De straten van Beijing hangen vol met posters over ‘gemeenschappelijke welvaart’. Ze zijn schoongeveegd voor de passage van diplomatieke konvooien. De Chinese hoofdstad is klaar voor het Belt and Road Forum, een internationale top waar delegaties uit 130 landen worden verwacht, inclusief tal van staatshoofden. De opvallendste gast: de Russische president Vladimir Poetin. Leiders van EU-landen blijven unaniem weg, op de Hongaarse premier Viktor Orbán na.
De opkomst toont het belang van het Belt and Road Initiative (BRI), dat tien jaar geleden begon, en geeft de impact aan van het Chinese infrastructuurproject op de wereldorde. Met alle nieuwe handelsroutes zijn er ook nieuwe machtsverhoudingen ontstaan, met China als alternatief voor het Westen. Maar nu China zelf met economische problemen kampt en tal van BRI-landen een hoge schuldlast torsen, zal president Xi Jinping zijn ‘project van de eeuw’ moeten bijsturen.
Over de auteur
Leen Vervaeke is correspondent China voor de Volkskrant. Zij woont in Beijing. Eerder was ze correspondent België.
BRI – ook wel: de Nieuwe Zijderoute – begon tien jaar geleden als een infrastructuurproject om China beter te verbinden met Centraal-Azië en Zuidoost-Azië. Het idee was dat China spoorwegen, (lucht)havens, pijpleidingen en energiecentrales zou aanleggen. Het land verstrekte daarvoor leningen, iedereen zou economisch profiteren. China zou zijn overcapaciteit kwijtraken en zijn toegang tot energie en grondstoffen vergroten, de partnerlanden konden zich ontwikkelen.
Tien jaar later is ‘het Chinese Marshallplan’ uitgegroeid tot een monsterproject dat de hele wereld omspant, van Afrika tot Latijns-Amerika, en dat is uitgebreid naar samenwerking op gebied van digitalisering, vergroening, veiligheid, gezondheid en cultuur. BRI is geen duidelijk afgelijnd project, maar een breed uitwaaierende strategie, waarin gigantische bedragen omgaan. In tien jaar zijn volgens Chinese cijfers contracten afgesloten met 151 landen, ter waarde van 2 biljoen euro.
Met dat toegenomen economische gewicht heeft China ook meer politieke invloed gekregen. ‘Het idee van BRI is dat er een infrastructuur aangelegd wordt, die de economische ontwikkeling in gastlanden op gang brengt en daar een positieve houding tegenover China creëert’, zegt Maria Adele Carrai, professor Global China Studies aan NYU Shanghai. ‘Je creëert een ecosysteem dat de banden van dat land met China versterkt.’
Zo’n netwerk kan wederzijds voordelig zijn, maar kan landen ook afhankelijk maken van China. ‘Een veelgebruikt voorbeeld is Ethiopië, waar China een industriepark heeft geopend waarin Chinese textielfabrieken investeren. De fabrieken zijn verbonden met door China gebouwde spoorlijnen, die naar de haven van Djibouti lopen (dat is deels eigendom van China en heeft een Chinese marinebasis, red.). Als je dan een zetel in de Verenigde Naties hebt, denk je misschien twee keer na voor je tegen China stemt.’
De Chinese economische machtsopbouw is controversieel in het Westen. Critici beschuldigen China met BRI aan debt diplomacy te doen: arme landen te overladen met hoge leningen, waardoor ze overgeleverd zijn aan China (experts vinden die kritiek overigens overdreven). En ze laken de politieke posities van China, met zijn diplomatieke en economische steun voor Poetin, nu de eregast op het Forum. Ook de aanval van Hamas op Israël weigerde Beijing expliciet te veroordelen.
In de ogen van veel landen in het mondiale zuiden – de grootste ontvangers van BRI-leningen – doet China niet veel anders dan Europa en de Verenigde Staten. ‘Wij werken samen met experts uit acht BRI-landen’, zegt Jacob Gunter, economisch analist van denktank Merics. ‘Zij zeggen: in het verleden konden we alleen zaken doen met westerse landen en hadden we ook problemen. Misschien hebben we nu dezelfde problemen met China, maar het was het waard om iets anders te proberen.’
Voor het mondiale zuiden geeft BRI extra mogelijkheden, zeker nu westerse landen met hun eigen tegenhangers komen, in reactie op China’s groeiende invloed. ‘De hoop van veel van deze landen is dat ze mam en pap kunnen laten wedijveren voor hun affectie’, zegt Gunter. ‘Dat ze naar pap kunnen gaan: mam heeft me taart gegeven, mag ik een zak snoep? Mam en pap zitten op dit moment in een soort scheiding, veel landen zien dit als een kans om te zien wat ze van beiden los kunnen krijgen.’
De opkomst van tegenhangers – zoals de Global Gateway van de EU, en de India Middle East Europe Economic Corridor – toont hoezeer BRI de argwaan in het Westen over China heeft vergroot. Beijing heeft in zekere zin zijn hand overspeeld. Carrai: ‘Er zijn meer negatieve oordelen over China. Het land heeft zijn retoriek van grootse wederopstanding en heeft zijn geveinsde assertiviteit, die niet noodzakelijk met daden wordt ondersteund. Dat heeft een gevoel van dreiging gecreëerd.’
Bovendien kampt BRI zelf steeds meer met problemen. De Chinese investeringen zijn al jaren aan het dalen en hebben tijdens de coronajaren een extra knauw gekregen. De verhalen over onrendabele projecten en hoge schulden hebben BRI een slechte reputatie gegeven. China heeft officieel voor 285 miljard euro – in werkelijkheid allicht meer dan het dubbele – aan riskante leningen uitstaan. Nu China het economisch zelf moeilijk heeft, is dat niet langer houdbaar.
Experts verwachten dat Xi Jinping zijn vlaggenschip een nieuwe lading probeert te geven, met meer nadruk op kleine projecten, groene energie en digitalisering, de zogenaamde Digitale Zijderoute. Veel landen in Afrika moeten nog van 3G naar 4G of 5G, Chinese nationale kampioenen als Huawei moeten door westerse restricties op zoek naar nieuwe afzetmarkten. Maar China kan die infrastructuur ook gebruiken om data te verzamelen en zo zijn digitale invloedssfeer uit te breiden.
De digitalisering van BRI vormt volgens experts een groter risico dan economische afhankelijkheid. ‘We zien in eigen land hoe desinformatie een impact kan hebben op de politiek’, zegt Gunter. ‘Als China daar makkelijker toegang toe krijgt, dan heeft dat mogelijk grotere geopolitieke implicaties. Ik denk dat er een groeiende noodzaak is om na te denken over hoe we Nokia en Samsung en dergelijke kunnen helpen, en hoe we het mondiale zuiden kunnen steunen om voor hen te kiezen.’
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden