Home

Polen laat zien: hoge opkomst werkt het beste tegen populisme

Parlementsverkiezingen

Dit is het dagelijkse commentaar van NRC. Het bevatmeningen, interpretaties en keuzes. Ze worden geschreven door een groepredacteuren, geselecteerd door de hoofdredacteur. In de commentaren laat NRC zien waar het voor staat. Commentaren bieden de lezer eenhandvat, een invalshoek, het is ‘eerste hulp’ bij het nieuws van de dag.

Polen zijn notoir slechte stemmers. In 1989, tijdens de eerste semi-vrije verkiezingen, nam 62,7 procent van de kiezers de moeite om te gaan stemmen. Dit al best lage percentage werd in de daaropvolgende dertig jaar nooit meer gehaald. In het land van Solidariteit, de vakbondsbeweging die in het voormalige Oostblok een sleutelrol speelde in de strijd tegen het communisme, bleek verbazingwekkend weinig animo om de nieuw verworven vrijheid om te zetten in democratische actie. Tegen deze achtergrond is de opkomst van de verkiezingen van afgelopen zondag nu al historisch te noemen: 74,38 procent van de Polen ging stemmen. De rijen waren zo lang dat sommige stemlokalen tot diep in de nacht open moesten blijven. Stembiljetten raakten op.

Deze ongekende honger naar democratie is gewekt door de huidige regeringspartij PiS (Recht en Rechtvaardigheid). Die stuurde het land in de afgelopen acht jaar een kant op die een meerderheid van Polen niet zint. Onder PiS werd Polen een land waar vrouwen met een gevaarlijke zwangerschap overlijden omdat ze geen abortus kunnen krijgen. Waar rechters opzij worden geschoven omdat ze gerechtelijke uitspraken doen die de regering niet bevallen. Waar oppositiepolitici met ongekende felheid, en met hulp van een agressieve staatsomroep, worden zwartgemaakt en zelfs hun leven niet zeker zijn. In de afgelopen jaren waren er al massale demonstraties, bijvoorbeeld tegen de ontmanteling van vrouwenrechten. Zondag bereikte dit protest het stemhokje.

Uiteindelijk was het de democratie zelf die met PiS aan het roer in het geding dreigde te raken. Veelzeggend was het referendum dat de partij tegelijk met de verkiezingen liet organiseren, met leidende en van elke context gespeende vragen over ‘illegale migratie uit het Midden-Oosten en Afrika’ (meer of minder?) en de verhoging van de pensioenleeftijd (voor of tegen?). Opnieuw een voorbeeld van hoe eenvoudig de democratie kan worden gekaapt en hoe belangrijk het daarom is dat burgers betrokken blijven bij de politiek in hun land, hoe vervelend dat soms ook is. Een ruime meerderheid van de kiezers gaf zondag in de stembureaus aan niet deel te willen nemen aan het referendum, waardoor de uitslag niet bindend is.

Voor de EU is deze verkiezing goed nieuws. Terwijl in andere landen – Duitsland, Italië, Oostenrijk, Hongarije en recent nog Slowakije – populisten en extremisten steeds meer voet aan de grond lijken te krijgen, is dit proces in Polen nu – in ieder geval tijdelijk - tot stilstand gebracht. Door de oorlog in Oekraïne was het aanzien van Polen in de EU weer verbeterd, nu is het zaak dat Polen ook op andere terreinen weer een positieve Europese rol van betekenis gaat spelen. Grote EU-landen hebben grote verantwoordelijkheden.

Eind goed al goed? Allereerst moet de macht nog worden overgedragen. PiS geeft al signalen af dat dit niet zonder slag of stoot zal gebeuren. Zodra dit steekspel achter de rug is, wacht de nieuwe regering een monsterklus. Veel van de schade die is berokkend aan de rechtsstaat, maar ook aan staatsomroep TVP, ministeries en diplomatieke diensten, zal moeten worden hersteld. En dat zal niet zonder een vorm van politieke bemoeienis kunnen, oftewel precies datgene wat de meeste Polen rillingen bezorgt na acht jaar politieke gijzeling. Polen blijft bovendien tot op het bot verdeeld: PiS eindigde zondag als grootste partij, het haalde toch nog ruim 35 procent van de stemmen, vooral in het armere oosten. Het kwartje viel ditmaal de goede kant op, maar er is geen garantie dat dit bij een volgende verkiezing ook zo zal zijn.

Source: NRC

Previous

Next