Home

Hoe begin je een succesvolle leesclub? Zeven tips

Nederland telt naar schatting zo’n vijfduizend boekenclubs. Daar zitten vriendengroepen bij, maar ook officiële leesclubs, zoals die van Stichting Senia, goed voor 1750 leesclubs door het hele land, en Stichting Literatuurclubs Drenthe met ongeveer 220 groepen in de noordelijke provincies.

‘Leesclubs zijn booming’, zegt Sanne Grijsen, directeur van Senia. De organisatie groeide in de afgelopen twee jaar met 3000 man naar bijna 12 duizend leden. ‘We denken dat het een after-corona-effect is: mensen hebben behoefte om samen te komen en gebruiken het boek als middel.’

Zo’n boekenclub kan ook een stok achter de deur zijn om het lezen weer op te pakken. Dat is geen overbodige luxe. Nederlanders lezen minder in hun vrije tijd dan vroeger. In 2006 las de gemiddelde persoon 4,7 uur per week, in 2016 was dit nog maar 3,4 uur, blijkt uit cijfers van het Sociaal en Cultureel Planbureau. Zo’n 24 procent van die leestijd wordt besteed aan boeken – naast bijvoorbeeld kranten, tijdschriften en informatie via het internet. Hoe maak je een leesclub tot een succes?

Is het een veredelde gezelligheidsvereniging of intellectuele krachtmeting? De verwachtingen rondom de leesclub kunnen uiteenlopen. ‘Begin met een rondje langs de deelnemers om de motieven van iedereen vooraf duidelijk te krijgen’, adviseert Liesbeth Ram, die als ambassadeur van Senia al tien jaar leesclubs helpt opzetten in de regio Utrecht.

‘Veel mensen willen getriggerd worden om weer eens een boek te lezen. Ze zeggen: ‘Ik ben een luie lezer en heb vaak geen tijd. Door die leesclub moet ik wel.’ Maar er zijn ook mensen die net zijn verhuisd en nieuwe contacten willen opbouwen.’ Uit onderzoek van de Rijksuniversiteit Groningen blijkt inderdaad dat de sociale waarde van leesclubs voor veel mensen een belangrijke motivatie is.

De kunst is om de conversatie over het boek te laten gaan, en niet over de vakantie van Els of de kleinkinderen van Hans. ‘Als je niet uitkijkt, blijven er nog tien minuten over voor het boek’, vertelt Marian Mijnhardt, die al 25 jaar bij een leesclub zit in Arnhem.

Natuurlijk wil je even bijpraten, maar houd het kort. Het helpt om een vaste structuur te bedenken. ‘In het begin vertelt iedereen bijvoorbeeld in een paar woorden wat ze van het boek vonden, gevolgd door een cijfer’, zegt Ram. ‘Zo heeft ieder leesclublid al iets gezegd en is er een ingang om later op iets terug te komen.’

De ene persoon neemt makkelijker het woord dan de ander. Om te voorkomen dat iemand de spreekwoordelijke microfoon niet meer afstaat, kies je een gespreksleider, elke keer iemand anders. ‘Hij of zij heeft de taak om iedereen aan bod te laten komen’, zegt Ram.

‘Wees er scherp op dat mensen niet afhaken of met elkaar gaan praten. Dan zeg je: ‘Laten we het centraal houden.’ De gespreksleider is er dus niet zozeer om zélf allerlei intelligente vragen voor te bereiden, maar om de sociale dynamiek te bewaken.’

Uit het eerdergenoemde onderzoek van de Rijksuniversiteit Groningen blijkt dat 63 procent van de mensen boeken leest om de kennis over literatuur te verbreden. Een leesclub is de ideale kans om uit je eigen bubbel of comfortzone te treden.

‘Je gaat niet bij een boekenclub om alleen maar iets van je eigen smaak te lezen’, beaamt Mijnhardt. ‘Het leuke is juist dat je wordt verrast. Bij mij gebeurde dat bij Anna Enquist’, zegt Ram. ‘Haar boeken trokken me nooit, maar ik ben blij dat ik De Verdovers heb gelezen.’

Ooit las de boekenclub van Mijnhardt het boek Faxen aan Ger van Nicolien Mizee, een bundeling van de faxen die de schrijfster stuurde aan de door haar verafgode scenarioschrijver Ger Beukenkamp. Die overigens nooit antwoordde. ‘We hebben toen zelf ook allemaal een fax geschreven aan Ger.’

Bij veel boeken valt wel iets creatiefs te bedenken. ‘Neem iets mee wat je aan het boek doet denken of zoek er een gedicht of foto bij’, tipt Mijnhardt.

Hoe ga je om met types die hun huiswerk niet doen? ‘Je hebt ook een stoutste kind van de klas nodig’, zegt Mijnhardt over een van de leden die het boek vaak niet uitleest vanwege haar drukke leven, maar die wél met originele opmerkingen iets toevoegt. ‘Maar daar kun je je er geen zes van veroorloven.’

Een beetje streng zijn mag best. ‘Dat ik-heb-geen-tijdgeëmmer begrijp ik niet. Je wilt lezen, dus doe je het. Het kost je maar één avond in de acht weken en het boek lees je op de gestolen momenten die je anders voor de televisie hangt.’

In de bekroonde kinderserie De regels van Floor wordt moeder Irma bij school op het matje geroepen vanwege de geringe woordenschat van haar puberzoon. Om indruk te maken op de knappe meester stemt ze toe om bij zijn boekenclub te gaan.

Ze moet dan wél eerst even alle zeven delen van De Schrijftafel van J.J. Dashel lezen (een parodie op Het Bureau van J.J. Voskuil). Als ze aan de beurt is, geeft ze toe het verschrikkelijk saai te vinden. ‘Ik ben gestopt. Ik heb het uittreksel geprint. En zelfs dat heb ik niet uitgelezen.’ Opgelucht pakt de rest óók het uittreksel tevoorschijn.

‘Je moet het niet te hoogdravend maken’, zegt Mijnhardt. ‘De liefde voor lezen is genoeg. Het gaat ook om de lol. Een tijd terug lazen we Over Schoonheid van Zadie Smith. Pas na een tijd kwamen we erachter dat we dat boek al eens hadden behandeld. Maakte het wat uit? Nee.

Over de auteur
Anna van den Breemer schrijft voor de Volkskrant over grote en kleine levensvragen. Ze publiceerde meerdere boeken, waaronder Alle ouders klungelen maar wat aan.

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next