De toetsing aan de Algemene Wet Gelijke Behandeling (AWGB) komt voort uit klachten van tientallen gedeputeerde ouders. Die hadden het College gevraagd om te onderzoeken of er sprake is geweest van discriminatie bij de fiscus.
In september vorig jaar bleek uit vooronderzoek van het College "dat mensen met een buitenlandse afkomst (veel) vaker getroffen werden door verschillende onderdelen van de harde fraudeaanpak dan mensen van Nederlandse afkomst". Op basis daarvan concludeerde het instituut voor mensenrechten dat in ieder geval het vermoeden van discriminatie door de Belastingdienst/Toeslagen gerechtvaardigd was.
Eerder op de dag concludeerde het College dat dit vermoeden van discriminatie op de eerste drie zaken van toeslagenouders inderdaad van toepassing is. Omdat de Belastingdienst/Toeslagen selectiecriteria hanteerde die volgens het College "neutraal waren en niet te maken hadden met hun buitenlandse afkomst", is er sprake van indirect onderscheid. Maar, zo schrijft het instituut in zijn oordeel, "ook dat is een vorm van discriminatie".
Namens twee melders laat jurist Juliëtte Bonneur aan NU.nl weten dat haar cliënten blij en opgelucht zijn over de uitspraak. "Hoewel ze wisten dat ze gelijk hadden, hadden ze niet durven hopen dat dat nu zwart op wit staat."
Naast de oordelen kwam het College maandag ook met een aanbeveling voor de Belastingdienst/Toeslagen. Dat is naast het controleren van de eigen algoritmen ook het van tijd tot tijd nakijken of de werkwijze geen discriminerende effecten heeft.
Het College voor de Rechten van de Mens kan als mensenrechteninstituut geen sancties of straffen opleggen. Wel kan het oordeel van het College toeslagenouders van pas komen bij een gang naar de rechter. De komende tijd beoordeelt het instituut nog andere zaken. Die worden van geval tot geval beoordeeld.
Source: Nu.nl algemeen