Het koninklijk echtpaar is naar Zuid-Afrika voor een staatsbezoek. Woensdagochtend landden ze in Pretoria, niet met één privévliegtuig maar met twee. De verklaring daarvoor was dat de ministers eigen vervoer nodig hadden in geval ze met spoed weg moesten, maar iedereen kon de Maxwil horen zeggen: „Wij gaan echt niet met al die sloebers in een vliegtuig. Doei. Die vlucht duurt tien uur.” Na aankomst hoefden ze niet meteen door naar president Ramaphosa. Die had wat beters te doen dan te buigen voor de vroegere bezetter, dus zaten Wimlex en Máxima op hun kamer. Zij keek op haar tablet. Hij verveelde zich. „Wat ben je aan het kijken?” Máxima reageerde niet. „Zit je naar de Tweede Kamer te luisteren?”
„Ze hebben het over jou.”
„Wat nou weer.”
„Misschien krijg je een functie.” Wimlex luisterde even mee.
„Nee, hè. Niet die verkennersrol. Daar zijn we net vanaf.”
„Je hebt meegekregen dat Timmermans en Klaver je willen opheffen?”
„Knabbel en Babbel, die gaan echt niet winnen.”
„Als verkenner wordt de koning weer relevant.”
„Ik ben hartstikke relevant.”
„Zit jij bij een president op de thee? Nee. Een reservaat mogen we bezoeken.”
„Is toch veel leuker? Pieuw Pieuw.” Wimlex maakte schietgebaren.
Máxima zweeg. Door de suite klonk het debat dat in Den Haag speelde. „Hebben ze het nou over Temptation Island?”, vroeg Wimlex.
„Is analogie. Omtzigt begon ermee. Hij had het ook over Klaver aan de mast vastbinden.”
„Wat betekent klaver aan de mast?”
„Die van GroenLinks.”
„Oh, zo… Waarom moet ik ineens verkenner zijn? Weet je hoelang dat duurt?”
„Minimaal veertien dagen, maximaal eenentwintig.”
„Veel langer.”
„Zeiden ze net.”
„Wie heeft dit bedacht? M’n moeder zeker.”
„De kroon moet relevant blijven en met haar tijd mee.”
„Ik heb Tiktok. Zij niet. Verkenner… man, man. Weet je wat een gezeik dat is? ‘Ik wil niet met die. Ik wil niet met deze. Jank. Jank.’ Kijk ik nog liever naar Temptation Island.”
„De koning staat boven de partijen.”
„Naast Mark, ja.”
„Mark doet niet meer mee.”
„Oh, ja, vergeet ik steeds. Je ziel dus.”
„M’n wat?”
„Je ziel dus. Ezelsbruggetje voor Yesilgöz. Ik kan die naam maar niet onthouden.”
’s Middags ging het echtpaar naar het reservaat. Toen bleek dat Wimlex er geen dieren mocht doodschieten vond hij er niks meer aan. ’s Avonds belde Beatrix. „De Kamer heeft negatief besloten”, zei ze.
„Wat ontzettend jammer”, zei Máxima.
„Hoi ma! We zijn in Afrika!”
Máxima’s gezicht klaarde op: „Kan ik niet de verkenner zijn?”
„Jij?” vroeg Beatrix.
„Mijn vader is minister geweest. Ik kreeg politiek met een paplepel, ik kan dat wel.”
„Eh…”
Source: NRC