De afgelopen twee dagen sprak de Kamer over de spreidingswet. Op dit moment kunnen gemeenten niet verplicht worden om asielzoekers op te vangen. Daar moet - zo vindt het kabinet en een deel van de Kamer - verandering in komen, zodat niet steeds dezelfde gemeenten te hulp schieten.
De spreidingswet regelt dat de opvanglocaties op basis van inwoneraantal over het land worden verdeeld. Gemeenten krijgen een financiële beloning als ze vrijwillig genoeg plekken aanbieden. Als er na verloop van tijd niet aan de opgave is voldaan, kan het kabinet dwang toepassen.
PVV, FVD, SGP, Groep van Haga en JA21 zijn tegen de wet. De VVD is dat sinds de val van het kabinet ook. Daartegenover staan de voorstanders van de wet: D66, CDA, PvdA, GroenLinks, ChristenUnie en Volt.
De ogen waren vooral gericht op de twijfelende partijen SP en BBB. Kamerlid Jasper van Dijk (SP) is niet tegen de wet, maar ziet het liefst dat het aantal benodigde bedden voor asielzoekers ook wordt verdeeld op basis van hoe rijk een gemeente is.
Caroline van der Plas (BBB) is net als Van Dijk niet principieel tegen de wet, maar ze wil wel het aantal opvangplekken per twee jaar begrenzen op 30.000. Deze voorwaarde zorgde voor verwarring bij andere Kamerleden.
Voor het regelen van 15.000 opvangplekken per jaar is de wet niet nodig, want die plekken bieden gemeenten nu al vrijwillig aan. Ook vroegen Kamerleden wat Van der Plas dan wilde doen als er toch meer vluchtelingen zijn die hiernaartoe komen. "Je kan altijd zoiets krijgen als een Oekraïnecrisis. Gaat bij u dan de deur dicht of zegt u 'nee, daar maken we dan een uitzondering voor'?", vroeg Van Dijk.
Demissionair staatssecretaris Eric van der Burg (Asiel en Migratie) gaf aan dat hij onder meer vanwege die reden geen absoluut getal in de wet wil opnemen.
De positie van de BBB laat direct zien dat het debat over meer dan alleen de spreidingswet ging. Een meerderheid van de Kamer vindt dat er te veel asielzoekers naar Nederland komen en wil maatregelen nemen om dit te verminderen.
Ook het CDA wil dit, maar Kamerlid Bart van den Brink vindt dat dit niet gekoppeld moet worden aan de spreidingswet. "Zolang we wachten met het naar beneden brengen van de instroom om de chaos op te lossen, zal de chaos blijven bestaan", zei hij.
De Kamer stemt volgende week dinsdag over de voorstellen om het wetsvoorstel aan te passen. De SP en BBB willen daarna de aangepaste wet onder de loep nemen voor ze een definitief standpunt innemen. De stemming over de hele wet zal op hun verzoek op z'n vroegst pas twee dagen later plaatsvinden.
Een wetsvoorstel moet altijd worden aangenomen door de Eerste en Tweede Kamer. De Tweede Kamer kan ook aanpassingen doen (amendementen indienen). Die amendementen worden besproken tijdens het debat.
Als de Tweede Kamer op een later moment over het wetsvoorstel stemt, geven de Kamerleden eerst een oordeel over deze aanpassingen. Pas daarna wordt gestemd over het complete voorstel dat dan op tafel ligt.
Het kan voorkomen dat partijen de wet wel willen aanpassen, maar uiteindelijk tegen de wet stemmen. Ze willen de wet dan in ieder geval verbeteren voor het geval die er toch gaat komen.
Source: Nu.nl algemeen