Ook voor corona werkten ov-reizigers al wel vaker thuis (15 procent van hun werkuren) dan gemiddeld (11 procent). Maar na de pandemie zijn ze nóg vaker gaan thuiswerken, blijkt uit onderzoek van het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (KiM).
Eind 2022 werkten ov-reizigers 36 procent van hun werkuren thuis, veel meer dan die 15 procent in 2019. Alle Nederlanders bij elkaar werkten eind vorig jaar gemiddeld 23 procent van hun werkuren thuis.
Ook is er volgens de onderzoekers een afname van zakelijke reizen (voor afspraken, dus niet woon-werkverkeer) met het openbaar vervoer. Dagjes uit gaan 6 procent minder vaak met het openbaar vervoer.
Onlangs werd bekend dat de winstgevendheid van de NS onder druk staat omdat mensen nog steeds minder met de trein reizen dan voor de pandemie. De NS is 10 procent van z'n reizigers kwijtgeraakt aan het extra thuiswerken, zei topman Wouter Koolmees in september.
"Deze veranderingen in het gebruik van openbaar vervoer zijn grotendeels structureel van aard", verwacht het KiM. De onderzoekers wijzen er namelijk op dat reizigers al niet meer gehinderd worden door coronamaatregelen, maar dus toch nog thuiswerken.
Desondanks denkt het KiM niet dat het ov-gebruik blijvend zal afnemen. Door bevolkingsgroei, de kosten van het reizen met het ov of eventuele uitbreiding van de dienstregeling kan het ov-gebruik weer toenemen.
Source: Nu.nl economisch