Home

Opinie: Oppassen op de kleinkinderen, mag oma wel ‘nee’ zeggen?

Kleinkinderen zijn voor veel grootouders het mooiste wat er bestaat. Fijn dus als je ze vaak kunt zien. Toch kan het behoorlijk ingewikkeld zijn als je kleinkinderen ook jouw zorg zijn. Er wordt een steeds dringender beroep op werknemers gedaan om meer uren te werken, ook als ze kinderen hebben. En het combineren van ouderschap en werk is nog steeds ingewikkeld. Geen wonder dus dat opa’s en oma’s inspringen, zij kennen geen sluitingstijden en zijn in principe altijd beschikbaar, soms zelfs ’s nachts.

Over de auteur
Mieke van Stigt is socioloog en pedagoog.

Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.

Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.

Uit onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau blijkt dat meer dan de helft van de werkende ouders een regeling heeft waarbij grootouders een rol spelen, al dan niet in combinatie met formele opvang. En volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek zijn werkende ouders die uitsluitend gebruik maken van formele kinderopvang in de minderheid. Op het gebied van zorgende grootouders is Nederland zelfs een van de koplopers in Europa: alleen in Ierland passen grootouders vaker op. Overigens wordt in onderzoek en artikelen telkens over ‘grootouders’ geschreven, terwijl het in de praktijk vooral om oma’s gaat, al dan niet bijgestaan door opa’s. Maar exacte cijfers ontbreken omdat niemand die vraag lijkt te stellen.

De meeste grootouders passen graag op, blijkt uit een onderzoek van RTL Nieuws. Maar het is niet voor iedereen ideaal. Soms heeft oma zelf werk, of gewoonweg teveel kleinkinderen. Of ze is te ziek, of te oud. En de kinderen wonen lang niet altijd in de buurt, in een artikel op Nu.nl vertellen oma’s hoe ze voor dag en dauw anderhalf uur moeten reizen naar de woonplaats van hun kinderen, om ’s avonds laat weer terug te rijden. Zo maken ze dagen van meer dan 12 uur en vele kilometers. Ouders zijn zich dit vaak wel bewust, maar zien geen andere oplossing.

In een opiniepanel-onderzoek van EenVandaag blijkt dat de kosten van reguliere opvang in meer dan de helft van de gevallen een rol spelen. Ook zijn grootouders veel soepeler bij ziekte van het kind, of bij onregelmatige werktijden. Daarnaast is er het emotionele aspect: grootouders zijn vertrouwder en de opvang thuis is minder belastend voor het kind dan lange dagen op de crèche.

Voor grootouders kan het lastig zijn om hun eigen grenzen te bewaken. Je wilt er immers zijn voor je (klein)kinderen, je wilt ze graag zien en je houdt van ze. ‘Nee’ zeggen kan opgevat worden als afwijzing, of betekenen dat je ze minder vaak ziet. Tegelijk kan het oppassen loodzwaar zijn, zeker bij hele kleintjes, of als het om meerdere kleinkinderen gaat, of om meerdere gezinnen.

Ook andere aspecten kunnen lastig zijn: kun je een vergoeding vragen, of kritiek hebben op de opvoeding of de staat van het huishouden? In het opiniepanel van EenVandaag gaven meerdere grootouders aan dat ze ruzie met hun kinderen krijgen als ze minder willen oppassen. Twintig procent van de respondenten voelt zich verplicht om op te passen, terwijl eenderde aangeeft hun kinderen niet te willen teleurstellen. Een op de zes vindt het oppassen zwaar en een kwart ziet er wel eens tegenop.

Het Steunpunt Mantelzorg krijgt regelmatig telefoontjes van overbelaste grootouders. De nieuwe sandwichgeneratie is volgens het steunpunt de groep van zestigers en zeventigers die de zorg voor partners, familieleden en oudere ouders moeten combineren met het oppassen op de kleinkinderen. Hun advies is dan om vaker ‘nee’ te zeggen tegen de kinderen, het is immers de verantwoordelijkheid van ouders om oppas te regelen.

Maar zo eenvoudig ligt dat natuurlijk niet. Schooldagen sluiten nog steeds niet aan op werkdagen, nog afgezien van vakanties, studiedagen, zieke kinderen of zelfs zieke leerkrachten. De huidige kwaliteits- en personeelsproblemen in de kinderopvang dragen niet echt bij aan de bereidheid of mogelijkheid voor ouders om de puzzel van werk en opvang rond te krijgen.

Zo zijn grootouders (lees: zo is oma) de sluitpost geworden van het Nederlandse emancipatiebeleid, waarbij de zorg voor kinderen en eisen vanuit scholen en arbeidsmarkt nog steeds niet op elkaar aansluiten. Want nog steeds geldt in Nederland dat (in de woorden van schrijver Anja Meulenbelt) ‘vrouwen moeten werken alsof ze geen kinderen hebben en hun kinderen verzorgen alsof ze geen werk hebben’. Met als gevolg dat de thuisblijfmoeder nu vaak de thuisblijf-oma is, die na haar eigen gezin en steeds vaker ook na of naast haar werk, opnieuw aan de bak kan − tegen een lage of geen vergoeding.

Op het gebied van emancipatie is de oppas-oma dus bepaald geen vooruitgang. De overheid moet eindelijk eens beseffen dat je geen structureel arbeidsmarkt- en/of emancipatiebeleid kunt bouwen op de schouders van onbetaalde oudere vrouwen. Want het is fijn als oma er is, maar ze moet ook gewoon oma kunnen zijn, op een manier die haar past. En dus ook gewoon eens ‘nee’ kunnen zeggen.

Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next