De uitstoot van de sector zou de eerste helft van 2023 zelfs al zijn gezakt – ware het niet dat het droge voorjaar roet in het eten gooide. Door die droogte, nota bene deels aangejaagd door klimaatverandering, konden veel waterkrachtcentrales niet optimaal draaien en moesten gas- en kolencentrales bijspringen. Het gevolg: toch nog 0,2 procent stijging van de broeikasgasuitstoot die vrijkomt bij het opwekken van elektriciteit in plaats van de 3 procent afname die analisten verwachtten.
Niettemin heeft de wereldwijde energiesector een ‘plateau’ bereikt, constateert energiedenktank Ember, na analyse van 78 landen. Een ‘cruciale mijlpaal in de transitie naar een schone, geëlektrificeerde economie’, schrijft Ember in een rapport. ‘De wereld balanceert op het hoogtepunt van de uitstoot van de energiesector’, aldus energie-analist en onderzoeksleider Malgorzata Wiatros-Motyka in een verklaring. ‘Nu moeten we het momentum creëren voor een snelle daling.’
De ommekeer komt enerzijds door de snelle toename van wind- en zonne-energie wereldwijd, met 12 procent in de eerste helft van het jaar. Anderzijds daalde de vraag naar elektriciteit in vooral Japan (5,6 procent daling), de EU (4,6 procent) en de VS (3,4 procent), door de langzamer draaiende economie en het zachtere weer. In totaal wordt nu wereldwijd 14,3 procent van alle stroom opgewekt door zon en wind, waarvan 5,5 procent door zonnepanelen en 8,8 procent door windturbines.
‘Op zich komt dit niet onverwacht’, reageert desgevraagd uitstootexpert Detlef van Vuuren van het Planbureau voor de Leefomgeving. ‘De emissies van de rijke landen dalen ook al een tijdje. En dankzij jarenlang investeren zijn zon en wind competitief geworden, en de vormen van stroomopwekking die de heftigste groei doormaken.’
Slecht nieuws is er ook. Hoe snel de toename ook gaat, het is waarschijnlijk niet genoeg om de temperatuur onder de 1,5 graad opwarming te houden, becijfert Ember. De denktank pleit daarom voor verdrievoudiging van de wereldwijde duurzame stroomopwekking in 2030.
Bovendien lijkt behalve de uitstoot van broeikasgassen ook de bouw van windparken over het hoogste punt heen. Die worden nog wel volop bijgebouwd, maar de toename gaat steeds minder hard: in 2020 kwam er 111 gigawatt aan windmolens bij, in 2021 was het 92 gigawatt en in 2022 nog maar 73.
Opvallend zijn de enorme slagen die China maakt bij de verduurzaming. Zo is het land in zijn eentje verantwoordelijk voor veruit het grootste deel van de groei in windenergie. Vergeleken met een jaar eerder, bouwde China 26 procent méér windenergie bij. In Europa was dat maar 4,8 procent, en in Japan slechts 2,4 procent toename.
‘China is al een tijdlang wereldleider in het bijbouwen van duurzame capaciteit’, zegt Van Vuuren. ‘Waarbij je wel moet beseffen dat China daarnaast ook veel kolencentrales bijbouwt.’
Overigens denkt Van Vuuren dat de waterkrachtproblemen uiteindelijk zullen meevallen. Twee jaar geleden beschreef hij met Utrechtse collega’s hoe klimaatverandering de productie van onder meer waterelektriciteit beïnvloedt. Het bleek maar ‘om procenten’ te gaan, zegt hij. ‘Er waren plekken waar het wat minder werd, en plekken waar het wat meer werd’.
Nog altijd stoot de electriciteitsopwekking in totaal haast 12 gigaton CO2 per jaar uit, meer dan twee keer zoveel als de gehele CO2-uitstoot van de VS. Zo’n 40 procent van alle stroom wordt nog opgewekt met steenkool en gas.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden