Home

Het lijden dat blijft

Het lijkt zo’n wijs versje: De mensch lijdt dikwijls het meest/ Door het lijden, dat hij vreest; Doch dat niet op komt dagen;/ Zo heeft hij meer te dragen/ Dan God te dragen geeft.

De schrijver van dit puntdicht waarvan alleen de eerste twee regels beroemd zijn gebleven, was predikant Jacobus Revius (1586 – 1658). Zijn oeuvre kan gereduceerd worden tot die twee regels – het lijkt weinig, maar hoeveel dichters zouden er niet voor willen tekenen?

Mijn vraag is of die twee regels wel zo wijs zijn als ze lijken. Als ik alleen al afga op het alomtegenwoordige lijden in de afgelopen dagen, lijkt het er vooral op dat de mens terecht vrees heeft voor dat lijden. Het komt wel degelijk steeds en overal „opdagen’’, die God van Revius kan maar niet genoeg krijgen van het uitdelen ervan.

Ik doel nu niet alleen op het lijden in Israël en haar Gazastrook, maar tevens op allerlei andere vormen van hedendaags lijden, hoe futiel ook, vergeleken met de eerstgenoemde gruwelen. Ook de ontslagen Ajax-coach Maurice Steijn moet geleden hebben onder het onvermijdelijke.

Wat betreft Israël vroeg ik me eerder op deze plek af wat het land nog wél mag doen om zichzelf te verdedigen. Een eenduidig antwoord kreeg ik niet, ook niet van mezelf, maar wel werd pijnlijk duidelijk – van Biden tot Rutte – wat Israël niet langer mag blijven doen: het afsluiten en kapot bombarderen van een stukje land („tweemaal Texel”) waarop ruim twee miljoen mensen radeloos zitten opgesloten.

Het is de vraag of Israël dat nog lang zal blijven doen, want ik voel daar aarzeling, al vanaf de dag dat ze een grondoffensief „wegens het slechte weer” uitstelden. Willen de Israëlische politici misschien meer dan de militairen verstandig vinden?

Een vorm van voorspelbaar lijden ondergaan nu ook de Joden buiten Israël, omdat de oorlog met Hamas een begeerd alibi is voor de antisemieten onder ons. Joodse scholen moeten omwille van de veiligheid dicht en keppeltjes áf; het ontbreekt er nog maar aan dat iemand met enig gezag in het openbaar durft te opperen dat „Hitler toch wel ergens een punt heeft gehad”. Vooral de helden van populisten hebben vaak dat soort punt.

Al dat, sorry Revius, volkomen terecht gevreesde lijden kreeg voor mij een extra dimensie toen ik een schapenherder in Brabant sprak. Mijn hoofd bonsde nog van het lijden in Israël, terwijl ik hem argeloos vroeg hoe het met hem en zijn schapen ging. Kalm informeerde hij of ik bekend was met het blauwtongvirus. Ik bekende beschaamd dat ik er niet „het fijne’’ van wist. (Het informatieve artikel van Thijs Kuiken in NRC van zaterdag had ik nog niet gelezen.)

Geduldig legde hij me uit wat er onfijn was aan de situatie van Nederlandse schaapherders. Hun schapen sterven als vliegen (ja, dat kan) aan een virus waartegen nog geen vaccin bestaat.

Elke dag dat je als herder je schapen opzoekt, kan je ze stervend aantreffen. Hem was het nog niet overkomen, maar veel van zijn collega’s, overal in Nederland, wél. Hij gebruikte er geen grote woorden voor, maar het was een kwellend besef, begreep ik.

Verdienen die twee regels van Revius zo langzamerhand niet een ingrijpende aan

passing? Ik stel voor: De mens denkt dikwijls vooral/ aan het lijden dat blijven zal.

Source: NRC

Previous

Next