, niet verplicht. Veel boeren weten heel goed dat veranderingen nodig zijn. Er moet gekeken worden hoe we de toekomst van de landbouw op een goede manier vormgeven.’
‘Ik hoop zo snel mogelijk, maar ik heb nu geen jaartal paraat. Ja, we zien nu dat vooral mensen met een leaseauto makkelijk de omslag naar elektrisch rijden maken. Dat moet de overheid zich realiseren. Zeker is dat wij voor een rechtvaardig klimaatbeleid zijn. Dus dat iedereen kan meedoen. Dat vraagt om investeren. Je hebt ook tijd nodig, want als we allemaal op één dag alles elektrisch gaan doen, dan kan ons netwerk dat op dit moment niet aan.’
‘Dit is precies de reden waarom we minimaal 2 procent van onze overheidsbegroting moeten investeren in defensie, zoals veel andere Navolanden doen. Europa heeft te lang geleefd vanuit de veronderstelling dat we onder de beschermende paraplu van Amerika konden schuilen. De Europese Unie moet samen met de Britten werken aan een defensiebeleid dat hierin niet naïef is.’
‘Daar wil ik nu nog niet op vooruitlopen. Want ik hoop dat Navobondgenoten juist in deze dreigende periode zullen opstaan voor democratie en vrijheid. Inclusief Amerika dus.’
‘Ik hoop op een tijd waarin we meer tijd hebben om voor elkaar te zorgen en om naar elkaar om te kijken. Dat we niet 24/7 rondrennen en aan elkaar vragen of de ander wel voltijd werkt. Dat we allen bestaanszekerheid hebben en een hoopvolle toekomst.’
Source: Volkskrant