Ze is hoogzwanger als ze met haar gezin verhuist van Utrecht naar Apeldoorn. Vanwege haar hoogrisicozwangerschap wordt ze om de paar dagen gecontroleerd in het Gelre ziekenhuis, dat de controles overneemt van het Utrechtse Wilhelmina kinderziekenhuis. Voor de zorg ná de bevalling, ook voor haar pasgeboren baby, gaat ze op zoek naar een nieuwe huisarts. Na zeventien telefoontjes beseft ze dat dit in Apeldoorn een bijna onmogelijke opgave is.
In het postcodegebied waar het gezin woont, nemen huisartspraktijken geen nieuwe patiënten aan. Hierbuiten doet een enkele praktijk dat wel, maar alleen van mensen uit hetzelfde postcodegebied. De vrouw neemt contact op met haar zorgverzekeraar. Die heeft tenslotte de plicht toegang tot zorg te organiseren binnen een redelijke tijd en reisafstand.
Over de auteur
Danka Stuijver is huisarts en columnist van de Volkskrant. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Het zorgteam van verzekeraar CZ gaat voor haar op zoek. Net voor de uitgerekende datum komt het verlossende telefoontje: er is een huisartspraktijk gevonden waar het voltallige gezin zich mag inschrijven. Eind goed, al goed. Maar dat geldt lang niet voor iedereen.
Het zorgteam van verzekeraar CZ gaat voor haar op zoek. Net voor de uitgerekende datum komt het verlossende telefoontje: er is een huisartspraktijk gevonden waar het voltallige gezin zich mag inschrijven. Eind goed, al goed. Maar dat geldt lang niet voor iedereen.
Ik hoorde van dit geval, nadat haar vorige huisarts een soort contactadvertentie had geplaatst in een WhatsApp-groep met 340 huisartsen uit heel Nederland. Er klonk veel bijval van collega’s. ‘Ik heb een patiënt die is verhuisd van Nieuwegein naar Heerenveen die ook nergens terecht kan.’ Een andere collega: ‘Heeft iemand plek voor een 37-jarige man in de omgeving Druten?’
De meneer uit Druten was niet bezig geweest met het vinden van een huisarts. Pas toen hij, recent, en dokter nodig had, moest hij via het portaal van zijn zorgverzekeraar uitzoeken wie zijn huisarts was. Die bleek ruim een uur reizen verderop te zitten. Waarop de zorgverzekeraar de man voorstelt zich in te schrijven bij een onlinepraktijk. Daarmee wordt op papier voldaan aan de zorgplicht. De man slaat het voorstel af. ‘Ik ben een it’er, ik ben voorstander van het zoveel mogelijk online regelen, maar voor huisartsenzorg wil ik naar een huisarts kunnen. Dan maar een uur rijden.’
Tv-programma Radar berichtte onlangs over de groeiende groep Nederlanders die geen toegang heeft tot fysieke huisartsenzorg. Dat gaat niet alleen om mensen die niet staan ingeschreven bij een huisarts, de zogenaamde NONI’s (niet op naam ingeschrevenen), maar ook om mensen die na een verhuizing geen nieuwe huisarts kunnen vinden. Ook voor hen is laagdrempelige toegang tot zorg een utopie geworden, omdat ruim tweederde van de huisartspraktijken een patiëntenstop hanteert.
Dus zul je zomaar een halve dag vrij moeten nemen om je urine te laten nakijken op een blaasontsteking. Of word je noodgedwongen verwezen naar het nabijzijnde ziekenhuis voor een ingegroeide teennagel. Dit laatste overkwam een man die door deze ontstoken teen niet in staat was anderhalf uur te reizen naar zijn huisarts. Uiteindelijk verwees die hem naar een chirurg dichtbij. De man was dankbaar en opgelucht. Tot hij de rekening voor het ingreepje kreeg: het had hem het volledige eigen risico gekost. Het is de vraag of dat terecht is.
Een oud-student van de Universiteit Twente, David Versteegen, maakte vorig jaar de website huisartsloos.nl. Daarmee wilde hij inzichtelijk maken welke praktijken open zijn voor nieuwe patiënten, en ook de mismatch tussen patiënten en praktijken aanpakken. Na gesprekken met de Nederlandse Zorgautoriteit, zorgverzekeraars, beroepsverenigingen en regionale huisartsorganisaties, leerde hij dat na het aanvankelijke enthousiasme, niemand zich verantwoordelijk voelde voor het probleem noch voor de oplossing. De website is een stille dood gestorven.
Ik vrees dat we België achternagaan. Daar heeft de huisarts geen poortwachtersfunctie. Dat betekent dat iedereen ook zonder verwijzing naar een medisch specialist mag. Aangezien Nederlandse huisartsen op dit moment 95 procent van de zorgvragen beantwoorden voor slechts 5 procent van het totale zorgbudget, zal het wegvallen van die poortwachtersfunctie leiden tot hoge zorgkosten en ellenlange wachtlijsten.
Je kunt stellen dat wanneer er geen poortwachters zijn, de poort naar het ziekenhuis niet gesloten kan blijven. Dat pikten de Belgen namelijk niet, en dat zullen Nederlanders ook niet lang meer accepteren. Waarom zou je tenslotte elke maand de verplichte zorgpremie betalen als je toch geen toegang hebt tot (basis)zorg?
Source: Volkskrant