Demissionair premier Mark Rutte zei dat hij het besluit om minister van Buitenlandse Zaken Wopke Hoekstra voor te dragen als Eurocommissaris ‘naar zich toe had getrokken’ en dat ‘verschillende smaldelen uit het kabinet’ dat hadden toegestaan. Tweede Kamerleden vonden het ‘onnavolgbaar’ en spraken, terecht, van een schimmige procedure. Toch was het geheel in stijl met de mistige benoemingsprocedure van Nederlandse bewindslieden waar de Kamer vooralsnog mee akkoord lijkt te gaan.
In Nederland zijn we gewend dat bewindslieden worden benoemd na gesprekken achter gesloten deuren en onder tijdsdruk. Werd er in 2021 maar liefst 279 dagen gesproken over het regeerakkoord, het kabinet stond na drie weken al op het bordes.
Zo bezien komt Hoekstra er in Brussel niet zo makkelijk mee weg. De afgelopen weken ging hij van afspraak naar afspraak om steun te vinden voor zijn benoeming, om zijn klimaatkennis bij te spijkeren en Europarlementariërs ervan te overtuigen dat hij heus wel verstand heeft van Europese besluitvorming. Hoekstra moet maandag aan het Europees Parlement bewijzen dat hij geschikt is en de sociaaldemocraten hebben al aangegeven niet zonder slag of stoot met zijn nominatie akkoord te gaan.
Over de auteur
Willem van Ewijk is jurist en historicus, buitenpromovendus aan de Universiteit Leiden en kandidaat-Kamerlid voor Volt. Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.
Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.
Ook na zijn charmeoffensief is hij dus nog niet zeker van zijn zaak. Het Europees Parlement kan de benoeming weliswaar niet tegenhouden, maar kan Hoekstra’s positie door een pittige vragenronde wel verzwakken. Bij de formatie van de Commissie-Von der Leyen in 2019 trokken drie Eurocommissarissen zich terug na bezwaren van het Europees Parlement.
Na een negatieve beoordeling kan er ook nog aanvullende informatie worden gevraagd of er kan worden besloten een Eurocommissaris een andere portefeuille te geven. De positie van het Europees Parlement ten opzichte van de Commissie wordt met de hoorzittingen versterkt en de Tweede Kamer kan hier een voorbeeld aan nemen.
Als we ook in Nederland meer tijd hadden genomen voor de benoeming van bewindspersonen en controle vooraf, had dat veel ongelukken kunnen voorkomen. In 2002 trad staatssecretaris Philomena Bijlhout al na een paar uur af, nadat bekend was geworden dat ze ten tijde van de Decembermoorden deel uitmaakte van de Surinaamse burgermilities van legerleider Bouterse. Staatssecretaris Co Verdaas moest in 2012 al na een maand aftreden vanwege een declaratiezaak.
En dan zijn er ook nog de bijna-ongelukken. In 2022 debatteerde de Kamer nog over de investeringen die Wopke Hoekstra voor zijn toenmalige ministerschap van Financiën deed via belastingparadijzen op de Maagdeneilanden en Guernsey. Het liep met een sisser af.
Na diens aantreden als minister openbaarde Nieuwsuur dat minister Ernst Kuipers van Volksgezondheid banden had met een bedrijf dat in een juridisch conflict zat met het ministerie waarvan Kuipers zelf de hoogste baas is. Als dit vooraf kon worden getoetst had er openheid van zaken kunnen worden gegeven en besloten kunnen worden bijvoorbeeld bepaalde onderdelen van zijn portefeuille onder te brengen bij een andere bewindspersoon.
Tegelijkertijd kan de Kamer bewindspersonen ondervragen over waar ze nou echt voor staan. Een minister die belastingontwijking moet aanpakken maar zich hier zelf schuldig aan lijkt te maken, heeft die wel de juiste overtuiging om minister van Financiën te worden? En wat vindt minister Kuipers van de marktwerking in de zorg? Daarmee raak je meteen aan de kern van de ondervragingen, namelijk dat je kunt testen of een beoogd bewindspersoon wel genoeg kennis en ideeën heeft over het beleidsterrein.
Toenmalig minister Henk Staghouwer van Landbouw lag vorig jaar maanden onder vuur omdat hij niet genoeg ideeën had om de boeren perspectief te bieden, terwijl de stikstofcrisis al bij zijn aantreden in volle gang was. Dit had tijdens een hoorzitting duidelijk kunnen worden, waarna meteen naar een geschiktere kandidaat kon worden gezocht.
Europarlementariërs gebruiken de hoorzittingen bovendien om toezeggingen te krijgen waarmee ze direct invloed uitoefenen op het beleid. Het past in de voorgenomen nieuwe bestuurscultuur waarin steeds meer partijen pleiten voor open regeerakkoorden en meer invloed vanuit de Tweede Kamer.
Al sinds 2005 worden er in de Kamer voorstellen gedaan om voorgedragen bewindspersonen aan een parlementair verhoor te onderwerpen. Laatst nog in december 2021, toen een voorstel van D66, GroenLinks en Denk vijf stemmen te kort kwam. Dat kan nu veranderen, aangezien de PvdA zich op dit punt heeft aangesloten bij GroenLinks.
Het voorstel kan nog voor het verkiezingsreces in oktober ter stemming worden gebracht. Vervolgens kan het reglement van orde worden aangepast zodat de hoorzittingen voor het aantreden van het nieuwe kabinet kunnen worden gehouden. Hiermee komen we weer een stap dichter bij een open bestuurscultuur.
Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden