Home

Wanneer gaan de burgers eens voor het bedrijfsleven?

Afgelopen zaterdag in de column van Merel van Vroonhoven het droevige verhaal over haar vriendin met parkinson, en een artikel over dat men niet goed snapt waarom er zo weinig mensen in Nederland 100 worden. Enkele dagen ervoor ook pro-glyfosaatstukken en waarom de EU het dus niet moet verbieden. Als we graag willen dat de matige 100-plusscore zo blijft, moet de EU (of Nederland) vooral glyfosaatgebruik langer toestaan. Hoeveel meer voorbeelden van producten met langetermijneffecten die we slecht kunnen voorspellen, en dus te lang toegestaan blijven, moeten we nog hebben? De lijst is eindeloos: DDT, ‘drins’, PCB’s, asbest, chroom-6, nu pfas en glyfosaat. Kortom, wanneer gaat de overheid eens voor haar burgers zorgen in plaats van voor (de winsten van) het bedrijfsleven.
Andries Krijgsman, Demen

De grote Israëlisch schrijver Amos Oz (1939-2018) veroordeelde tijdens de Gaza-oorlog van 2008 fel de terreur van Hamas. Even hartstochtelijk pleitte hij later voor een ‘staakt het vuren’ toen de geweldige overmacht van het Israëlisch leger de Gazastrook zo goed als kapot bombardeerde met vele, vele burgerdoden als gevolg. Al zijn boeken, maar in dit verband vooral Hoe genees je een fanaticus, laten zien hoe belangrijk het is om je de verschillende standpunten en achtergronden eigen te maken.

In 2010 schreef hij in The New York Times: ‘Hamas is niet alleen maar een terroristische organisatie. Hamas is een idee, een wanhopig en fanatiek idee dat zijn oorsprong vindt in de troosteloze uitzichtloosheid en frustratie van vele Palestijnen. Geweld heeft nog nooit een idee kunnen overwinnen. Om een idee te verslaan, moet je een beter idee hebben, een aantrekkelijker en aanvaardbaarder idee…’
Greetje Tromp, Garnwerd

De bloedbaden in de Gazastrook en Israël maken één ding duidelijk: wat tunnelvisie met een mens kan doen.
Jeroen van Linge, Groningen

Vorige week schoof Pieter Omtzigt met de volledige top-20 van zijn nieuwe partij NSC aan bij Op1. Daarbij kwam ook het terugtreden van de voorzitter van NSC ter sprake. Bij iedereen is wel wat te vinden zei Omtzigt, ook bij hem. Sven Kockelmann vroeg toen ‘wat’. Omtzigt viel even stil en gaf niet echt antwoord.

Mijn verbazing is dat Omtzigt niet het voorbeeld van MH17 gaf. Hij liet een uitgelezen kans liggen om zijn partij te profileren als een partij waar je fouten mag maken. Waar je oprecht spijt kunt betuigen aan de nabestaanden van de MH17-slachtoffers. Die op hun beurt Omtzigt weer vergeven. Een soort openbaar biechten, dat moet Omtzigt als katholiek toch kunnen waarderen. Het NSC lijkt nu al op de andere partijen.
Toon van Kessel, Twello

Esther Gerritsen schreef ooit over opruimen in de VPRO Gids: ‘Ik begrijp nu ook dat de mensen met een bende in huis niet nalatig zijn, maar juist ambitieus. Zij zullen het straks, op een goede dag, allemaal eens echt goed aanpakken, maar zij zijn niet alleen ambitieus, zij zijn ook realistisch en zij weten dat die goede dag niet vandaag is’.

Ik heb deze tekst jaren geleden op de deur van mijn werkkamer geplakt, maar moet toegeven dat er geen afdoende werking van uitgaat richting klagende partners.
Arno Cools, Nijmegen

Prima kerndoelen van Denktank Nederland 2040. Nu de uitvoering nog. Het zijn natuurlijk vergezichten die binnen het bereik moeten komen van het denken en doen van een breed en stevig deel van de Nederlandse samenleving.

Dat betekent onder meer: a) een eerlijke verdeling van de kosten en baten van de gewenste veranderingen, b) de concrete en al haalbare kortetermijndoelen in lijn brengen met de langetermijndoelen, c) een overheid die leiding geeft en de impulsen vanuit de samenleving goed meeneemt, d) een kritische massa vormen van publieke en private krachten die in dezelfde richting duwen en trekken, e) op de voet volgen van de processen en resultaten, daar lering uit trekken en de strategie bijstellen om verder te komen.

De weg is lang, laten we dus alvast maar op weg gaan.
Kees Prins, Turrialba (Costa Rica)

Graag wil ik een standbeeld voor schrijver en dichter Hans Plomp die afgelopen zaterdag een pracht van een weekendwijsheid verkondigde: ‘Scheld niet met kut, de kut is heilig.’ Ik ben het volledig met hem eens en roep het al jaren. Tevergeefs. Hopelijk heeft dit podium in de krant meer effect. Elke persoon die deze wijsheid gaat ondersteunen en uitdragen, is winst.
Annemieke Boekhorst, Warns

De ‘collaboratie’ van dichter Paul van Ostaijen in de Eerste Wereldoorlog moet gezien worden in het licht van de onderdrukte positie van de Nederlandse taal in België destijds. Wie vóór WO I in Vlaanderen naar de middelbare school of universiteit wilde, kon dat alleen in de Franse taal. Nederlandstalige waren er in Vlaanderen niet. Er werd door de Belgische overheid een actieve politiek gevoerd van verfransing van geheel Vlaanderen.

Hierin speelde kardinaal Mercier een zeer prominente rol. Hij deed zelfs de uitspraak dat Nederlands zo’n achterlijke taal is dat je daarin niet wetenschappelijk kunt denken. En dat in een tijd waarin in Nederland al tal van Nobelprijzen waren gevallen (Lorentz, Zeeman, Van der Waals, Van ’t Hoff, Kamerlingh Onnes). Geen wonder dat Van Ostaijen kardinaal Mercier haatte.

De Duitsers waren in 1915 de Vlamingen tegemoet gekomen door onderwijs in het Nederlands toe te staan, zoals aan de Universiteit van Gent. Na WO I werden de Vlamingen die hieraan hadden meegewerkt, zoals mijn leermeester Marcel Minnaert, wegens collaboratie veroordeeld tot járen celstraf of dwangarbeid. Velen van hen, zoals Minnaert, vluchtten naar het buitenland. Het zou nog tot na de WO II duren voordat de Vlamingen in Vlaanderen universitair onderwijs in hun eigen taal konden krijgen. Dat Van Ostaijen in die tijd in een Duitsgezinde Antwerpse courant wat stukjes schreef, kan ik moeilijk zien als collaboratie.

Het was uitvloeisel van de gigantische discriminatie van de Vlamingen door hun franstalige overheid, en is niet te vergelijken met bijvoorbeeld actieve collaboratie met de Duitsers in de Tweede Wereldoorlog.
Ed van den Heuvel, Baarn

Wilt u reageren op een brief of een artikel? Stuur dan een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Het belangrijkst is dat een brief helder en duidelijk is. Wie een origineel en nog niet eerder verwoord standpunt naar voren brengt, maakt grotere kans te worden gepubliceerd. Een brief die mooi en prikkelend is geschreven, heeft ook een streepje voor. Kritiek op de Volkskrant wordt vaak gepubliceerd, op-de-man-gespeelde kritiek op personen plaatsen we liever niet.

Iedere brief wordt gelezen door een team van ervaren opinieredacteuren en krijgt een kans. En wekelijks worden ongeveer vijftig brieven geselecteerd. Over de uitslag kan helaas niet worden gecorrespondeerd. Wij zijn er trots op dat onze lezers mooie en goede brieven schrijven, waarvan we elke dag een levendige rubriek kunnen samenstellen.

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next