Gaan we het dan toch meemaken? Een ruime meerderheid in de Eerste Kamer toonde zich dinsdag voorstander van het SP-initiatief om de invoering van het correctief bindend referendum in de Grondwet te verankeren: de bevolking moet zich onder voorwaarden kunnen uitspreken over een aangenomen wet, bij wijze van correctie op besluiten van het parlement.
Het is de vierde keer in vier decennia dat wordt gepoogd het correctief referendum in te voeren. Eén keer was het al bijna zover, totdat VVD-senator Hans Wiegel het plan in 1999 bruut de nek omdraaide. Sindsdien is op het Binnenhof nog veel gesproken over bestuurlijke vernieuwing, maar concreet veranderde er weinig. Een meerderheid voor het referendum is er allang in beide Kamers, maar omdat een grondwetswijziging vereist is, moet er een tweederde meerderheid ontstaan.
In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.
Dat ook die nu in zicht komt, is een direct gevolg van de gestaag veranderende politieke verhoudingen: de partijen die tegen waren (VVD en CDA voorop) zijn nog steeds tegen, maar vooral het CDA verliest getalsmatig snel aan betekenis. De christendemocratische spin-offs, de BBB en Pieters Omtzigts NSC, zijn vóór het referendum, zoals vrijwel alle nieuwe partijen die deze eeuw hun entree maakten in het parlement. Na 22 november kan het opeens snel gaan.
En dat wordt tijd ook. Want het referendum is heus geen wondermiddel, maar in een land dat nu al 25 jaar bezorgd debatteert over de veronderstelde kloof tussen kiezers en bestuurders, is het onbegrijpelijk dat er niet eerder werk is gemaakt van het eenvoudigste instrument om de kiezers directer bij dat bestuur te betrekken.
Het correctieve element is essentieel: in een parlementaire democratie hoort het initiatief in het parlement te liggen. Dat mag niet, zoals bij het Britse Brexit-referendum, onverhoeds worden doorkruist door referenda met onvoorziene en onvoorspelbare gevolgen.
Het ergste dat bij een correctief referendum kan gebeuren is dat omstreden besluiten van het parlement toch niet doorgaan. Dat zal soms voor vertraging zorgen, maar als daartegenover staat dat miljoenen kiezers inhoudelijk betrokken raken bij belangrijke wetsvoorstellen, is het voordeel groter dan het nadeel. De raadgevende referenda over het associatieverdrag met Oekraïne (2016) en de Inlichtingenwet (2017), waren in dat opzicht veelbelovend.
Bovendien is het nou eenmaal een feit dat de verhoudingen op het Binnenhof er soms toe leiden dat minderheidsstandpunten in wetgeving worden omgezet. Bijvoorbeeld omdat er een regeerakkoord over is gesloten. Denk aan de manier waarop de VVD de afschaffing van de dividendbelasting er in 2018 bijna doorheen wist te krijgen. Dat ging evident tegen de zin van een meerderheid van het parlement én de bevolking in.
Het correctief referendum kan in zulke gevallen dienen als slot op de deur tegen politieke besluiten die indruisen tegen de volkswil. Het kan zo mogelijk iets wegnemen van het wantrouwen in het land tegen de gang van zaken in Den Haag.
Zal het volk dan geen domme beslissingen nemen? Vast wel, maar dat doet het parlement helaas ook weleens.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden