Home

Miezermiljonair Van Haga is het levende bewijs dat geld niet gelukkig maakt

Het interview met BVNL-voorman Wybren van Haga in deze krant vertederde mij een beetje, en niet alleen vanwege de kop die erboven stond: ‘Ik ben natuurlijk een kabouter met een autoriteitsprobleem’. Het portret was bepaald geen reclame voor hem of zijn partij, maar de verongelijktheid die Van Haga tot het aanstaande einde van zijn politieke carrière lijkt vol te houden, heeft toch ook iets aandoenlijks.

Ik heb Van Haga een paar keer ontmoet en vond het geen onsympathieke man. Zijn beschaafde verbolgenheid, gepaard met een frons en een lichte verhoging van zijn stem, kan ik wel waarderen; ik doe ook weleens zo. Alleen lijkt Van Haga altijd zo te doen. De armzaligheid van de volksvertegenwoordiger Van Haga is bovendien dat het eigenlijk altijd over hemzelf gaat, direct of indirect. Hij was als huurbaas boos over coronalockdowns, hij is als multimiljonair boos over de belastingen die hij moet betalen en hij is als ex-militair boos over de behandeling van andere ex-militairen.

Over de auteur
Sander Schimmelpenninck is journalist, ondernemer en columnist van de Volkskrant. Eerder was hij hoofdredacteur van Quote. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier de richtlijnen van de Volkskrant.

En toch maakt de oppervlakkigheid van zijn politieke standpunten hem eerder kinderlijk egoïstisch dan kwaadaardig rancuneus, zoals zijn extreem-rechtse concurrenten. Van Haga heeft vooral last van het klassieke socialestijgerssyndroom: omdat hij het als jongen uit de Schilderwijk heeft gemaakt, denkt hij dat iedereen dat kan. Zonder te snappen dat hij de gelukkige uitzondering is die zichzelf als regel ziet. Een uitzondering die overigens nog veel uitzonderlijker is geworden, doordat mensen als Van Haga de sociale mobiliteit de laatste decennia met alle macht proberen te saboteren. Ik weet niet wat het tegenovergestelde is van noblesse oblige, maar het is op Van Haga van toepassing.

Van Haga behoort daarnaast ook nog tot de minst indrukwekkende subgroep der selfmade miljonairs: die van de pandjesbazen. Toch vindt hij dat hij het helemaal zelf heeft gedaan, want ‘hij heeft risico’s genomen’. Een gotspe: waar mensen met een écht bedrijf de kans lopen alles kwijt te raken, is het grootste risico van een vastgoedbelegger een tegenvallend rendement. En zelfs dát risico was in de jaren waarin Van Haga zijn slag sloeg nihil. Wat overigens wél risicovol is, beste Wybren, is het verdacht maken van vaccinaties.

Toch heeft Van Haga ook weleens gelijk, zij het meestal onbedoeld. Wanneer de interviewers hem vragen hoe een vastgoedondernemer als hij in zo’n ‘diep socialistisch land’ als Nederland zo welvarend kan worden, antwoordt hij: ‘Dat kan nu ook niet meer.’ En dat klopt als een bus. Door de afgenomen kansengelijkheid is het voor een jongen uit de Schilderswijk in deze tijd vrijwel onmogelijk om selfmade miljonair te worden. Bovendien zal de krankzinnige stijging van de vastgoedprijzen die Van Haga rijk maakte niet snel herhaald worden.

Het is bijna knap om zó larmoyant te zijn als je zó veel geluk hebt gehad. We hoeven geen medelijden met hem te hebben, zegt hij nog, om daarna te jammeren over de Nederlandse ‘boete op succes’. Hij méént het. Hij, met tientallen miljoenen aan vermogen, is het ware slachtoffer. Veel selfmade miljonairs raken hun calimerocomplex, niet zelden een grote motivator achter hun financiële succes, kwijt naarmate hun vermogen toeneemt. Maar Van Haga niet; die blijft de strijd aanbinden met steeds fictiever wordende vijanden. Bij wie wil hij toch zijn gram halen?

Miezermiljonair Van Haga is het levende bewijs dat geld niet gelukkig maakt. Wanneer de kiezer hem eind november terug naar zijn villa stuurt, hoop ik dat iemand hem eens een goede knuffel geeft. En gun ik hem het zelfvertrouwen en de dankbaarheid om eindelijk eens waardig te gaan genieten van zijn fortuin.

Source: Volkskrant

Previous

Next