Home

Een monument voor de mens Anil Ramdas

N.B. Het kan zijn dat elementen ontbreken aan deze printversie.

Het was best een ruige vraag voor een Leidse promotieplechtigheid. Streefde Anil Ramdas, opperde een hooggeleerde opponent, niet uit ijdelheid naar iets onwerkelijks of zelfs onmenselijks: een individu zijn dat zich van elke culturele binding had losgemaakt?

Nauwelijks tussen de regels door klonk hier het verwijt dat de kosmopoliet Ramdas zich had afgekeerd van zijn eigen, Surinaams-Hindoestaanse achtergrond en was gaan dwepen met een geïdealiseerde westerse beschaving die hem uiteindelijk, toen het multiculturele drama dag in dag uit werd opgevoerd, als een baksteen zou laten vallen.

De oppositie maakte duidelijk dat Ramdas’ werk ook nu een snaar raakt, in een tijd die bol staat van hunkering naar gemeenschapszin, gestookt op nostalgie en heimwee.

Karin Amatmoekrim, die dinsdag in Leiden met onnadrukkelijke passie en academisch succes haar proefschrift verdedigde – een biografie van Anil Ramdas – wees in haar antwoord op de broodnodige kritische positie die publieke intellectuelen innemen, altijd binnen én buiten hun gemeenschap.

Dat gold zeker voor hem. Het proefschrift In wat voor land leef ik eigenlijk? is ook als publieksboek verschenen – en daarmee heeft Anil Ramdas, die in 2012 een einde aan zijn leven maakte, de postume erkenning gekregen die hij verdient.

Wie de biografie leest, vermoedt dat de vraag van de hooggeleerde opponent berust op een veronderstelling die in Ramdas’ werk juist wordt ondergraven: het idee dat individualisme en inbedding in een gemeenschap elkaar uitsluiten, of communicerende vaten zouden zijn; hoe meer individu, hoe minder gemeenschap.

Van zijn tv-optreden in Zomergasten tot zijn laatste scherpe columns en essays, toonde Ramdas daarentegen, met vallen en opstaan, de creatieve dynamiek van de wisselwerking tussen individualisme en gemeenschapsdrift. Die is ook het uitgangspunt van Rüdiger Safranski’s Einzeln sein, zijn boek over intellectuelen die in staat waren geëngageerde distantie te bewaren tot hun gemeenschap, een die hen altijd eigen bleef hoezeer ze er ook mee overhoop lagen.

Ramdas maakte het zelf nog wat ingewikkelder door een roman te schrijven, Badal, die leest als een gefictionaliseerde autobiografie (hij baseerde zich, zei hij, op het Wiki-lemma van Anil Ramdas). Ook in die trieste, ondergewaardeerde roman proef je de scheppende én destructieve spanning tussen de behoefte om erbij te horen (en bewonderd te worden) en de hang naar autonomie. Bij de gestileerde Anil uit de media voegde zich de gefictionaliseerde, tot wie vriend en vijand zich opnieuw moest zien te verhouden.

Nog een reden waarom de biografie van de mens Anil Ramdas niet alleen welkom is, maar ook noodzakelijk.

U kunt ons via dit formulier informeren over taalfouten of feitelijke onjuistheden, dat stellen wij zeer op prijs. Berichten over andere zaken worden niet gelezen.

Source: NRC

Previous

Next