Toen de coronapandemie uitbrak in 2020 zakte het aantal vrijwilligers snel in. Dat kwam vermoedelijk doordat een deel van de werkzaamheden niet meer uitgevoerd kon worden vanwege de lockdowns.
In 2021 deed nog slechts 39 procent van de Nederlanders minimaal één keer iets als vrijwilliger. Vorig jaar steeg dat aantal weer wat, naar 41 procent. Toch is dat nog ruim minder dan de 49 procent van de jaren voor de pandemie.
Het populairst onder vrijwilligers is het werken voor een sportvereniging. Dat doet 13 procent van de vrijwilligers, meldt statistiekbureau CBS. Ook zetten ze zich graag in voor scholen, buurtverenigingen, gezondheidszorg of hobbyclubs.
De vrijwilligers in de zorg zijn het vaakst actief. Vaak doen ze dit wekelijks of maandelijks en daarnaast maken ze ook nog eens de meeste uren. Het zijn vooral senioren tussen de 65 en 75 jaar die dit type vrijwilligerswerk doen. Ook bij onder meer sportclubs, culturele verenigingen en politieke organisaties zetten veel vrijwilligers zich elke week in.