September is de maand van la Rentrée, zoals ze de start van het nieuwe boekenseizoen noemen in Frankrijk, het land waar alles mooier is. Ook hier bewaren uitgevers hun grote titels voor het najaar, als de dagen weer korter worden en de avonden langer. Welke tien boeken vond de boekenredactie van de Volkskrant in september de beste, en waarom? Daar gaat-ie, in willekeurige volgorde.
Wat als mensen niet meer de baas zijn over hun eigen bedenksels, zoals bijvoorbeeld AI? Dat is het onderwerp van De MANIAC van de Chileense (maar in Rotterdam geboren!) Benjamín Labatut. Dit klinkt saaier dan het is; De MANIAC , een merkwaardige mengeling van fictie en non-fictie, is een adembenemend, spannend en meeslepend boek, schreef Maarten Steenmeijer. Het belicht het leven van de briljante wiskundige John von Neumann, pionier van de kwantummechanica, die in de eerste decennia van de 20ste eeuw met Oppenheimer aan de ontwikkeling van de atoombom werkte. (Dit boek is trouwens beter dan die film).
Benjamín Labatut: De Maniac. Uit het Engels vertaald door Dirk-Jan Arensman. Meridiaan; 384 pagina’s; € 26,50.
Tussen werelden is een moderne versie van de aloude brievenroman en opgebouwd uit mails en appjes. Juli Zeh en Simon Urban schreven een zeer leesbare roman waarin ‘amper een splijtzwam in de moderne samenleving onbesproken blijft’, schreef Bert Wagendorp. Het boek is te lezen als satire, maar ‘er zit te veel herkenbaars in de beschreven gebeurtenissen om er helemaal gerust op te zijn.’ Tussen werelden vormt zo ook een waarschuwing tegen moreel-absolutisme, ‘collectieve dogma’s en absolute waarheden.’
Juli Zeh en Simon Urban: Tussen werelden. Uit het Duits vertaald door Annemarie Vlaming. Ambo Anthos; 392 pagina’s; € 24,99
‘Voor een relatief onbekende Amerikaanse schrijver die hem al een tijd geleden gepeerd is naar de eeuwige jachtvelden, krijgt John Fante (1909-1983) de handen in Nederland nog steeds op elkaar’, schreef John Schoorl. Aanleiding voor zijn juichstuk was de vertaling van Het volle leven; het was de enige van de negen meesterwerken roman van Fante die nog niet in het Nederlands was verschenen. Maar nu dus wel. En dat is goed nieuws, want ook dit boek van de ongeëvenaarde literator Fante zit barstensvol empathie, humor en schrijfdrift.
John Fante: Het volle leven. Uit het Engels vertaald door Dirk-Jan Arensman. Oevers; 212 pagina’s; € 22,-
Een toenemend aantal Nederlandse schrijvers publiceert zijn/haar dagboeken, zo ook de 90-jarige Cees Nooteboom van wie in september De danser en de monnik verscheen. Het is het eerste deel van een driedelige reeks en Nooteboom tikt ze allemaal zelf uit. Elma Drayer genoot vooral van de sappige roddels over Remco Campert, die de verjaardag van Nooteboom vergat, en over Harry Mulisch. In 1983: ‘Beestachtig vervelende avond Herenclub. (…) Harry lijdt aan verwarring des geestes.’ In 1984: ‘En Harry M. maar volhouden dat Rusland het land is waar schrijvers tenminste au sérieux genomen worden. Ik ga dat steeds verachtelijker vinden, die boutades om zijn Amerikahaat goed te praten.’ Smul.
Cees Nooteboom: De danser en de monnik – Dagboeken 1970-1995. Bezorgd door Philippe Noble. Koppernik; 550 pagina’s; € 47,50
‘Zadie Smith rekent af met Charles Dickens’, luidde de kop boven de recensie waarin Emilia Menkveld Smiths eerste historische roman besprak. Nu zal Dickens zich van die afrekening vermoedelijk weinig aantrekken, maar feit is dat de beroemdste schrijver uit het victoriaanse tijdperk vanuit het grote onbekende niets tandenknarsend moet toezien hoe hij op een kwart van Charlatan opnieuw het leven laat. Engeland dompelt zich in rouw; maar Eliza Touchet - de hoofdpersoon in Charlatan, die in literaire kringen verkeert en in het bezit is van een aan haar opgedragen exemplaar van A Christmas Carol - merkt dat Dickens’ dood haar volkomen koud laat.
