Home

Regisseur Catherine Breillat is het schandaalimago van haar films beu, maar politiek correct zal ze niet worden

‘Die Deense film bevatte veel explicietere seks’, constateert een journalist aan tafel bij Catherine Breillat. Een stekelige opmerking aan het adres van de 75-jarige Franse filmmaker, beroemd en berucht omdat zíj tijdens haar vijf decennia durende carrière juist zo vaak degene was die qua expliciete verbeelding van seksualiteit de grenzen verkende en oprekte.

Het onderwerp van gesprek, afgelopen mei tijdens een interview met Breillat op het filmfestival van Cannes, is haar film L’été dernier, een fraaie remake van Queen of Hearts, de Deense filmhuishit uit 2019 waarin een getrouwde vrouw van in de veertig een complexe en meeslepende affaire aanknoopt met de opstandige puberzoon van haar man. De verwachtingen rond Breillats remake waren hoog. Zou de als shockfilmer betitelde Française erop uit zijn die Denen – met hun onverbloemde pijpscène – te overtreffen?

Over de auteur
Berend Jan Bockting schrijft sinds 2012 voor de Volkskrant over film.

L’été dernier bleek een veel zachtere film dan gedacht. Wat vervolgens een acute vraag opriep: wat is er in Breillat gevaren? Is dit dezelfde filmer die in haar controversiële, duistere liefdesdrama’s Romance (1999) en Anatomie de l’enfer (2004) de Italiaanse pornoster Rocco Siffredi castte en de tongen los kreeg omdat ze zijn erecties breed uitserveerde op de doeken van vriendelijke, brave filmtheaters? Is dit de Breillat wier debuutfilm Une vraie jeune fille (1976), een coming-of-age over de ontluikende seksualiteit van een 14-jarig meisje, in eigen land 23 jaar lang niet mocht worden vertoond?

In Cannes verklaart Breillat, óók befaamd vanwege haar uitgesproken interviews, zich in eerste instantie met twee bondige zinnetjes. ‘Ik wilde een andere film maken. Het heeft voor mij geen enkele zin om te doen wat ik al eens heb gedaan.’

Meteen daarna, het interview is dan 46 seconden bezig, verheft ze haar stem. Het is niet per se boosheid, blijkt tijdens de komende drie kwartier. Wel is ze graag duidelijk en punctueel. ‘Je voulais justement pas!’ Breillat voelde geen enkele behoefte een seksueel expliciete film te maken.

‘Dat is het eerste wat ik zei toen Saïd Ben Saïd (de Tunesisch-Franse producent met wie ook Paul Verhoeven zijn Franse films maakt, red.) met het idee van deze remake kwam aanzetten: ik ga mezelf niet herhalen. Ik ben méér dan een specifieke regisseur die alleen maar specifieke scènes maakt. Ik wilde een ander verhaal vertellen dan de Deense film. Ik hou niet van vrouwelijke personages die in de rol van een of ander roofdier worden gedrukt, dat is wat die Deense film toch een beetje doet.’

Ze bouwde het oorspronkelijke scenario van de Denen Maren Louise Käehne en May el-Toukhy om tot een verhaal over lust en verlangen, zegt ze. ‘L’été dernier gaat niet over manipulatie, zoals de Deense film. Het onbewuste verlangen interesseert mij veel meer. Verlangen dat weerloos maakt en onbewust bezit van je neemt. Dat ons decorum afpelt. Ertoe leidt dat we onszelf verliezen.’

Ze spreekt over ‘de Deense film’ alsof ze neerkijkt op haar bronmateriaal, maar dat blijkt geenszins de bedoeling. ‘Ik raakte gefascineerd door de spectaculaire, duizelingwekkende leugen die zich in Queen of Hearts in het hart van het romantische koppel manifesteert. Hoe beiden die leugen op den duur accepteren: c’est magnifique.’

Ze formuleert haar soms wijdlopige, poëtische zinnen vanuit een soort oerkracht: wie Breillat hoort spreken, luistert zwijgzaam. Fysiek oogt ze daarentegen broos. Ze zit ineengedoken op een bank en helt wat naar de leuning, het gevolg van een hersenbloeding die in 2004 de linkerkant van haar lichaam deels verlamde. Drie jaar later zou ze alweer filmen.

Alleen het voorspelen van scènes aan haar acteurs laat ze sindsdien noodgedwongen over aan assistenten: voor Breillat is het een cruciaal element van regie omdat ze veel waarde hecht aan de non-verbale communicatie van haar personages, niet alleen tussen de lakens maar ook via blikken en lichaamstaal.

Tijdens de scènes waarin haar personages in L’été dernier de liefde bedrijven, filmt Breillat vooral hun gezichten. Wat hoopt ze daar te zien? ‘Eerlijkheid’, zegt ze. ‘Dat heb ik overigens altijd gedaan: gezichten vertellen mijn verhalen. Ik spreek graag van het naakte gezicht – een verrukkelijke uitdrukking, vind ik. Net als mensen die zich verliezen in verlangen zorgt ook seks voor verlies van decorum. Focus je je op zo’n gezicht, dan kunnen we de personages op een nieuwe manier lezen. Het gezicht is veel suggestiever én expressiever dan lichamen ooit zullen zijn. Daarom hou ik zo van cinema.’

Ze sluit haar antwoord af met een oneliner en een grijnslach, niet voor het laatst: ‘Cinema stelt me in staat de zielen van mijn acteurs te verslinden.’

Ze vervolgt: ‘Wat het filmen van seksscènes betreft gebruik ik twee methoden. De een filmt de emotie en intensiteit van de daad op zo’n manier dat het publiek ervan overtuigd is dingen te zien die helemaal niet zijn vertoond. De ander laat alles zien – maar wél met elegantie. Vind je die elegantie, dan gebeurt bij de toeschouwers het omgekeerde, dan denken ze dat ze niets hebben gezien.’

Klinkt wat abstract en theoretisch, maar dat valt bij nader inzien mee. Die explicietere, tweede aanpak werd in de Volkskrant in de recensie van haar lust- en relatiedrama Romance (1999) destijds helder geduid door Pauline Kleijer: ‘Breillat speelt een ingewikkeld spel: ze heeft ervoor gekozen seks in al zijn grafische details te tonen, wetend dat haar film daardoor aandacht zou trekken, maar ze probeert tevens een verhaal te vertellen dat de pornografische waarde van de seksuele scènes tot nul reduceert.’

Was ze er destijds op uit mensen tegen de schenen te schoppen? Weer in onelinermodus: ‘Ik ben er nooit op uit geweest om mensen te shockeren. Ik bén het schandaal.’

Dan, serieuzer, geeft ze toe het schandaalfilmimago inmiddels tamelijk beu te zijn. ‘Een equivalent voor schandaal in het Frans is sulfure (chemische verbinding van zwavel en metaal, red.) Een schandaal ruikt bij ons naar zwavel, de geur van de duivel, van de hel. Maar ik identificeer me niet met zwavel: zwavel brandt en consumeert de dingen waarmee het in aanraking komt. Ik ben uit op opschudding. Herschikking. Ik hoop ervoor te zorgen dat we – in ieder geval qua seksualiteit – onze blik kunnen verbreden.’

Die expliciete seks had een doel: ‘Ik wilde de verbeelding van expliciete seksualiteit bevrijden uit het domein van de porno. We beleven bijna allemaal vergelijkbare scènes in ons dagelijks leven. Het liefdesleven ís nou eenmaal expliciet. Ik wilde dit territorium terugveroveren, in het belang van de kunst.’

Ze maakt zich zorgen over de tijd waarin we leven. Meer dan ooit is het belangrijk om vrouwelijke seksualiteit te verbeelden, zegt ze. ‘In Florida proberen ze momenteel een wet door te drukken waarmee het verboden wordt om meisjes voor hun 12de voor te lichten over menstruatie, terwijl de gemiddelde leeftijd waarop meisjes beginnen met menstrueren ligt tussen de 9 en 11,5 (deze wet is inmiddels doorgevoerd, red.). Dit is slechts één voorbeeld waarin de realiteit van een jong meisjesleven dreigt te worden onderdrukt. We leven in een puriteinse samenleving waarin mensen mogen beweren dat er een gevaar in jonge meisjes huist en dat ze tegen zichzelf moeten worden beschermd.’

Een andere journalist vraagt in hoeverre ze politiek correct is geworden. Vinger in de lucht, ogen wijd open: ‘Non! Nooit! Politiek correcte kunstenaars duwen mensen in categorieën. Zo creëren ze een kunstmatige ideologie die niets te maken heeft met het echte leven. Het leven is oneindig meer gevarieerd en complex. Wanneer we ons onderwerpen aan politieke correctheid, wanneer we de werkelijkheid in een ideologie menen te moeten persen, zijn we rechtstreeks onderweg naar het fascisme. We leven in een land waar wetten de mensen beschermen. Laten we op die wetten vertrouwen. We hebben geen demagogen nodig.’

Trots vertelt ze over haar speech in Teheran, in 1997. Met een handvol westerse vrouwelijke filmmakers was ze uitgenodigd om live op de Iraanse tv in een filmforum te praten over vrouwen in de filmwereld. ‘De meeste vrouwen die aan het woord kwamen waren superconformistisch. Ik wilde daar niet aan toegeven. Er werd verwacht dat ik een keurig statement zou maken tegen de wijze waarop vrouwelijke lichamen op tv en in film worden geëxploiteerd.’ Dit argument zou vervolgens door het Iraanse regime worden gebruikt om te laten zien dat vrouwen als vrome en dociele wezens moeten worden afgebeeld.

‘Maar ik vertelde over het belang om vrouwen op het doek te vertegenwoordigen als verleidsters of gewoon als onschuldige jonge meisjes. Nu onder meer door die menstruatiewet in Florida ook in het Westen een tijdperk van ideologisch fanatisme is aangebroken, denk ik dat het heel nuttig is om die speech opnieuw te publiceren.’

Tijdens het maken van L’été dernier liet Catherine Breillat zich onder meer inspireren door Maria Magdalena in extase van Caravaggio. ‘Hoe Maria daar wordt afgebeeld, met de mond wat open en de kin omhoog, is de puurste staat van verlangen die ooit door een kunstenaar is vastgelegd’, zegt Breillat. ‘Je moet een genie zijn om dát in beeld te vangen. Ik ben geen genie, dus ik steel van Caravaggio. Hij is sowieso de meest cinematografische schilder van allemaal – iedere regisseur zou voor het begin van een nieuwe film zijn werk opnieuw moeten bekijken.’

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next