Cabaretier Wim Kan noemde Schiedam een van de drie oervijanden van Nederland, naast Spanje en Duitsland. Schiedam gold eeuwenlang als de jeneverstad van Nederland. Dat was te danken aan de vele molens die werden gebruikt om het graan voor de jeneverstook te malen.
Het hoogtepunt van de Schiedamse jeneverindustrie werd bereikt in 1881 toen de stad 392 stokerijen kende. Schiedam kreeg de bijnaam van het Zwarte Nazareth vanwege de roetwalm van het stoken, de sloppenwijken en het alcoholisme. Inwoner Piet Paaltjes, pseudoniem voor François Haverschmidt, dichtte ‘Een onafboenbare roetkorst kleeft/ (Dat ’s waar) er aan iederen gevel’. Hij zou zich in 1894 van het leven beroven, onder meer vanwege de deprimerende omstandigheden. F. Bordewijk schreef over Schiedam: ‘Des zomers lag zij te midden van het sappigst Hollands weidelandschap te braken als een zwarte vulkaan.’
Meer dan honderd jaar later zijn de sloppenwijken neergehaald en zijn er nog maar vier stokerijen in de stad over die het heel wat schoner doen. Maandag maakte Nolet, een van de vier, bekend de drankenhandel van Lucas Bols in Amsterdam over te nemen. Nolet betaalt beleggers 18 euro per aandeel. En dat is een forse premie voor de aandeelhouders gezien het feit dat de beurskoers net boven een tientje schommelde. Nolet heeft zelf al 30 procent van de aandelen in handen. Pikant is dat Corinne de Kuyper, telg van een van de andere resterende Schiedamse jeneverstokerijen, 15 procent heeft. De huidige ceo Huub van Doorne – jawel, een uit de Daf-familie – heeft 5,2 procent.
Over de auteur
Peter de Waard is journalist en columnist van de Volkskrant, gespecialiseerd in financieel-economische onderwerpen. Onlangs verscheen van zijn hand Het geheim van Beursplein 5, over de Amsterdamse beurs. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit.
Jenever is bijzaak geworden bij beide bedrijven. De verkopen daarvan dalen jaar op jaar. In 2006 was de afzet van jenever nog twee keer zo groot als whisky. Nu is het andersom. Het populairste product van Nolet is KetelOne Vodka, Bols moet het vooral hebben van de verkoop van cocktaildranken, zoals Passoã en Galliano. De bedoeling van een samengaan is de positie van de bestaande merken te versterken en alcoholvrije en calorie-arme spirits te ontwikkelen.
Het is niet de eerste keer dat Bols van de beurs wordt gehaald. Tussen 1960 en 1998 stond het bedrijf ook op het Damrak genoteerd. Het was toen veel groter ondanks de onzalige kaas- en borrelfusie met Wessanen in de jaren negentig. In die tijd had Bols ook al een alcoholvrij aperitief met de naam Crodino naast de jenevers (Hoppe, Clareyn, Henkes, Bokma, Hartevelt en Bols zelf) en een kleurrijk palet van cocktaildranken zoals Pisang Ambon en Blue Curacao. Nadat het fonds door een opkoopfonds van de beurs was geplukt, werd het vele malen gesaneerd en gefileerd. In 2015 werd een tot handelsbedrijf afgeslankt Lucas Bols als een nieuwe hapklare brok weer terug op de beurs gezet.
Nu verdwijnt het opnieuw. Bols hoeft niet bang te zijn zelf met zijn bedrijf in de Zwarte Nazareth te belanden. Het hoofdkantoor en het managementteam wensen in het kosmopolitische Amsterdam te blijven. Schiedam is niet langer de oervijand, maar ook niet the place to be.
Source: Volkskrant