Home

Hoe het Vietnamese onderwijs de wereldtop behaalde: ‘Geen land laat zulke resultaten zien’

Vietnam presteert op onderwijsgebied veel beter dan vergelijkbare landen, en zelfs beter dan veel rijke landen als Canada of Engeland. Maar hoge Pisa-scores leiden niet automatisch tot de ‘kwaliteiten waar het bedrijfsleven om vraagt’.

De 17-jarige Bao Nhu ziet er met haar blauwe plooirok, witte overhemd en teddybeerrugzak hetzelfde uit als alle andere scholieren in Vietnam. Maar aan haar zwart-wit geblokte das en het subtiele logo op haar schouder kun je zien dat Bao een echte Amser is. Een leerling van de befaamde Hanoi-Amsterdam High School: ooit opgericht met kwartjes en guldens van anti-oorlogsdemonstranten in Amsterdam, en inmiddels uitgegroeid tot de beste school van het land. Slechts 3 procent van alle inschrijvers overleeft de jaarlijkse driedaagse toelatingstest.

‘Nee, die was niet makkelijk’, zegt Bao die voor het schoolhek op haar moeder wacht. ‘Maar ik had dag en nacht gestudeerd voor dat examen. En door alle extra lessen na school, viel de stress uiteindelijk wel mee.’ Volgens de bebrilde tiener, die prachtig Engels spreekt, was dat allemaal de moeite waard. ‘De vibe hier is geweldig, er is zoveel energie, en niet nerdy of zo.’ Met een Ams-diploma op zak kun je volgens Bao alles worden. ‘Zelf wil ik doorleren op een Amerikaanse universiteit. Die zijn multicultureel, dat lijkt me zó interessant.’

Over de auteur
Noël van Bemmel is correspondent Zuidoost-Azië voor de Volkskrant. Hij woont in Denpasar, Indonesië. Eerder schreef hij over Amsterdam, reizen en defensie.

De Hanoi-Amsterdam High School (‘voor de begaafden’) staat aan de top van het Vietnamese onderwijssysteem. En dat wil wat zeggen, want het Zuidoost-Aziatische land staat volgens de internationale driejaarlijkse Pisa-test (wiskunde, begrijpend lezen en wetenschap) onder 15-jarigen doorgaans in de top twintig van de wereld. Dat betekent dat Vietnam niet alleen beter scoort dan buurlanden als Maleisië en Thailand, maar ook veel rijkere landen als het Verenigd Koninkrijk en Canada achter zich laat. Ook de Nederlandse scholier legt het royaal af tegen Vietnamese tieners op het gebied van wetenschapskennis.

Hoe komt Vietnam aan die vooraanstaande positie?

Wat helpt, stellen waarnemers, is een communistische partij die (basis)onderwijs zeer serieus neemt. De eerste leiders, waaronder Ho Chi Minh, beschouwden lezen, rekenen en andere basisvaardigheden als een beproefd anti-koloniaal medicijn om zoveel mogelijk inwoners uit de armoede te halen. Nog steeds steekt Vietnam relatief veel aandacht en geld in onderwijs (20 procent van de publieke uitgaven, tegen bijvoorbeeld 12,5 procent in Nederland).

De patriottische geest vind je ook terug in de rode halsdoek van veel schooluniformen en het manshoge portret van ‘Oom Ho’ (Ho Chi Minh) aan de gevel van de Hanoi-Amsterdam High School. En in de hoge participatiegraad van kinderen en actieve betrokkenheid van ouders met het onderwijs.

Dat gezegd hebbende: al in de zeventiende eeuw – ver voor Karl Marx – schreef de Nederlands-Vietnamese handelaar Samuel Baron dat de inwoners van het Koninkrijk Tonkin (het huidige Noord-Vietnam) slechts dol zijn op twee dingen: leren en sinaasappelen.

Met dertig tot zestig leerlingen puilen klassen in Vietnam doorgaans uit, vooral in industriegebieden waar veel migranten heen trekken, maar daar staat tegenover dat de kwaliteit van de onderwijzers hoog is. Zij ontvangen voortdurend bijscholing en genieten veel vrijheid om op hun eigen manier les te geven. Hoe hoger de resultaten van hun leerlingen, of hoe afgelegener hun schooldistrict, hoe hoger hun salaris.

‘Geen land in de wereld – met een nationaal inkomen op dat niveau – laat zulke goede basisschoolresultaten zien’, zegt universitair hoofddocent politieke economie Jonathan London aan de Universiteit Leiden in een podcast. Hij spreekt vloeiend Vietnamees en doet al decennia onderzoek naar het onderwijssysteem in Vietnam.

Toch wil London de hoge Pisa-score (Programme for International Students Assessment) wat relativeren. Volgens hem klagen veel Vietnamese ouders juist over de gebrekkige kennis en vaardigheden die hun kinderen meekrijgen en dat zij veel geld moeten steken in bijles. Vietnamese leerlingen worden volgens hem getraind examens heel goed te maken; niet om samen te werken met leeftijdsgenoten of om zelf oplossingen te bedenken. Kwaliteiten waar het bedrijfsleven om vraagt.

‘De zwakte van het Vietnamese onderwijssysteem komt vooral aan het licht in de bovenbouw en op universiteiten en technische hogescholen. Daar moet de kwaliteit – na decennia van verwaarlozing – flink omhoog.’ Deze leeftijdsgroep valt buiten het Pisa-onderzoek. Volgens London moet de regering in Hanoi komende jaren meer en slimmer investeren in het hoger onderwijs.

Tegelijkertijd moeten leerlingen worden gestimuleerd om op school te blijven. Veel bovenbouwers kiezen nu voor een baan in een fabriek, wat zo’n 300 euro per maand oplevert, in plaats van door te leren met het risico mogelijk werkloos te worden. Vietnam wil weliswaar een hooginkomenland worden, zoals Singapore of Zuid-Korea, maar kampt voorlopig met een tekort aan hoogopgeleide werknemers en bijpassende banen.

Buiten de Hanoi-Amsterdam High School loopt de 16-jarige Phan Thanh Nguyen naar huis, met zijn borst vooruit. ‘Ja, ik ben trots op dit uniform.’ Iedere ochtend loopt de elfdeklasser – vergelijkbaar met 5 vwo – om 7 uur naar school en volgt daar lessen tot 3 uur ’s middags. Daarna is het tijd voor de bijles. ‘Als je een beurs wilt voor het buitenland, zijn resultaten heel belangrijk.’

Phan wil graag naar een technische universiteit in Frankrijk. Zoals alle Amsers is hem verteld dat zijn school is opgericht met geld van de Nederlandse overheid – hij kijkt ervan op als hij hoort dat het donaties van gewone Amsterdammers zijn (zie kader). Met een ernstig gezicht: ‘Wij waarderen dat zeer. Dank u!’

Begin 1973 demonstreerden meer dan honderdduizend mensen in Amsterdam tegen de Vietnamoorlog. Toenmalig burgemeester Ivo Samkalden besloot hulp aan te bieden aan de communisten; het comité Amsterdam helpt Hanoi hing de stad vervolgens vol met posters van een jonge Vietnamese boerin en zamelde 200.000 gulden in. Met dat geld werd in 1985 de Hanoi-Amsterdam High School geopend in de Vietnamese hoofdstad. Sinds dag 1 selecteert ‘Ams’ scholieren die excelleren in bèta­vakken, en inmiddels grossiert de school in medailles van internationale kenniswedstrijden.

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next