Wie: Matthias (38) en Renske (38)
Beroepen: Projectontwikkelaar en accountmanager
In therapie sinds: voor het eerst in 2020, nu nog af en toe een gesprek
Matthias en Renske zijn een beetje gespannen: van hun relatietherapiesessie vandaag worden opnamen gemaakt, zodat hun case gebruikt kan worden als oefenmateriaal. Om die reden is niet hun eigen therapeut, Corrie Laernoes, maar opleider Karin Wagenaar deze keer hun gespreksleider en haar kennen ze niet zo goed. Maar al na drie vragen van de 65-jarige Wagenaar met haar grijze haar en haar vriendelijke stem vloeien de tranen; de camera is vergeten, het verhaal komt als vanzelf.
Renske: ‘Op reis in Indonesië in 2015 vroeg Matthias: wil je kinderen met mij? Dat vond ik toen een heftige vraag. We waren al vier jaar samen, maar over kinderen hadden we het nog niet serieus gehad. Ik voelde een knoop in mijn maag.’
Wagenaar: ‘Je hebt in je jeugd veel voor je broertjes moeten zorgen, heb ik begrepen.’
Renske: ‘Ja, ze noemden me ‘mama twee’. Mijn ouders waren nogal met zichzelf bezig. Ze waren óf aan het werk óf ze hadden ruzie, en ik zat altijd op de uitkijk voor mijn broertjes, want zij voelden als mijn verantwoordelijkheid. Het voelde alsof ik door mijn hoeven zakte daar in Indonesië. Kinderen... ik wist niet of ik het aankon.’
Matthias: ‘En ik wist niet wat daarachter zat. Ik wilde ze heel graag.’
Kinderen zijn er gekomen; hun dochters Juliëtte en Fien zijn 5 en 3. Renske, die blond is, heel slank en een lichtblauwe blouse draagt op een spijkerbroek, zit nu thuis met een burn-out. Matthias, jongensachtig en even blond, werkt meer dan fulltime voor een groot bouwbedrijf. Hij reist veel voor zijn werk, soms té veel in de ogen van Renske. Toen hun oudste dochter vorig jaar doodziek was, is Matthias vijf dagen gaan skiën met de zaak. Renske: ‘Terwijl ik hem gesmeekt heb thuis te blijven.’ Matthias: ‘Er werden in die week allemaal dingen besloten over mijn afdeling, daar moest ik bij zijn. Maar we hebben het hier al vaker over gehad: het was een absoluut dieptepunt, ik had niet moeten gaan.’
Toevallig deed zich gisteren een vergelijkbare situatie voor, in het klein; direct na Wagenaars eenvoudige vraag ‘hoe gaat het nu met jullie?’ brengen ze het te berde.
Matthias: ‘Ik belde Renske: ‘Ik ben om kwart voor zes thuis, ik ga eerst nog even langs Albert Heijn.’ Maar daardoor was ik tien minuten later. Tref ik een donderwolk aan.’
Renske: ‘Twintig minuten later was je. En ik had gezegd: ga nou niet naar AH, kom meteen naar huis zodat we met z’n vieren kunnen eten. Ik was moe, ik had een moeilijk gesprek met mijn moeder gehad en Juliëtte had expres haar beker omgegooid, het was chaos aan tafel. Komt Matthias vrolijk binnen met een tas vol chocoladetoetjes; papa is thuis en alles is leuk. Wat ik wil, doet er kennelijk niet toe.’
Karin Wagenaar: ‘Je voelde je genegeerd. Dat is pijnlijk voor je.’
Matthias: ‘Voor mij voelde het niet als een warm welkom, terwijl ik goede bedoelingen had. Maar als het niet gaat zoals Renske wil, is het huis te klein.’
Renske: ‘Nou ja, we kregen ruzie. Matthias riep op een gegeven moment: ‘Jij bent de dirigent van mijn leven niet!’’
Karin Wagenaar: ‘Zit daar een allergie, Matthias? Dat er voor je wordt bepaald?’
Matthias: ‘Ja. Maar dit zijn discussies die ik niet kan winnen.’
Karin Wagenaar: ‘Terwijl jij, Renske, eigenlijk zegt: ik heb je nodig.’
Renske: ‘Ja. Ik wil gewoon dingen kunnen vragen zonder dat hij zijn eigen plan trekt.’
Karin Wagenaar: ‘Je wilt contact met Matthias. En jij, Matthias, wilt je eigen keuzes kunnen maken.’
Matthias: ‘Toen de kinderen gisteren op bed lagen, trok Renske niet meer bij. Ik had me verheugd op de vrijdagavond, maar die werd heel vervelend.’
Karin Wagenaar: ‘En jij zegt dan niet: sorry dat ik later thuiskwam?’