Zadie Smith: Charlatan. Uit het Engels vertaald door Peter Abelsen. Prometheus; 448 pagina’s; € 25,99
Hans Driessen, Michel Krielaars en Eva Peek selecteerden ooggetuigenverslagen van de Russische geschiedenis en bundelden 150 fragmenten daaruit in Dit volk heeft zijn god op aarde. De bundel, die verschillende eeuwen omvat, is zo gevarieerd en zo goed samengesteld dat het de aandacht moeiteloos vasthoudt. Samen vertellen ze één groot verhaal over Rusland, schrijft Olaf Tempelman.
Hans Driessen, Michel Krielaars, Eva Peek (red.): Dit volk heeft zijn god op aarde – Ooggetuigen van de Russische geschiedenis. Pluim; 456 pagina’s; € 28,99
Kunstenaars zijn net gewone mensen: ze gaan soms behoorlijk de fout in, bijvoorbeeld omdat ze hun tengels niet kunnen thuis houden of zich op andere manieren schuldig maken aan grensoverschrijdend gedrag. ‘Mag’ je hun werk nog mooi vinden? Dat vroeg Mirjam van Hengel aan Claire Dederer, die een boek over de heikele kwestie schreef. (Dederers antwoord was: ja.)
Claire Dederer: Monsters – Dilemma’s van een fan. Uit het Engels vertaald door Lidwien Biekmann. Nijgh & Van Ditmar; 320 pagina’s; € 24,99
Biograaf Jens Andersen is al jaren geobsedeerd door de Deense auteur Tove Ditlevsen, die op haar 58ste een einde aan haar leven maakte. Zijn nieuwe (want hij schreef er eerder ook al een) biografie over haar geeft een prachtig beeld van de gekwelde schrijfster die zich altijd miskend voelde en nu geldt als de grootste literaire ster van Denemarken, vindt Lotte Jensen.
Jens Andersen: Tove Ditlevsen, de biografie. Uit het Deens vertaald door Lammie Post-Oostenbrink. Das Mag; 253 pagina’s; € 24,99
‘Overdonderend als een sneeuwstorm’, schreef Henk Pröpper in zijn recensie van Schemering van Philippe Claudel. In deze nieuwe roman, over de moord op een pastoor in een grensgebied, is de Franse regisseur en (scenario)schrijver weer volstrekt origineel: ‘Het verhaal heeft een tijdloze oerkracht, de stijl is plastisch en poëtisch als altijd’.
Philippe Claudel: Schemering. Uit het Frans vertaald door Manik Sarkar. De Bezige Bij; 416 pagina’s; € 24,99
Vier eeuwen na zijn geboorte wordt de 17e-eeuwse filosoof Spinoza nu geëerd met een indrukwekkende biografie van de befaamde Britse historicus Jonathan Israel, die eerder imposante boeken schreef over de radicale Verlichting in Europa en Spinoza’s bepalende rol daarin. Opnieuw presenteert Israel de filosoof als de grondlegger van een radicale Verlichting die alleen in de Nederlandse Republiek van de zeventiende eeuw tot stand kon komen en een drijvende kracht zou worden achter het moderne denken, schrijft Ronald van Raak.
Jonathan I. Israel: Spinoza – Life and Legacy. Oxford University Press; 1.314 pagina’s; ca. € 44,-
Een nieuwe biografie van Walter Isaacson is altijd de moeite waard - de man schreef eerder prachtige boeken over Leonardo Da Vinci, Steve Jobs en Albert Einstein. Nu waagt hij zich aan de rijkste man van de wereld, Elon Musk - de passage dat Musk een Oekraïense droneaanval op de Krim saboteerde werd nog voor de verschijning nieuws. Terecht staat de biograaf uitgebreid stil bij Isaacsons zielige jeugd, schrijft Laurens Verhagen, maar hij laat zich wel te veel door zijn bewondering leiden. Even goed een interessant boek over een megalomane, onsympathieke en helaas machtige figuur.
Walter Isaacson: Elon Musk. Uit het Engels vertaald door Catalien van Paassen-Neelissen en Willem van Paassen. Spectrum; 704 pagina’s; € 29,99
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden