Home

Opinie: China maakt van wetenschap geopolitiek en Nederland weigert dat in te zien

‘Wetenschap en technologie zijn de belangrijkste arena van geopolitieke strijd’, zei de Chinese president Xi Jinping al in 2021. Maar in Nederland komt de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW) in opstand tegen een wettelijk voorstel tot screening van Chinese onderzoekers die hiernaartoe willen komen om hoogwaardige kennis te vergaren. Dat is namelijk niet proportioneel, zegt de KNAW, en het druist in tegen de vrije uitwisseling van kennis. Blijkbaar is het niet zo erg dat Nederlandse kennis structureel bijdraagt aan de modernisering van het Chinese leger.

Over de auteur

Jeroen Groenewegen-Lau is hoofd van het programma Wetenschapstechnologie en Innovatiebeleid van het Mercator Instituut voor Chinastudies (MERICS) in Berlijn.

Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.

Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.

China neemt een loopje met onze scheiding tussen de staat en de wetenschappelijke gemeenschap. ‘Wetenschap heeft geen grenzen, maar wetenschappers hebben wel een vaderland’, vertelde president Xi de Chinese tegenhanger van de KNAW. Daarmee zette hij de Chinese Academie der Wetenschappen onder druk om de wetenschappelijke doorbraken te leveren die China minder afhankelijk maken van ASML en andere buitenlandse technologieleveranciers. De Chinese Academie der Wetenschappen is er zeker van dat het gaat lukken, verwijzend naar de jaren zestig toen China met een vergelijkbaar programma in korte tijd de atoombom ontwikkelde.

Ook omdat China een steeds grotere bijdrage levert aan kennisontwikkeling in de wereld moet Europa strategisch leren omgaan met kennisuitwisseling. Dat is bij uitstek een taak van de politiek. Op Europees niveau toonde de Europese Commissie op 3 oktober daadkracht met een lijst van tien kritieke technologieën. Nog dit jaar zal er een analyse gemaakt worden van de risico’s omtrent halfgeleiders, kunstmatige intelligentie, quantum- en biotechnologie. Daarna volgen aanbevelingen voor Europese lidstaten.

Binnen Europa is Nederland voorloper in het opzetten van ondersteuning voor kennisinstellingen. Maar de volgende stappen zijn veel moeilijker, want die raken aan de wetenschappelijke onafhankelijkheid. De KNAW vindt bijvoorbeeld dat onderzoekers zelf het beste kunnen bepalen waar de gevaren en gevoeligheden van het onderzoek zitten. Zelfs nadat herhaaldelijk is aangetoond dat wetenschappers geneigd zijn om de risico’s te bagatelliseren.

Van een natuurwetenschapper mag je niet verlangen dat zij weet dat haar voormalige promotiestudent na terugkeer naar China in een heel andere omgeving moet opereren, waar de Communistische Partij soms letterlijk over de schouder meekijkt. Wetenschappers worden ook aangespoord om zich te focussen op academische ambities en onderzoeksgeld, waardoor er logischerwijs minder aandacht is voor ethische of strategische overwegingen.

Het meest pijnlijke voorbeeld van waar dat toe kan leiden in Nederland is het inmiddels gesloten Mensenrechtencentrum aan de Vrije Universiteit, dat opgezet werd met Chinees geld. Ook technische vakgroepen gaan regelmatig dubieuze samenwerkingsverbanden aan met China. Het Volksbevrijdingsleger wordt gemoderniseerd met Nederlandse kennis en ook op het gebied van surveillancetechnologie werken Nederlandse universiteiten graag samen met Chinese partners.

Het is duidelijk dat zelfregulering niet toereikend is. Maar de KNAW wil eigenlijk het liefst helemaal af van het begrip ‘kennisveiligheid’. Veel te negatief. En dat terwijl het screenen van Chinese onderzoekers in een beperkt aantal hoogrisicotechnologieën proportioneel en praktisch uitvoerbaar is.

Bijvoorbeeld met de digitale instrumenten die nu beschikbaar zijn is het mogelijk te achterhalen of een onderzoeker verbonden is aan een militaire instelling in China. Tegelijkertijd kan zo’n screening nooit volledig uitsluiten dat er Nederlandse kennis weglekt. Een goedbedoelende onderzoeker die in Nederland aan gehoorapparaten werkt kan uiteindelijk toch haar kennis over geluidsgolven in China gebruiken om duikboten te detecteren.

Al met al zal het niet meevallen om tot een goede, beperkte definitie van hoogrisicotechnologieën te komen. De screening zou zich moeten richten op de grootste risico’s, want ook dat is winst. Na invoering zou het dan zomaar kunnen dat er nog meer stappen nodig zijn.

De wereldwijde strijd om wetenschappelijk en technologisch leiderschap zal alleen maar intenser worden. China ziet zichzelf namelijk als verwikkeld in een ‘langdurige oorlog’ met het Westen. Maatregelen die in de Verenigde Staten en elders worden genomen, zullen ook impact hebben op Nederlandse kennisinstellingen.

Nederland kan alleen een passend antwoord vinden op deze uitdagingen als overheid, wetenschappers en ondernemers het er over eens zijn dat wetenschap en technologie nou eenmaal meer dan ooit geopolitiek zijn geworden. Open wetenschap is een mooi ideaal dat eigenlijk alleen goed werkt met gelijkgestemde landen.

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next