Matthias: ‘Ja, meerdere keren, maar ze ontdooide niet. Dat heb ik vroeger ook vaak met mijn moeder meegemaakt.’
Het lijkt een verspreking, want Matthias wil het hierbij laten, maar Wagenaar vraagt door: ‘Hoe ging dat met je moeder? Sprak ze dan niet tegen je?’
Matthias: ‘Nee, en dat kon wel drie dagen duren. Als ik een gat had in een nieuwe broek ofzo.’
Karin Wagenaar: ‘Dat is beangstigend, een moeder die je negeert.’
Matthias: ‘Ik probeerde van alles, zei: sorry, mama, maar dan zei ze alleen: ‘Je denkt toch niet dat het alweer goed is?’ Ik moest vaak alleen op mijn kamer eten. Mijn vader bemoeide zich er niet mee.’
Karin Wagenaar: ‘En had je een eigen wereld om in te schuilen?’
Matthias kijkt haar verrast aan. ‘Ja. Muziek luisteren. Hardcore house, op de koptelefoon.’ Hij slaat zijn handen voor zijn gezicht, zijn schouders beginnen te schokken. ‘Sorry, het is de herinnering.’
Renske gaat dichter bij hem zitten. Slaat een arm om hem heen, zegt: ‘Dit is de eerste keer dat ik jou zo verdrietig zie.’
Karin Wagenaar: ‘Je voelt ook woede, hè, Matthias. Het was vernederend: je moest maar excuses maken, terwijl je niet eens precies wist waarvoor. Nu wil je je niet meer zomaar voegen, dat is belangrijk voor je.’
Renske huilt nu ook: ‘Ik vind het erg dat je zo’n pijn hebt. Maar ik vind het ook fijn dat ik nu zie wat er met je is.’
Karin Wagenaar: ‘Ja, want het is ook een blijk van vertrouwen als je kwetsbaar durft te zijn. Hierin kun je elkaar bereiken. Je doet ertoe voor elkaar.’
Een jaar later maakt Matthias koffie aan hun kookeiland als Renske binnenkomt na een rondje hardlopen. Ze is gestopt met haar fulltimebaan bij een bank en voor zichzelf begonnen; na de verbouwing van hun eigen vrijstaande huis, regelt ze die nu ook voor anderen. Leuk werk, en minder druk dan voor haar burn-out, toen ze zichzelf volledig voorbijliep, zegt ze; met haar depressie begon ook hun gezamenlijke therapie. ‘Ik was die hardwerkende moeder geworden die haar kinderen vijf dagen per week naar de opvang bracht en in het weekend dacht: kunnen ze vandaag niet wéér? In mijn werk was ik succesvol, maar met de kinderen thuis vond ik het zwaar en chaotisch: de oudste had driftbuien en alles kwam op mij neer, Matthias ging zijn eigen gang. Toen Juliëtte ook nog eens heel ziek werd, ben ik ingestort.’
Matthias: ‘Toen Renske in therapie ging, dacht ik: zíj moet opknappen, dan wordt onze relatie vanzelf ook weer leuk.’
Renske: ‘Maar zo simpel was het niet. Pas toen we samen in therapie gingen, zagen we allerlei verbanden. Ook met onze eigen jeugd. Ik heb zelf geen goed voorbeeld gehad voor een harmonieus gezinsleven. Ik heb mijn moeder eens een fles badolie zien leegdrinken voor de neus van mijn vader, die ruzies waren heel heftig.’
Matthias: ‘Jij hebt hier ook weleens een kipfilet door de keuken gesmeten. We zijn er nog niet, maar we snappen de dynamiek tussen ons nu beter. Als de een dreigt te ontploffen, gaat de ander even een rondje lopen met de hond.’
Renske: ‘Gouden regel: na 11 uur ’s avonds geen ruzie meer maken. Gewoon gaan slapen, morgen zien de dingen er alweer anders uit.’
Matthias: ‘We kennen onszelf en elkaar nu veel beter. We waren geen slechte ouders, maar de opvoeding van de meiden gaat ook soepeler. Dat is allemaal pure winst.’
Renske: ‘We hebben rust en evenwicht gevonden in onze relatie. Ik gun dit iedereen. Het was soms een worsteling en pijnlijk, maar zonder therapie hadden we deze groei niet doorgemaakt.’ Tegen Matthias: ‘Jij hebt laatst een tripje van de zaak laten schieten omdat we kaartjes hadden voor dat concert.’
Matthias: ‘Dan is de baas maar even niet blij, we zijn wél samen naar Coldplay geweest.’
Op verzoek van de geïnterviewden zijn de namen gefingeerd en zijn sommige details aangepast om herleidbaarheid te voorkomen.
OPROEP: Ook samen in deze serie? Mail naar: e.vanveen@volkskrant.nl
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden