Hello, hello there, is this Martha?
This is old Tom Frost
Martha, Tom Waits (1973)
Tom Waits was altijd al een knakker die graag met de vaders van zijn vriendjes praatte. Die hadden tenminste goeie verhalen te vertellen, gepeperde anekdotes uit de ouwe doos.
Je kunt wel zeggen dat Waits als adolescent niet synchroon liep met de tijdgeest. Met de hippies in en rond Los Angeles, gekleed in veelkleurige kaftans en met hun wazige shit, had hij geen klik. Hij las liever Jack Kerouac en Charles Bukowski en luisterde naar crooners als Frank Sinatra en naar jazz. Of naar zijn helden Ray Charles en Bob Dylan.
Toen Waits (1949) begin jaren zeventig zijn eerste plaat maakte, Closing Time, leverde hij allesbehalve singer-songwriter-geneuzel af. Niks geen navelstaarderige bespiegelingen, begeleid door gitaar, maar beatnik-poëzie van een volgeschonken barpianist. Inderdaad, het soort muziek dat je wil horen als het café bijna dichtgaat en de bodem van je glas in zicht is.
Wat vooral opviel in zijn debuut was het nummer Martha. Barney Hoskyns stond in zijn voortreffelijke biografie Lowside of the road - a life of Tom Waits uitgebreid stil bij dit namenliedje. Wie Martha was, daar ging het niet om, en dat Waits in het nummer sprak namens ene ‘Tom Frost’, achtte hij ook niet van belang. Nee, wat Hoskyns vooral trof, was dat de toen pas 23-jarige Waits in staat was zich te verplaatsen in een man van middelbare leeftijd die na veertig jaar weer telefonisch contact zocht met zijn oude liefje.
Hoe gaat het nu met je?, wilde de hoofdpersoon weten van Martha. En met je man? Je kinderen? Ach wat waren we jong, mal en impulsief. Welbeschouwd waren we niet voor elkaar bestemd.
Om vervolgens in het refrein met groot verlangen stil te staan bij hun kalverliefde, ‘the days of roses, poetry and prose’. Noem het de dagen zonder morgen, en zonder zorgen. Naar het einde toe komt dan toch de aap uit de mouw: hij houdt nog steeds van haar, ze moest eens weten.
Ook in het leven van Tom Waits zelf deed de grote liefde zijn intrede. Hij hoeft niet zoals ‘Tom Frost’ op zijn amoureuze strapatsen terug te kijken, want hij is al meer dan veertig jaar samen met Kathleen Brennan, de moeder van hun drie kinderen. Zij was ervoor verantwoordelijk dat Waits een reuzestap maakte in zijn loopbaan.
Na zeven platen vol jazzy vertelsels uit de onderbuik van Amerika werd het volgens zijn Jersey Girl tijd om een nieuw blik open te trekken. Dat werd in 1983 Swordfishtrombones, een ongeëvenaard meesterwerk, wederom losgezongen van de tijdgeest, en onder invloed van Captain Beefheart en Harry Patch barstensvol ongebruikelijke instrumenten.
Gelukkig viel er voor de fans van de romantische Waits ook op deze plaat flink te genieten, vanwege zijn korte, prachtige ode aan Kathleen, Johnsburg, Illinois. Het is geen terugblik op de liefde, zoals in Martha, maar het hier en nu staat centraal. Kijk maar in zijn portemonnee, zingt hij, die foto, dat is zij. ‘You see I just can’t live without her.’
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden