Home

Het schiet niet erg op met die andere tijden

N.B. Het kan zijn dat elementen ontbreken aan deze printversie.

Je leest wel eens over ‘onheilszwangere’ tijden – met de jaren dertig van de vorige eeuw grimmig aan kop – maar zouden er ook tijden bestaan van blijde verwachting? Met, zeg maar, de bijna-zekere hoop dat er binnenkort voor ons allen iets moois te gebeuren staat, maatschappelijk gesproken.

Nee, dus niet woest-revolutionaire tijden zoals het 1917 van Lenin, of de jaren zestig toen Bob Dylan een generatie mobiliseerde met zijn profetische ‘er komen andere tijden’. Ook niet tijden met een heilsverwachting, metafysische speculatie over kantelende paradigma’s of verliefdheid op een charismatische grensverlegger, zoals die rond Pim Fortuyn in 2002. Maar veel prozaïscher, gewoon tijden die hoop bieden op een iets prettiger, meer solidaire samenleving.

Je zou het denken, nu alom hoop klinkt dat de politiek zich na jaren van opgefokte polarisatie hergroepeert in het ooit doodverklaarde, als bleek gehekelde midden. Weg met ieder voor zich, leve de gemeenschapszin. Schrijver Arjen van Veelen bespeurde zaterdag in een mooi essay een „Grote Opluchting”, het einde van driftige versplintering, morele scherpslijperij en het gekrenkt-identitaire eisen stellen.

Ik hoop het ook. Maar ja, vraag het eens in een kwetsbare buurt in Rotterdam, dat in rap tempo verandert van een stad die in lollige city marketing zichzelf speelt („Ech wel!”) in een stad die zichzelf opblaast. Het bloedbad dat een door wraakzucht gedreven eenling er aanrichtte is meer dan een vage echo uit een Breivik-tijd die we gelukkig al achter ons aan het laten zijn. De stad kraakt in zijn voegen en als een gerevitaliseerd midden ergens nodig is, is het aan de Maas. Daar helpt geen blijde verwachting tegen.

Ook op een veel minder extreem front klinkt nog wapengekletter uit een tijdperk dat ons-denkers hopen af te sluiten. Een medeoprichter van het opstomende Nieuw Sociaal Contract (NSC) ruimde deze week het veld omdat er wangedrag uit de archieven was gewipt. In een eerder leven zou hij een medewerker hebben weggewerkt die hem had betrapt op porno-kijken. Tja, ook voor een partij die heel de mens in het oog wil houden, inclusief diens „spirituele verlangens” is een twintig jaar oude misstap nog steeds een rode kaart.

En dan berichtte NRC ook nog over Groningers die, slachtoffer of niet, graag mee-eten uit de compensatieruif voor bevingsschade. Elke scheur telt en de gemeenschap schuift. Mij verbaast het niet, maar ik kom dan ook uit een andere kerkelijke denominatie dan NSC, een die leert dat de mens is geneigd tot elke compensatie, pardon, tot alle kwaad.

Kortom, om een rockverzuchting te citeren, contra Dylan: er komen goeie tijden, maar man, het schiet niet op (Neil Young, ‘Vampire Blues’). Of, met een nog minder zeggende, inhoudsloos-montere tv-wijsheid: „We gaan het zien.”

U kunt ons via dit formulier informeren over taalfouten of feitelijke onjuistheden, dat stellen wij zeer op prijs. Berichten over andere zaken worden niet gelezen.

Source: NRC

Previous

Next