Zita Pels staat bij een meertje in Amsterdam-Noord. Op de achtergrond is het geluid van de ringweg te horen. En een paar meter verderop hangt een groot geel protestdoek. Ook de nabijgelegen woonarken hebben zonder uitzondering affiches achter het raam hangen met de boodschap: ‘Noorder IJplas zegt nee’.
‘Maar die drie windmolens gaan hier wel komen’, zegt de GroenLinks-wethouder. ‘We verwachten in de loop van dit jaar de vergunning. Als het meezit, staan ze er over twee jaar.’
Want als Amsterdam wil voorkomen dat de stad te maken krijgt met overstromingen, verzakte woningen of tropische ziektes die door de opwarming een kans krijgen, dan zijn de komende twintig jaar cruciaal, zegt Pels. Sinds ruim een jaar is ze als wethouder verantwoordelijk voor Duurzaamheid, Energietransitie en Circulaire Economie. Deze week presenteert ze een uitgebreid pakket klimaatmaatregelen, waarover de raad eind dit jaar beslist. ‘We moeten nu gaan uitvoeren.’
Zo moeten er elders in Amsterdam nog eens veertien windmolens komen, gaat de stad een eigen warmtebedrijf oprichten en wordt het warmtenet versneld uitgerold. Huizen worden geïsoleerd, elk jaar worden minimaal honderd ondernemers geholpen om circulair te gaan werken en scholieren worden gestimuleerd om bij hun beroepskeuze rekening te houden met deze nieuwe wereld.
Over de auteurs
Elsbeth Stoker verslaat als regioverslaggever van de Volkskrant ontwikkelingen in Amsterdam en omstreken. Eerder schreef ze over politie, justitie en criminaliteit. Tjerk Gualthérie van Weezel schrijft voor de Volkskrant over energie en de impact van de energietransitie op het dagelijks leven.
Om een beeld te krijgen van wat het omvangrijke pakket in de praktijk betekent, ging de Volkskrant met de wethouder op pad langs plekken die exemplarisch zijn voor de klimaatambities. De Noorder IJplas is er daar één van. Want Pels kan weliswaar daadkrachtig zeggen dat die windmolens er nu echt komen, het verzet van Amsterdammers tegen windmolens is behoorlijk succesvol gebleken.
Vooral het windmolenprotest in IJburg haalde afgelopen jaren met regelmaat landelijke media. De bewoners van de wijk, die veelal op GroenLinks en D66 stemmen, kregen het voor elkaar de windmolens uit hun achtertuin te weren. Het werd gezien als typisch voorbeeld van hoofdstedelijke hypocrisie.
‘Nee. Je kunt best bezorgd zijn over het klimaat én zorgen hebben over je gezondheid als er een windmolen in je buurt komt te staan. Tegelijkertijd blijkt zowel uit een recente enquête als uit de laatste gemeenteraadsverkiezingen dat er steun is voor windmolens in de stad.
‘Natuurlijk zullen we proberen de meeste windmolens in de haven te plaatsen, maar de verwachting is, dat dat niet genoeg is. Begin volgend jaar weten we op welke andere plekken er ook windmolens komen.’
‘Door goed onderzoek te doen naar de effecten hopen we de zorgen van de omwonenden weg te nemen. Daarnaast proberen we de overlast te beperken. Voor het project in de Noorder IJplas hebben we bijvoorbeeld afgesproken dat de molens tijdelijk uitgaan als de zon zo staat dat de woonbootbewoners last hebben van een vervelende slagschaduw. En bewoners kunnen er ook financieel van profiteren door lid te worden van coöperaties of door obligaties te kopen.’
‘Ja. Maar ik heb gezegd: ik wil dat deze transitie menselijk is. We nemen de zorgen serieus. Sommigen zijn bang voor straling van nieuwe onderstations, dus dat laten we goed onderzoeken. En we geven buurten verschillende opties als we ergens een transformatorhuisje willen bouwen: waar het kan komen en hoe het eruit kan zien. Dat hoort bij zo’n enorme transitie. Er is weerstand en we moeten pionieren.’
Het is niet voor het eerst dat Amsterdam ambitieuze klimaatplannen presenteert. In 2018 kondigde het college aan dat Amsterdam in 2030 55 procent minder CO2 moest uitstoten dan in 1990. Om dat te bereiken lanceerde Pels’ voorganger Marieke van Doorninck in 2020 een ‘routekaart’, oftewel een lijst met ambities waarmee Amsterdam de landelijke voorloper zou worden. Niet veel later werd er bovendien een mini-burgerberaad georganiseerd, waar Amsterdammers zelf met klimaatvoorstellen konden komen. Daaruit volgde onder meer het plan voor een Amsterdams klimaatbos van duizend hectare.
Ambitieuze ideeën, maar als het gaat om wat Amsterdam uiteindelijk écht doet, is de conclusie: het is nog altijd niet genoeg. Vorig jaar schreef onderzoeksbureau CE Delft dat Amsterdam blijft steken op een reductie van 42 procent in 2030. Daarop stuurden honderden Amsterdamse ambtenaren een opmerkelijke ‘brandbrief’ aan hun werkgever. Met een verwijzing naar hun ambtseed stelden zij dat ze de noodklok wel móésten luiden. In het belang van alle Amsterdammers. Want er zitten ‘enorme gaten tussen de bestuurlijke ambitie, daadwerkelijke resultaten en de fysieke werkelijkheid.’
Pels: ‘Ik was blij met de brief, ik zie het als een hart onder de riem.’
Pels’ plan bouwt dus verder op wat haar voorgangers al hebben besloten. Daarnaast schroeft ze de ambitie verder op: 60 procent minder CO2-uitstoot in 2030, in plaats van 55 procent. ‘De sociaal-economische effecten zijn bij de keuzes leidend geweest. Want juist de wijken waar mensen nu al geen gelijke kansen hebben, worden – als we niets doen – het hardst geraakt door klimaatverandering. We moeten ervoor waken dat alleen de rijken zonnepanelen aanschaffen of de fundering van hun verzakte woning kunnen herstellen.’
‘Ja. Elk besluit zullen we voortaan nemen vanuit de gedachte ‘duurzaam tenzij’. Er loopt nu bijvoorbeeld een aanbesteding voor bedrijfskleding, het materiaal moet 100 procent circulair zijn.’
Het college schrijft dat 81 procent van de uitstoot van Amsterdammers buiten de gemeentegrens plaatsvindt. Vooral door de spullen die de stad importeert. Ook aan die uitstoot wil de stad iets doen. Door duurzame bedrijfskleding te kopen dus. Maar vooral door circulaire bedrijvigheid te stimuleren.
De wethouder heeft op deze tour een stop gepland bij Granuband, een bedrijf in het Amsterdamse havengebied. De hoofdstad heeft een van de grootste energiehavens in de wereld. Grote hoeveelheden olie en kolen die over de Noordzee zijn aangevoerd worden hier overgeslagen en gaan daarna met rijnaken en treinen dieper Europa in.
De grote zwarte hopen steenkool krimpen nu Europa steeds meer groene energie gebruikt. Maar op het terrein van Granuband is een andere zwarte berg juist aan het groeien. Dagelijks worden er vele duizenden afgedankte autobanden afgeleverd. ‘En we hebben al een vergunning ingediend om de komende jaren verder uit te breiden’, zegt manager Marco Alderlieste.
Ruim tweederde van de banden verdwijnt in de grote loods op het terrein. Daar vermalen machines de banden tot kleine korrels. Staal en nylon komen in aparte bakken terecht. De rubberkorrels worden in de fabriek onder meer verwerkt tot tegels voor speeltuinen en paardenstallen of tot gewichten die sportievelingen op hun halters kunnen zetten.
De rest kan het bedrijf (nog) niet verwerken. Bijvoorbeeld oude tractorbanden. ‘Die filteren we eruit, verwerken we tot shreds. Dat gaat bijvoorbeeld naar cementfabrieken in het buitenland als alternatief voor fossiele brandstof. Banden die nog niet te ver zijn afgesleten, gaan naar Afrika, waar ze opnieuw onder auto’s gezet worden en nog een tijd meegaan.’
Granuband, dat al meer dan dertig jaar bestaat, is het soort bedrijf waar het stadsbestuur er graag meer van ziet in de haven. Die moet uitgroeien tot een ‘hub’ van bedrijven die bezig zijn met duurzame energie en de circulaire economie. Elders in het uitgestrekte havengebied worden plastics en metalen al gesorteerd en verwerkt tot nieuwe producten.
Toch loopt Granuband tegen de wet- en regelgeving aan, zegt Alderlieste tegen de wethouder. Zo wil hij al jaren uitbreiden. Meer banden verwerken en nieuwe producten maken. ‘Iedereen interpreteert de regels anders, ze zijn niet goed op elkaar afgestemd, er is in praktijk nauwelijks mee te werken.’ En dat maakt de aanvraag van de milieuvergunning ‘een drama’, omdat de Omgevingsdienst ‘almaar nieuwe vragen en obstakels opwerpt’.
Pels knikt begrijpend. Ze zal het met de Omgevingsdienst bespreken.
‘Dat klopt. Maar we proberen ondernemers en burgers die ergens tegenaan lopen wel te helpen. En verder kunnen we knelpunten bij het Rijk of Europa aankaarten.’
Toch, zegt de wethouder, zijn er genoeg onderwerpen waarbij het stadsbestuur wél aan de knoppen zit. ‘Bij de plaatsing van zonnepanelen hebben we alles uit de kast getrokken. Van subsidies tot aanvullende regelgeving. De doelen qua zonne-energie hebben we inmiddels gehaald. Al doe je ook dat samen met andere overheden, bedrijven en zeker ook met alle Amsterdammers.’
Een inspirerend voorbeeld daarvan vindt Pels de ontwikkeling op het Wilhelmina Gasthuisterrein, de laatste stop op de route. De oude ziekenhuisgebouwen met hun weelderige plantsoenen werden in de jaren tachtig gered door krakers en buurtbewoners. Sindsdien is het terrein uitgegroeid tot een groene oase in de stad, met ruim tachtig woningen en meerdere bedrijven.
Nu slaan de buurtgenoten weer de handen ineen en is de energiecoöperatie Ketelhuis WG opgericht. Met subsidie van de gemeente werkt de coöperatie aan een ingenieus systeem voor een lokaal ‘warmtenetje’. Pels loopt naar de brug over het naastgelegen Jacob van Lennepkanaal. ‘De bewoners gaan de warmte uit deze gracht gebruiken om hun huizen te verwarmen.’
Het idee achter dit ‘aquathermieproject’ is dat de warmte uit grachtenwater in de zomer wordt gebruikt om een groot waterbassin honderd meter onder de grond op te warmen. In de winter wordt die warmte naar boven gehaald en gaat het via een ‘buurtwarmtepomp’ naar de huizen.
‘Het aanleggen van die warmtenetten willen we versnellen. We doen eerst het laaghangend fruit. En dat zijn met name flats in kwetsbare wijken, waar veel mensen wonen die het het hardst nodig hebben.
‘Maar dit soort initiatieven ondersteunen we natuurlijk ook. Als inspirerend voorbeeld. Want dit is toch ook echt cool? Dat je met een groep Amsterdammers energie uit de gracht haalt. Hoe Amsterdams wil je het hebben?’
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden