Onderschatting, gebrek aan regie en misplaatste motieven: alles ging mis rond de evacuatie uit Kabul. Het is een sterk voorbeeld van de schade die wensdenken kan aanrichten.
Het duurt vaak lang, maar het is toch fijn dat in Nederland de meeste dingen uiteindelijk goed worden uitgezocht. De commissie-Ruys had er twee jaar voor nodig om de chaotische Nederlandse evacuatie uit Kabul te reconstrueren, maar nu ligt er wel iets waar het volgende kabinet veel van kan leren.
De feiten zijn bekend: na de val van Kabul in augustus 2021 verlieten Nederlandse diplomaten in totale paniek het land, met achterlating van honderden Afghanen die zo intensief voor Nederland werkten dat zij en hun gezinnen onmiddellijk in groot gevaar verkeerden. Dat velen toch nog weg wisten te komen, had minder met overheidsbeleid te maken dan met hun toevallige contacten met journalisten, hulpverleners, defensie-veteranen en Tweede Kamerleden.
In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.
De commissie voert een breed palet aan oorzaken aan, te beginnen met de Nederlandse inlichtingenpositie. Daarbij moet gezegd dat ook veel andere landen overvallen werden, maar toch: Op 10 augustus 2021 meldde de militaire inlichtingendienst MIVD nog dat het ‘onwaarschijnlijk’ was dat de Taliban binnen negentig dagen in Kabul zouden staan. Op 12 augustus werd dat scenario opeens ‘mogelijk’ geacht. Op 13 augustus is de ‘volledige omsingeling van Kabul per 31 augustus waarschijnlijk’. Op 15 augustus was Kabul in handen van de Taliban.
Wensdenken speelde daarbij een grote rol. Lang werd gehoopt dat de Afghaanse regering, mede door Nederland in het zadel geholpen, stand zou houden. Signalen dat het anders liep zijn ‘niet op waarde geschat, dan wel bewust of onbewust weggedrukt.’ De les van crisismanagers om altijd rekening te houden met het ergste, is in Den Haag niet erg diep doorgedrongen, zoals ook bleek in cruciale fases van de coronacrisis.
Er had in die augustusdagen nog veel gerepareerd kunnen worden, als vervolgens door de ministers Bijleveld van Defensie en Kaag van Buitenlandse Zaken adequater was gereageerd. Maar helaas: ‘Geen van de bewindslieden voelde zich eindverantwoordelijk.’ Kaag pakte niet de regie die ze wel had moeten pakken. De premier, net als Kaag druk met de kabinetsformatie, liet eveneens na de lijnen duidelijk uit te zetten.
Op de achtergrond speelden ‘verschillende politieke opvattingen over asielbeleid’, schrijft de commissie, die daarmee bevestigt dat het kabinet de hoofdzaken slecht van de bijzaken wist te scheiden: alsof het helpen van mensen die voor je gewerkt hebben niet gewoon een morele plicht, is maar onder het reguliere asielbeleid valt.
Het rapport is een belangrijke blijk van eerherstel voor ‘onze mensen in Kabul’ die zich met recht in de steek gelaten voelden. Waar er nog ruimte voor twijfel was of Bijleveld en Kaag in september 2021 terecht aftraden na moties van afkeuring aan hun adres, is die nu wel weggenomen.
Source: Volkskrant