De partijen willen onder meer weten wat de gevolgen van de brand zijn voor de water- en bodemkwaliteit in het getroffen gebied. Ook vragen ze het college of de brand voorkomen had kunnen worden.
De Zuid-Hollandse gedeputeerden Frederik Zevenbergen (vergunningverlening) en Meindert Stolk (toezicht en handhaving) schreven vorige week in een brief aan de Staten dat AVR "vanwege een aantal incidenten" al onder "intensiever toezicht" van milieudienst DCMR staat.
"DCMR zal dit voortzetten zolang het onderzoek naar dit incident loopt. Daarna zal worden gekeken of aanleiding is om verdere stappen te nemen", aldus de gedeputeerden.
Zes partijen uit de Staten hebben nu vragen gesteld over het toezicht in de afgelopen twee jaar bij AVR en welke overtredingen daarbij zijn geconstateerd. Ze spreken ook hun zorgen uit over de "erg gevaarlijke en giftige stoffen en processen in de Rotterdamse haven, vlak bij dichtbewoonde gebieden en waardevolle natuurgebieden".
De brand bij de AVR-locatie in Rozenburg ontstond op 21 september. Het blussen duurde enkele dagen. Er vielen geen gewonden, maar de schade was groot. AVR verwerkt normaal gesproken het afval van meer dan twee miljoen Nederlandse huishoudens, waaronder uit Rotterdam, Leiden, Den Haag, Utrecht en heel Zeeland.
De centrale zet het afval om in energie voor omliggende bedrijven en levert ook warmte aan de stadsverwarming voor Rotterdam. Door de brand ligt de centrale zeker enkele weken stil. Het afval wordt voorlopig elders in het land opgeslagen, waaronder in Tilburg en Nijmegen.
Source: Nu.nl algemeen