Het probleem met aan de goede kant van de geschiedenis willen staan, is dat ook het goede doorgaans bestaat uit allerlei kleine kwaden. Kijk bijvoorbeeld naar de politici van Denk en Bij1, die hun solidariteit met het Palestijnse volk uitspraken op het moment dat de lijkjes van de door Hamas afgeslachte kinderen nog moesten afkoelen.
Of kijk naar Geert Wilders, die zich deze week onomwonden achter Israël schaarde en de vele mensenrechtenschendingen waar dat land voor verantwoordelijk was, is en zal zijn, automatisch voor lief nam.
Helaas is de werkelijkheid nooit zo simpel, nooit zo binair als mensen die hengelen naar macht ons willen doen geloven. Ze is oneindig veel gecompliceerder. Dus in plaats van naar die politici te luisteren, appte ik Nicola Zolin, de fotograaf met wie ik de afgelopen jaren vaak samenwerkte en die onlangs een uitgebreide fotoserie maakte in de Gazastrook.
Over de auteur
Jarl van der Ploeg is journalist en columnist voor de Volkskrant. Hij werkte eerder als correspondent in Italië. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Tweederde van de bevolking is daar jonger dan 30 en de jeugdwerkloosheid ligt rond de 60 procent, dus Zolin was benieuwd wat die jongeren eigenlijk deden in dat kleine stukje land ingeklemd tussen Israël, Egypte en de Middellandse Zee. Ze bleken bijna allemaal slachtoffers van de fouten van de geschiedenis, en toch probeerden ze er iets van te maken. Die fouten waren overigens niet door henzelf gemaakt, maar door hun vaders, opa’s en de vijanden van hun vaders en opa’s. Hun eigen fouten zouden ze later misschien maken, maar misschien ook wel niet.
Zolin vertelde over de toen 23-jarige Jumana, de eerste vrouwelijke honkbalster van Palestina, over Raji Al-Jaru, de jonge leadsinger van de rockbank Osprey. En hij vertelde over Alaa al-Dali.
Toen er in 2016 een container met hulpgoederen aankwam en Alaa een racefiets in handen kreeg, besloot hij de beste te worden. Trainen was weliswaar lastig, omdat de langste weg in de Gazastrook slechts 35 kilometer telt, maar toch won hij twee jaar later al de nationale kampioenschappen.
Vlak voor hij zijn land in Jakarta zou vertegenwoordigen bij de Asian Games, bleek zijn geluk echter op. Tijdens een trainingsrondje langs de grens met Israël werd hij getroffen door een granaat, waarna zijn been eraf moest. Het duurde slechts een paar weken voor hij een nieuw doel had: de eerste paralympische wielrenner ooit uit Palestina worden.
Zolin zei dat hij niet vaak zo’n vriendelijk en opgewekt mens was tegengekomen als Alaa al-Dali, de kampioen van Palestina. Niet voor niets floepte hij mijn gedachten binnen toen Yoav Gallant, de Israëlische minister van Defensie, maandag zei: ‘We vechten tegen menselijke dieren en zullen als dusdanig handelen.’
Ik dacht: net zoals het goede uit allerlei kwaden bestaat, bestaat ook het kwade doorgaans uit talloze goeden. Bijvoorbeeld uit Alaa al-Dali.
Toen Zolin vertelde dat de meeste appgesprekken met zijn vrienden uit Gaza halverwege deze week stilvielen en dat hij zich zorgen maakte, ging ik nog een keer door zijn fotoserie heen. Op een ervan zag ik Alaa uitkijken over de zee die grenst aan zowel Israël als Palestina.
Fijn dat die er gewoon nog ligt, dacht ik. Bij grote tegenslagen is het, om met dichter A.R. Ammons te spreken, nu eenmaal belangrijk om bij de kust te zijn. Juist voor die vele slachtoffers van de fouten van de geschiedenis, aan welke kant van de grens ze zich ook bevinden, is het immers goed te zien dat het grootste op aarde er wel relatief kalm bij ligt.
Source: Volkskrant