Terwijl de ogen van de wereld gevestigd zijn op Gaza, is er een sluimerende strijd gaande tegen Amerikaanse troepen in het Midden-Oosten. De voorbije week werden Amerikaanse legerbases in zowel Syrië als Irak vrijwel dagelijks bestookt met raketten en bewapende drones. Doden zijn daarbij niet gevallen, wel 24 gewonden aan Amerikaanse kant. Het gaat om acties van sjiitische milities in Irak die onderdeel uitmaken van de door Iran gesteunde ‘as van het verzet’. Naast de luchtmachtbasis bij Erbil (Noord-Irak) is ook de basis nabij Tanf, vlak over de grens in Syrië, een belangrijk doelwit.
De logica achter de luchtaanvallen is simpel: Amerikaanse betrokkenheid bij de Gaza-oorlog wordt niet getolereerd. Dat was ook de boodschap op berichten-app Telegram in het eerste weekend van de oorlog. ‘Mocht Amerika zich direct met dit conflict gaan bemoeien’, zo stond er in een bericht van 8 oktober, dan wordt iedere Amerikaanse basis automatisch een ‘legitiem doelwit’. Afzender: de Iraakse groepering Kataib Sayyid al-Shuhada, die nauwe banden onderhoudt met de Iraanse Revolutionaire Garde.
Over de auteur
Jenne Jan Holtland is correspondent Midden-Oosten voor de Volkskrant. Hij woont in Beiroet, en is auteur van het boek De koerier van Maputo (2021).
Naast Iran en een handvol Iraakse milities zoals deze, zijn ook Syrië, het Libanese Hezbollah en de Jemenitische Houthi-regering lid van de ‘as van het verzet’. Ze springen in de bres voor hun bondgenoot Hamas en voor de Palestijnse zaak in het algemeen. Voorlopig doen ze dat met speldeprikken, maar daar hoeft het niet bij te blijven. Afgelopen weekend onderschepten de Amerikanen naar eigen zeggen drie langeafstandsraketten, afgevuurd vanuit Jemen, mogelijk met Israël als eindbestemming. ‘Wanneer de misdaden van het zionistische bewind doorgaan, zullen islamitische verzetskrachten ongeduldig worden’, zo waarschuwde de Iraanse opperste leider, ayatollah Ali Khamenei. De Amerikanen noemde hij ‘onmiskenbaar medeplichtig’.
Zijn woorden onderstrepen een reëel risico: de oorlog die zich nu nog grotendeels beperkt tot Israël en de bezette Gazastrook, kan escaleren tot een uitslaande regionale brand, waarbij de ‘as van het verzet’ tegenover Israël, de Verenigde Staten en een aantal pro-Amerikaanse Golfstaten (Saoedi-Arabië, Verenigde Arabische Emiraten) kan komen te staan. In een poging de gemoederen te bedaren, belde de Amerikaanse minister Lloyd Austin (Defensie) begin deze week met de Iraakse premier Mohammed Shia al-Soudani. Op militair vlak hebben de Amerikanen niet teruggeslagen.
Washington krijgt het verwijt van inmenging vanwege zijn onvoorwaardelijke steun aan Israël, maar ook omdat er – ter afschrikking – twee vliegdekschepen naar de Middellandse Zee zijn gestuurd, plus tweeduizend mariniers. Ook hebben de Amerikanen hun raketafweersystemen in de regio in staat van paraatheid gebracht. Ze zijn met 900 militairen aanwezig in Syrië en met zo’n 2.500 in Irak – restanten van hun strijd tegen Islamitische Staat.
Voor de Israëliërs is het duidelijk wie er schuld draagt. Zij wijzen naar Iran, dat de milities als een kwaadaardige poppenspeler zou aansturen. Is dat beeld terecht? Nee, zegt Iran-kenner Ali Vaez, verbonden aan de International Crisis Group. ‘Het is niet zo dat Teheran dicteert wat die groepen moeten doen. Ze zijn geworteld in hun lokale gemeenschap en hebben hun eigen grieven en geschiedenis.’ Wel levert Iran doorgaans geld en wapens. Teheran heeft invloed, aldus Vaez, geen controle. Een wezenlijk verschil.
Als voorbeeld noemt hij Hamas, waar de Iraniërs een tamelijk losse relatie mee hebben. Elf jaar geleden konden beide partijen niet met elkaar door één deur, toen Hamas in Syrië partij koos voor de opstandelingen en dus tegen president Assad (een bondgenoot van Teheran). Hun religieuze achtergrond is bovendien verschillend: Hamas is soennitisch en niet sjiitisch zoals Iran. Ook de Houthi-regering in Jemen laat zich niet zomaar sturen. ‘Adviezen van Teheran slaan ze vaak in de wind’, zegt Vaez.
Duidelijk is ook dat Iran geen zin heeft om zelf bij de oorlog betrokken te raken. Niet alleen vanwege de binnenlandse economische crisis en de gebrekkige steun onder de eigen bevolking, maar ook omdat een confrontatie met Amerika simpelweg te riskant zou zijn. ‘Ik heb recentelijk een paar Iraanse functionarissen gesproken’, vertelt Ali Taher Alhammood, directeur van de in Bagdad gevestigde denktank Al-Bayan Center. ‘Ze willen vermijden dat de oorlog zich naar hun grondgebied uitbreidt.’
Omdat Iran zich vierkant achter Hamas heeft geschaard, zit het straks met een dilemma. Mocht Hamas in de Gazastrook ernstig verzwakt (of vernietigd) worden, dan moet Iran ‘antwoorden’ om gezichtsverlies te voorkomen. Zo’n antwoord zal er waarschijnlijk uit bestaan dat Hezbollah, als sterkste bondgenoot van Iran, vanuit Libanon met meer raketten terugslaat. Dat zou tot een ‘tweede front’ met Israël en de VS kunnen leiden. Het zou hoog spel zijn. Vaez vraagt zich af of Iran dat risico wil nemen. ‘Hezbollah is hun kroonjuweel, dat willen ze niet kwijtraken.’
In de tussentijd kunnen Iraakse milities speldeprikken blijven uitdelen, zonder zich veel van landsgrenzen aan te trekken. Ter illustratie: de baas van het reeds genoemde Kataib Sayyid al-Shuhada, de Irakees Abu Ala al-Walai, dook onlangs op in zuidelijk Libanon, zij aan zij met een groep Hezbollah-strijders. Hij kwam een kijkje nemen aan de grens met Israël, en plaatste prompt een foto op zijn Telegram-kanaal.
Aan weerszijden worden er grote woorden gebruikt en de kans op een ‘tweede front’ met Hezbollah is reëel. Heel anders is dat in Irak, waar de ‘as van het verzet’ het – voorlopig althans – bij speldeprikken laat. De Amerikaanse ambassade in Bagdad, een logisch doelwit, is bijvoorbeeld gespaard gebleven. Maandag veroordeelde de Iraakse premier Soudani de raketaanvallen. Hij wil niet dat de Amerikaanse troepen uit zijn land vertrekken en kan niet zonder de politieke steun van Washington. Irak kampt met inflatie en de eigen dollarreserves liggen opgeslagen in de VS, wat de afhankelijkheidsrelatie nog groter maakt.
Daar staat tegenover dat het centrale gezag in Irak extreem zwak is. Toen Soudani’s voorganger de milities probeerde in te dammen, kreeg hij een drone-explosief op zijn woonhuis. Op straat is de woede over het Israëlische en Amerikaanse optreden enorm, waardoor de premier het zich niet kan veroorloven al te pro-Amerikaans te klinken. Het is een delicate balanceeroefening die alleen maar ingewikkelder zal worden bij een invasie van Gaza.
Geen van de betrokken partijen (Amerika en Israël incluis) stuurt aan op een grote, regionale oorlog, zo concludeert Vaez (Crisis Group). ‘In die zin lijkt de situatie op 1914, aan de vooravond van de Eerste Wereldoorlog. Niemand wilde oorlog en toch kwam die er. Het is te hopen dat het niet zover komt.’
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden