Home

Op de Grote Markt (in elke plaats) tref je een groot restaurant. Hier in Schiedam vol klassiekers, maar met ambities beladen

Grote Markt 17, Schiedam
deeenling.com
Cijfer: 8
Toegankelijk menu voor lunch, borrel en diner, ook voor vegetariërs. Dagmenu van drie of vier gangen € 37,50/ € 47,50. Maandag en dinsdag gesloten.

De Grote Markt van Schiedam is er een zoals veel Nederlandse steden Grote Markten hebben: een gezellig plein met een kerk, een standbeeld en kroegjes en eethuizen eromheen. Zelfs in het voormalig stadhuis, dat pal middenop staat en het plein zo als het ware in tweeën deelt, is een restaurant gevestigd – een goede illustratie van het feit dat men voor raadsvergaderingen, voordrachten of de kerkgang steeds minder vaak naar het centrale punt van een stad komt, maar om te eten des te meer.

Kloeke etablissementen zijn het, die Grote Marktzaken, vaak met aanduidingen als brasserie, grand-café of lounge (al is die laatste aan het uitsterven). Ze hebben hoge, versierde plafonds, zo ver mogelijk uitgebouwde terrassen, en een lange bar. Een uiteenlopend publiek komt er de hele dag binnenlopen voor waar ze maar zin in hebben – er is koffie, een tosti of bier en een bitterbal, en later voor een toegankelijk voor-ieder-wat-wilsmenu vol succesvolle allemansvrienden als de caprese en kipsaté. De bediening is er meestal efficiënt en onpersoonlijk, het eten weinig ambitieus en op z’n best oké.

De Eenling, onze bestemming van vanavond, lijkt op het eerste gezicht ook zo’n standaardzaak: een brasserie op een hoekje, met hoge ramen en een terras. Er staan velours blauwe stoelen, er hangen grote bollampen en bij de wc’s zijn twee gokkasten. De bloemen op de tafels kunnen wel wat water gebruiken – tot zover niks nieuws. De reden dat we dit restaurant toch bezoeken is dat we de chef-eigenaar van De Eenling kennen als iemand die juist meestal níét zo van de gebaande paden is. Marnix Benschop was met zijn lange rode baard en volgetatoeëerde armen een jaar of tien geleden hét schoolvoorbeeld van de toen de stedelijke keukens bevolkende hipsterchef, en zwaaide de scepter in tegendraadse Rotterdamse zaken als Biergarten, Dumbo en The Suicide Club. Maar zoals dat gaat met rock-’n-rolltypes, net als met andere mensen: er kwam een vrouw en een hond en een kind en toen nog drie, het Rotterdamse appartement werd te klein en Benschop trok met de hele misj­pooche naar Schiedam, waar hij op de Grote Markt een leegstaand pand nieuw leven inblies. Zijn baard is afgeknipt tot meer huisvaderachtige lengte, zijn oudste zoon rent in karatepak over het terras.

Het restaurant is vijf dagen per week open van 11 uur ’s morgens tot middernacht, en de toegankelijke kaart huisvest gangbare klassiekers als steak tartare, een goede hamburger met baconjam, spiegelei en boerenkaas, en spaghetti met gehaktballetjes, maar ook een aantal erg aantrekkelijke vegetarische en veganistische gerechten. Alles wordt zelf gemaakt, van de focaccia en de kroketten tot de koekjes bij de koffie. Je kunt er lunchen met een omelet of garnaalkroketten, in het weekend zijn er Amerikaanse pannekoekjes en eggs benedict, en ‘waar mogelijk’ worden biologische producten gebruikt, lezen we. Op het sandwichbord staat de vis van de dag: rog à la meunière – dat eten we niet, want de rog wordt met uitsterven bedreigd. Op de drankenkaart een ruime keus aan fris, bier en cocktails, en een compact en vriendelijk geprijsd wijnkaartje. Voor de kinderen zijn er huisgemaakte kipnuggets, geinig.

Wij beginnen met de paté met rodeuiencompôte (€ 15). Het zijn twee flinke plakken met een voorbeeldig aangemaakt slaatje ernaast – er liggen ook wat zelf ingemaakte daslookkappers bij. De paté is goed van smaak maar een tikje droog en hammig – ik vind het zelf lekkerder als er iets meer lever en spek in zit voor de smeuïgheid. De compote is véél te zoet, die laten we liggen. Het viergangenmenu van de chef (€ 47,50) begint met een remoulade van knolselderij en eekhoorntjesbrood, met daarop wat herfsttruffel en eromheen een goedgekozen, romige saus van walnoot. Slim bedacht: het is een heel fijn hartig, luxueus en substantieel vegetarisch voorgerecht. Datzelfde geldt voor de vol-au-vent met paddestoelen en groenten (€ 14) van het menu. Het pasteibakje van bladerdeeg is bestrooid met sesamzaad, maanzaad en komijn, en gevuld met een mengsel van gebakken cantharellen, champignons, spinazie, sjalotten en wat room: heel smakelijk.

In het menu krijgen we als tweede gang een coquille op citroenrisotto met gestoofde ui en watermunt. De coquille is ingevroren geweest (dat is te zien aan het feit dat hij bij het bakken is gescheurd) maar wel in het restaurant zelf opengemaakt. Levend uit de schelp gehaalde (en eventueel direct daarna goed ingevroren) coquilles zijn duidelijk te onderscheiden van zogenoemde ‘emmercoquilles’, die bewerkt zijn met een conserveermiddel – die laatste hebben een weezoete, onprettige geur en kunnen eigenlijk niet meer goed bruingebakken worden. Deze heeft een prima korstje en van de rokken en het corail is een saus gemaakt: slim. Ook de risotto is erg goed gelukt, en de combinatie van de citroenrijst met de gestoofde ui, die een beetje aan mosselgroente doet denken, is ongewoon maar werkt als een tierelier.

Als hoofdgerecht is er in het dagmenu malse kogelbiefstuk met een peperroomsaus en weer lekker veel groente: aardappelrösti met olijfolie en rozemarijn, een groot stuk geroosterde pompoen, pompoenpuree en gebakken cantharellen. Ik ben een groot voorstander van peperroomsaus en dit is een heel goeie – wat een fijn, herfstig gerecht. De maiskipfilet met pilav en salsa verde (€ 25,50) is ook goed gebraden en gul van een groentegarnituur voorzien: geroosterde bosuitjes en geschroeide snijbonen. De salsa verde is aan de grove kant en de pilav valt erg tegen: in plaats van een rijst die met smaakmakers wordt gesmoord in een bouillon, lijkt dit gewoon gekookte rijst die daarna is aangemaakt met olijfolie, rozijnen en pistachenootjes. Ook de groene salade (€ 5), een nogal droog en saai husseltje van lollo bianco met radijs, wortel en koolsla in zoete mayo, kan echt veel beter.

Als dessert kiezen we uit het menu de karamelsoes (€ 9), een bijna intimiderend grote unit die krakend vers is, gevuld met smeltend vanilleroomijs en rijkelijk begoten met een dapper donkerbruin gekaramelliseerde, fudge-achtige saus: knettereenvoudig, supergoed uitgevoerd en onweerstaanbaar. In het menu zit een stukje klassiek Franse gâteau opéra: een behoorlijk ambitieuze taart opgebouwd uit in koffie gedrenkt amandelgebak, koffiebotercrème, chocolademousse en ganache, waarbij de laagjes doen denken aan de opbouw en balkons van de Parijse Opéra Garnier. Er ligt ook nog gekaramelliseerde banaan en hazelnootroomijs naast – beslist overdadig, maar lekker.

Het is leuk om te zien hoe Benschop in zijn zaak aan de ene kant de toegankelijkheid van het Hollandse Grote Marktrestaurant weet te behouden, maar het menu ook de nodige diepgang, ambitie en tegendraadse randjes meegeeft.

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next