Home

Veel vrouwen hebben een kralenketting vol nare gebeurtenissen. Geef hun de ruimte deze aan de wereld te tonen

‘Je hebt een schuld in te lossen voor de eeuwigheid.’ Het zijn de woorden van advocaat Liesbeth Zegveld, opgetekend door NRC. In het artikel dat dit weekend in de krant verscheen, vertellen twee vrouwen over hun ervaringen met een mannelijke oud-collega en hoe het feit dat hij een lintje kreeg, een koninklijke onderscheiding voor zijn verdiensten als ‘advocaat voor het publieke belang’, bij hen de pijn loswrikte die zij zo zorgvuldig hadden opgeborgen.

Over de auteur
Aisha Dutrieux is oud-rechter en schrijver. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Het seksueel grensoverschrijdend gedrag dat deze collega – als partner in het advocatenkantoor boven de (destijds) advocaat-stagiair Zegveld gesteld – vertoonde, leidde uiteindelijk tot zijn vertrek. Zegvelds moeder had haar nog gewaarschuwd: ‘Straks lig jij eruit.’ Misschien had ze het geluk dat advocaat en mede-naamgever van het kantoor Britta Böhler – een vrouw – ook haar eigen ervaringen had met de handtastelijkheden van dezelfde man en zich achter Zegveld schaarde: niet zij, maar híj vloog eruit.

Inmiddels gevierd mensenrechtenadvocaat en hoogleraar Liesbeth Zegveld, die in haar werk voor de duivel niet bang lijkt, heeft het in het artikel over een eeuwigdurende schuld. Omdat de man weg moest. Omdat hij veel geld binnenbracht. De naam van het kantoor en daarmee het briefpapier, de visitekaartjes, alles moest veranderen. ‘Door mijn toedoen.’

Néé, wil ik haar toeschreeuwen, of eigenlijk liefdevol toefluisteren. Nee, niet door jouw toedoen. Door zíjn toedoen.

Marja Schouten vertelt over nog ouder verdriet. Rond 1985 was zij stagiair, de betreffende advocaat haar patroon. Ook zij had vervelende ervaringen met de man, durfde niet meer met hem in de lift, was op haar hoede als ze aan het werk was. Destijds durfde zij haar mond niet open te doen. Nu wel.

De man in kwestie, inmiddels zeventig jaar oud, reageert via zijn advocaat. Het geschetste beeld grijpt hem erg aan, zijn herinneringen komen ‘niet steeds overeen met die van de andere betrokkenen’. Hij zal persoonlijk zijn excuses aanbieden, zo staat in de verklaring.

Ik moet moeite doen om niet juist medelijden te voelen met de man. Ik herinner ook mezelf eraan: wat hem nu overkomt, zijn naam in deze context in de krant, is het resultaat van zijn eigen toedoen.

Wanneer er verhalen opduiken in de media over gedrag van lang geleden, is de reactie nog wel eens dat de tijden zijn veranderd. Je moet dingen zien in de context van die tijd, zo wordt vergoelijkend gesteld.

Maar nee. Ook veertig jaar geleden mocht een man niet ongevraagd aan zijn vrouwelijke collega’s zitten. Hij mocht ze niet tegen een muur drukken, zijn geslacht laten zien in een trappenhuis. De context van die tijd was alleen anders in de manier waarop vrouwen – de slachtoffers – geacht werden met dit soort gedrag om te gaan. Niet moeilijk doen. Het hoort erbij. Als die ene collega dronken is, moet je gewoon uit de buurt blijven. Dat wéét je toch? Zwijgen was het devies, op straffe van victim blaming.

De vrouwen die destijds geacht werden hun mond te houden, vinden nu soms, bijvoorbeeld door de uitreiking van een lintje, de kracht om te zeggen wat hun is overkomen. En wie dat op zijn geweten heeft. Zeggen dat er te veel tijd overheen is gegaan, dat ze er inmiddels toch wel overheen zou moeten zijn – komt ze daar nu nog mee? – is dan een bron van nieuwe schade.

De gebeurtenissen afdoen als klein, is onnodig. Bovendien, dat doen de vrouwen in kwestie dikwijls zelf al. Schouten vertelt hoe ze wat haar is overkomen altijd heeft afgedaan met harde grappen. Zegveld noemde het vorig jaar in Het Financieele Dagblad nog een ‘Metoo-dingetje’.

Voor slachtoffers is het helend te kunnen zeggen wat hun is overkomen. Ook al ging het ‘maar’ om een ongevraagde zoen, of een hand op een been.

Kinderen met een ernstige ziekte krijgen soms in het ziekenhuis een lange ketting. Na elke behandeling, elke nare gebeurtenis die ze hebben doorstaan, krijgen ze een kraal die ze aan de ketting mogen rijgen. Veel vrouwen hebben een kralenketting vol nare gebeurtenissen. Geef hun de ruimte deze aan de wereld te tonen, waar en wanneer zij dat willen. Begin niet over de omvang of het gewicht van de kraal, het zijn de slachtoffers die bepalen hoe zwaar een nare ervaring weegt. Niemand anders.

Source: Volkskrant

Previous

Next