In Orlando van de Engelse schrijver Virginia Woolf verandert de gelijknamige edelman halverwege zijn leven van een ‘hij’ in een ‘zij’. Wat is het precies dat film- en theatermakers nog altijd inspireert tot nieuwe bewerkingen?
In tijden waarin de genderdiscussie regelmatig het nieuws haalt (denk aan: genderneutrale toiletten, non-binaire voornaamwoorden) kunnen we constateren dat de Engelse schrijver Virginia Woolf (1882-1941) lichtjaren vooruitliep op de samenleving. In haar fantasierijke roman Orlando (1928) leeft de gelijknamige hoofdpersoon 400 jaar en verandert ‘hij’ halverwege in een ‘zij’ – zonder dat Woolf daar een oordeel over heeft.
Geen wonder dus dat deze 95 jaar oude ‘biografie’ van de avontuurlijke, beminnelijke Orlando de laatste jaren weer door jonge (theater)makers wordt opgepikt, als een queer kunstwerk avant la lettre.
Het verhaal, dat zich afspeelt tussen 1588 en 1928, begint aan het hof van koningin Elizabeth, waar de jonge edelman Orlando diverse affaires met vrouwen aangaat. In de 17de eeuw verruilt hij Londen voor Constantinopel, waar hij na een soort ‘trance’ wakker wordt als een vrouw. Zonder enige verontwaardiging bekijkt Orlando zichzelf hierna in een spiegel.
Woolf schrijft dat de geslachtsverandering uiteraard ‘hun toekomst’ veranderde (de enige passage in het boek waarin Woolf een non-binair voornaamwoord gebruikt). Orlando was een gewilde positie als hooggeplaatste man in een patriarchale samenleving immers kwijt. Maar, schrijft Woolf, ‘in alle andere opzichten bleef Orlando precies zoals hij was geweest’.
Over de auteur
Ela Çolak is freelance cultuurjournalist en schrijft voor de Volkskrant over film en theater.
Het boek wordt beschouwd als Woolfs ode aan schrijver Vita Sackville-West. De vrouwen waren beiden getrouwd met een man, maar koesterden (getuige de liefdesbrieven die ze tussen 1925 en 1928 schreven) een diepe affectie voor elkaar. Sackville-West ging wat vrijer door het leven dan Woolf en zei ook dat ze graag een ‘edelman’ had willen zijn. Oftewel: iemand die kon leven zonder de maatschappelijke normen die vrouwen in het destijds kuise Engeland werden opgelegd. Een gegeven dat Woolf gebruikt voor haar verhaal over de edelman Orlando, die een personificatie werd van haar geliefde Sackville-West.
‘Orlando is een unicum in de geschiedenis van de lesbische literatuur, omdat het eigenlijk over genderfluïditeit gaat’, stelt emeritus hoogleraar genderstudies Maaike Meijer. ‘Op een speelse manier beschrijft Woolf hoe Orlando door anderen wordt gezien wanneer ze wisselt van geslacht. En wat ze opeens moet aantrekken, hoe ze moet lopen op hakken. En als ze moet huilen, denkt Orlando: ik ben nu een vrouw, dus ik jank er maar op los – wat ik enorm geestig vind.’
Voor Woolf begon het verhaal naar eigen zeggen als een grap, gaandeweg nam ze het steeds serieuzer. Meijer: ‘Toch houdt het hele boek iets sprookjesachtigs en lichtvoetigs. Dat het personage zich niet laat vangen in de categorie man of vrouw, spreekt me ook enorm aan. Wij denken dat die hokjes waarin wij geperst worden normaal zijn, ik noem dat fundamentalistisch.’
Volgens Meijer werd Woolfs oeuvre ten tijde van de tweede feministische golf herontdekt. Daarvoor deed men haar verhalen over de Englese upper class nog af als elitair. Maar sinds de jaren zestig worden haar boeken veelvuldig gelezen en geanalyseerd, omdat ze volgens Meijer allemaal over vrouwenbevrijding gaan. ‘Maar ook over opvoeding die mensen één kant opduwt en hen daardoor eigenlijk berooft van hun volle zelf. Ook dat is een thema in haar werk, dat in Orlando het meest naar voren komt.’
Sinds de jaren tachtig wordt Orlando steeds vaker vertaald naar andere kunstvormen. De eerste professionele toneelbewerking is afkomstig van de Amerikaanse regisseur Robert Wilson, die in Berlijn in 1989 werd opgevoerd. Later regisseerde Wilson de gevierde actrice Isabelle Huppert in een Franse versie (1993) en Miranda Richardson in een Engelse (1996). In ons land werd Maria Kraakman in 2010 voor haar rol als Orlando beloond met de prestigieuze toneelprijs Theo d’Or. De jury roemde Kraakman om haar sterke vertolking van ‘een schrale, fragiele figuur die af en toe een mannelijke kracht uitstraalt.’
De bekendste filmadaptatie is zonder twijfel die van regisseur Sally Potter uit 1992, met in de hoofdrol Tilda Swinton. Potters speelse kostuumfilm, waarbij Orlando door de eeuwen heen soms guitig in de camera kijkt, ontving twee Oscarnominaties en werd een bescheiden hit. Wel valt op hoe meisjesachtig Swinton er eigenlijk uitzag als de mannelijke Orlando. Een meer androgyn uiterlijk heeft de non-binaire Emma Corrin. Het afgelopen jaar was deze acteur, die prinses Diana speelde in The Crown, te zien in een geprezen toneelbewerking in het Londense West End.
The Guardian schrijft hierover: ‘Op een moment van giftige discussies rond transidentiteit komt deze show als een bevrijding.’ In een interview met dezelfde krant zegt Corrin: ‘Orlando viert de bevrijding van de geest. En het gemak waarmee we fluïditeit in onszelf, en in de samenleving, kunnen vinden. Voor mij is dat herkenbaar, maar ik denk dat het stuk voor velen louterend en empowering kan zijn. Want is het eigenlijk niet gewoon een ode aan de vrijheid en de liefde?’
Regisseur Loek de Bakker (31) zag de voorstelling in Londen en vond Corrins performance geweldig. In samenwerking met Toneelschuur Producties brengt hij nu zijn ‘eigen’ Orlando naar het toneel, iets waar hij al over nadacht voordat hij de voorstelling in Londen had gezien. Het boek van Woolf had De Bakker al eens gelezen tijdens zijn toneelopleiding. Door Tilda Swinton, die in de bekende filmvariant speelt, kwam het weer op zijn pad. In 2019 cureerde Swinton namelijk een editie van het fotomagazine Aperture, waarvoor ze kunstenaars vroeg om beeld te maken rond thema’s uit Orlando. De Bakker vond Swintons essay over Orlando en de beelden zo inspirerend, dat hij het boek er weer bij pakte.
‘Dat het over al die identiteiten in jezelf gaat, maakt de roman nog steeds relevant. Het gaat over hoe je jezelf wil vormgeven, maar ook hoe je door je omgeving wordt gevormd. Dat werd het uitgangspunt voor onze bewerking. Toen Tjeerd Posthuma en ik het script schreven, hebben we in het boek steeds gekeken naar hoe Woolf Orlando plaatst in situaties die hem/haar uitdagen.’
In de nieuwe voorstelling van Toneelschuur Producties, waarin Orlando wordt gespeeld door Milou van Duijnhoven (‘iemand die zowel masculien als ontzettend vrouwelijk is’, aldus de regisseur), worden een aantal van die vormende ontmoetingen uitgelicht. Maar de belangrijkste relatie is uiteindelijk de relatie die Orlando met zichzelf aangaat.
De Bakker: ‘Bij het terugkijken op al die identiteiten, zien we dat Orlando ze allemaal omarmt. Uiteindelijk denkt ze: ik ben al die mensen en ik kan zelf beslissen welke persoon ik naar voren schuif. De rijkheid die Orlando in een heel leven heeft vergaard, vind ik een troostende gedachte.’
Orlando door Toneelschuur Producties. Regie Loek de Bakker. Te zien vanaf 17/10; première 19/10, De schuur, Haarlem.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden