Op een pleintje aan de Smijerslaan in Utrecht bloeien felgele bloemen tussen honingbomen en picknicktafels, waarop rond het middaguur een zwerm studenten neerstrijkt. Ze komen vanuit het omringende gebouwencomplex van Nimeto, een mbo-vakschool ‘voor creatieve ruimtemakers’, van etalagebouwers tot restaurateurs en schilders – je herkent ze aan hun witte broeken. Happend in broodjes gaan ze in groepjes in de zon zitten.
Zo vanzelfsprekend als dit tafereel oogt, is het niet; tot een paar maanden geleden was dit groene plein een stenige parkeerplaats. De metamorfose die de buitenruimte heeft ondergaan, is het sluitstuk van de grootscheepse renovatie van Nimeto. De aanleiding voor de renovatie was meerledig. Het oorspronkelijke gebouw uit 1968 was door veelvuldig verbouwen en uitbreiden tot een ruimtelijke ratjetoe verworden.
‘De sfeer was weliswaar goed’, vertelt directeur Henk Vermeulen. ‘Onze studenten zijn creatief, ze hadden het gebouw met kleur en allerhande bouwsels naar hun hand gezet. Maar achter de gipswandjes was van alles mis.’ Onder het niet geïsoleerde dak werd het ’s zomers loeiheet, ’s winters ijskoud, en het lekte. Sommige lokalen hadden geen raam of ventilatievoorziening, en ook de brandveiligheid was niet op orde. Daarbij had de school extra ruimte nodig voor het groeiende leerlingenaantal.
Het zijn problemen waarmee talloze scholen kampen. In september deden de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en de onderwijskoepels een dringend beroep op het demissionaire kabinet om jaarlijks minstens 1,2 miljard euro te reserveren voor renovaties en vernieuwingen van schoolgebouwen. De helft van de 9.300 scholen is aan vernieuwing toe, maar projecten komen moeilijk van de grond.
Ook bij Nimeto ging het moeilijk, tot directeur Vermeulen in 2017 per toeval een lezing bijwoonde van architectuurhistoricus Wilma Kempinga. Ze sprak over haar stichting Mevrouw Meijer, die zich inzet voor de renovatie van naoorlogse schoolgebouwen. In Nederland zijn dat er naar schatting vijfduizend.
‘Veel schoolbesturen zijn geneigd gedateerde gebouwen te slopen voor ‘energieneutrale’ nieuwbouw, ook al komt daarbij een berg CO2 vrij’, zegt Kempinga. Onbegrijpelijk, vindt ze, en eeuwig zonde van de bestaande schoolgebouwen. ‘Die zijn van betekenis voor de buurt, liggen doorgaans mooi in het groen en hebben ruime plattegronden die zich goed laten aanpassen aan nieuwe onderwijsvormen.’ Haar pleidooi: benader verduurzaming als een ontwerpopgave, waarbij je tegelijk met de installaties en isolatie de ruimtelijke kwaliteit verbetert.
Kempinga ziet scholenbouw ook als ‘een gezamenlijke opgave’. ‘We beginnen elk project met een uitnodiging aan alle betrokken partijen – gemeente, schoolbestuur, leerlingen, docenten – om, onder het genot van taart, hun wensen en eisen op tafel te leggen.’
Vervolgens vraagt ze drie architecten om met die input een ontwerp te maken, dat haar calculator doorrekent. Ze kiest bewust voor architecten die niet eerder een school hebben ontworpen, en aldus met een frisse blik kunnen kijken. Tegelijk biedt ze deze ontwerpers, die vanwege strikte eisen rondom referenties en omzet niet in aanmerking komen voor Europese aanbestedingen, een kans om de markt voor scholenbouw te betreden.
‘Werken met het gebouw dat je hebt, samen met jonge mensen, dat sprak ons aan’, zegt Vermeulen. ‘Wij zeggen zelf tegen bedrijven: neem onze studenten aan als stagiair of medewerker, dat brengt nieuwe energie. Dat wilden wij zelf ook.’ De school koos voor het plan van architect Maarten van Kesteren. ‘Ik herinner me dat hij de artist’s impression met de tuin liet zien’, vertelt student Danique, die in de bouwcommissie zat. ‘Ik kon niet geloven dat die nieuwe plek onze school was.’
‘Wat wij allereerst hebben gedaan, is heel veel opruimen’, legt Van Kesteren uit. ‘De auto’s van het plein halen, de kelder, voorheen een opslagruimte, leegruimen. Zo konden we daar 1.200 vierkante meter extra lesruimte maken.’ Om daglicht in de ondergrondse lokalen te brengen, zijn er gaten in de vloer van de begane grond gezaagd. ‘Achter een systeemplafond vonden we dit prachtige daklicht’, wijst de architect verderop naar een zaagtandvormige raampartij in het restauratieatelier. ‘We hebben het tegelijk met het isoleren van het dak gerestaureerd.’
Het enige dat hij uiteindelijk aan het gebouw heeft toegevoegd, is de dubbelhoge betonnen colonnade die de oude loopbrug vervangt en de gebouwen aan weerszijden van de Smijerslaan met elkaar verbindt.
Door slim gebruik te maken van de bestaande ruimte, bleven de bouwkosten beperkt tot 770 euro per m2. Ter vergelijking: de nieuwbouwnorm van de VNG voor scholenbouw is 2.700 euro per m2. De gemeente Utrecht heeft het project aangegrepen om de omgeving verder te vergroenen. Langs de Smijerslaan worden platanen geplant, de ventweg voor het schoolgebouw verandert in een klein park.
Docent Jose Jansen, die in een lokaal met levensgroot nagebouwde huizen uitleg geeft over houtschilderwerk, is vooral blij dat ze nu in een ruimte met veel licht en goede ventilatie werkt. De schilderstudenten hebben de wanden in het gebouw eigenhandig wit en beige geschilderd. Student Joyce vindt het ‘mooi en strak’ geworden, al mist ze wel ‘het kleurrijke van vroeger’. Maar, zegt ze met een blik op haar kwast, ‘het is de bedoeling dat dat terugkomt.’
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden