‘Natuurlijk heb ik ook zo mijn momenten van verdriet’, antwoordde Louise Glück eens op de vraag of pijn en leed de motivatie waren om te schrijven, ‘maar ik geloof niet dat ik een verschrikkelijk ongelukkig persoon ben. Ik ben zeker niet zo onoverkomelijk somber als mijn gedichten suggereren.’
Vrijdagavond werd bekend dat de Amerikaanse dichter en Nobelprijslaureaat Glück, wier van origine Hongaarse naam eigenlijk wordt uitgesproken als ‘Glick’, op 80-jarige leeftijd is overleden. Haar Amerikaanse uitgever maakte het nieuws bekend en zei daarbij dat Glücks poëzie ‘stem geeft aan ons kritisch, maar onvervulbaar verlangen naar kennis en verbinding in een vaak onbetrouwbare wereld’. Glück overleed aan de gevolgen van kanker in haar huis in Cambridge, Massachusetts.
Toen Louise Glück in 2020 werd geëerd met de Nobelprijs voor Literatuur kwam dat voor velen als een verrassing. Echter niet voor poëzielezers en kenners van haar werk. En velen hebben sindsdien ontdekt: wie eenmaal haar werk begint te lezen, houdt er nooit meer mee op.
Glück, dochter van Joodse emigranten, werd op 22 april 1943 geboren in New York. Ze groeide op in Long Island, dat ‘moerasachtige, van de zee terugveroverd’ stuk land zoals ze dat eens omschreef, waar de huizen die de mensen moesten beschermen gebouwd waren op grond die zelf ‘uiterst onbetrouwbaar’ was. In het huis van haar grootmoeder in Cedarhurst deelde Glück al op vijf-, zesjarige leeftijd poëzieprijzen uit. Ze stelde zich voor hoe Stephen Foster en William Blake streden om de prijs (Blake won).
Over de auteur
Geertjan de Vugt is literatuurcriticus bij de Volkskrant, gespecialiseerd in poëzie en Duitstalige literatuur.
Al op vroege leeftijd was haar verbeelding gevuld met mythologie. Ze groeide op in een door boeken gedomineerde omgeving: politieke boeken, geschiedenis, poëziebloemlezingen en vooral veel romans omringden haar. In Education of the Poet, een van haar mooie essays, verhaalt Glück hoe haar ouders haar stimuleerden én druk op haar uitoefenden om te gaan schrijven. Ze begon dan ook op vroege leeftijd met het schrijven van poëzie.
In haar tienerjaren worstelt Glück met anorexia. Zelf gaf ze verschillende verklaringen voor deze aandoening: nu eens beweert ze dat dit het gevolg was van haar poging zich te ontdoen van het juk van haar moeder, dan weer legt ze uit dat het een reactie was op de afwezigheid van haar oudere, direct na de geboorte overleden zus. In veel van haar gedichten is die afwezigheid voelbaar. Vaak dicht Glück over de ontbrekende zus, over de dood die jonge kinderen te vroeg komt te halen, maar ook over de problematische verhouding van moeder en dochter.
Eigenlijk was de dood al vanaf de allereerste regels aanwezig in haar poëzie. Als ze in 1968 debuteert met de bundel Firstborn (een titel die tijdens een autoritje werd bedacht door haar zus op de achterbank) verschijnt er in het openingsgedicht een ‘rechtvaardige Meneer met zijn kale Schedel’ in de metro van Chicago, waar een moeder en dochter zitten ‘alsof een verlamming voorafgaand aan de dood / hen daar had vastgenageld.’ Die kale man zal haar vanaf dat moment overal naartoe begeleiden.
Maar hoewel de dood, somberte en gemis voortdurend aanwezig zijn in haar poëzie, is het zeker niet alleen kommer en kwel. Om loutering te bereiken moet men eerst door diepe dalen gaan. Over haar manier van schrijven heeft Glück, met verwijzing naar Paul Simon, gesproken als een ‘descending figure’, een dalend motief.
Al zijn het bij Glück niet de noten die dalen, maar is het een personage dat dat doet. Ze is gefascineerd door figuren die afdalen in een andere wereld en vervolgens terugkeren om daarover te vertellen. ‘Mijn gedichten’, zei ze dan ook, ‘zijn verticale gedichten. Ze streven en ze graven. Ze dijen niet uit. Ze leggen niet uit, ze versterken ook niet.’ Afdalen en terugkeren – dat is wat Glück fascineerde. Met het door Radna Fabias in het Nederlands vertaalde Averno wijdde Glück zelfs een hele bundel aan dit thema.
Glück won zo’n beetje iedere prijs die een dichter zich maar kan wensen, gaf les aan onder meer de universiteiten van Stanford, Yale en Harvard en publiceerde dertien dichtbundels, twee essayboeken en een novelle. Critici beschouwen The Wild Iris (1992) vaak als haar beste werk. Maar het doet geen recht aan haar oeuvre om er één bundel uit te lichten. Zelden was een werk zo consistent en van meet af aan van zo’n hoog niveau.
Louise Glück was een dichter die meende dat vrolijke poëzie niet bestond, of in ieder geval nauwelijks de moeite van het herinneren waard was. Juist omdat het van voorbijgaande aard is, zag ze geluk als iets buitengewoon tragisch. Misschien dat Glück in al haar gedichten preludeerde op de dood. Maar ‘de dood’, zo schrijft Glück in Averno, ‘kan mij niet schaden/ niet meer dan jij mij hebt geschaad,/ mijn geliefde leven.’
3x Louise Glück
* Louise Glück was een van de oprichters van het New England Culinary Institute, een privaat culinair opleidingsinstituut. De school werd in 1980 opgericht en moest in 2020, vanwege de covidpandemie, de deuren sluiten.
* Om van haar anorexia af te komen was Louise Glück zeven jaar lang in psychoanalyse. De therapie had een enorme invloed op haar poëzie. Die leerde haar om twijfel te benutten en om in haar eigen taal op zoek te gaan naar ontwijkingen en vermijdingen.
* In haar vroege tienerjaren schreef Glück al gedichten. Haar eerste bundel diende ze in toen ze dertien, veertien jaar oud was. Het manuscript kwam prompt terug. 65 jaar later ontving ze de Nobelprijs voor de Literatuur. ‘We kijken slechts een keer naar de wereld, in onze kindertijd’, schrijft Glück in het gedicht Nostos, ‘de rest is herinnering.’ Glücks eerlijke, maar donkere beschrijvingen van familierelaties en van ongelukkige kinderen worden niet door iedereen op waarde geschat en door sommigen zelfs als ‘kinderhaat’ gezien.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden