De menselijke exodus die op gang is gekomen van Armeniërs uit Nagorno-Karabach is het jongste gevolg van het Azerbeidzjaanse machtsspel tegen Armenië en Armeniërs. De leider Alijev grijpt met militair machtsvertoon wat hij kan, gesteund door de Turkse president Erdogan. Europa staat er bij, spreekt zijn zorgen uit, en kijkt ernaar. Het is een voorlopig dieptepunt in het menselijke drama dat zich al maanden ontvouwde in de enclave. Maar het is goed mogelijk dat de ergste fase van dit conflict nog moet komen.
Dat dit brute Azerbeidjaanse optreden weinig tegenspel krijgt, ook diplomatiek, ligt aan allerlei factoren, maar een van de belangrijkste is de tanende macht van Rusland in de regio. Dat bleek al in 2020 toen Azerbeidzjan op oorlogspad ging, en met behulp van Turkse drones de Armeense tegenstand wegblies. Uiteindelijk werden er een paar duizend Russische ‘peacekeepers’ gestationeerd die de de afgelopen maanden toelieten dat Bakoe de enclave afsloot.
Rusland trad lang op als zelfbenoemd politieman van de Kaukasus, die vriendschappelijke banden had met Jerevan en Bakoe en aan beide landen wapens verkocht. Armenië was echter militair altijd afhankelijker van Moskou dan Azerbeidzjan – en zag in 2013, net als Oekraïne, onder Russische dreiging af van een associatieakkoord met de EU (dat er in 2021 alsnog kwam).
Ondertussen werd het economische verschil tussen Armenië en het delfstoffenrijke Azerbeidzjan groter en groter – een verschil dat president Alijev omzette in militaire superioriteit. Azerbeidzjan (gesteund door Turkije) wil dat militaire voordeel en Ruslands tanende macht uitbuiten en trekt zich daarbij weinig aan van internationale regels.
Het land heeft vorig jaar Armenië aangevallen en maanden en maandenlang ongestraft de bevoorrading met voedsel en medicijnen van Nagorno-Karabach afgesneden. Oud-hoofdaanklager van het Internationaal Strafhof Luis Moreno Ocampo waarschuwt dan ook voor erger, herinnert eraan dat Alijev Armenië ‘West-Azerbeidzjan’ heeft genoemd, en spreekt van genocide. De dreigende Azerbeidzjaanse taal – ook inzake de corridor tussen Azerbeidzjan en de Azerische exclave Nachitsjevan – is omineus. Hetzelfde geldt voor de ontmoeting van Erdogan en Alijev gisteren in die exclave.
Kan de ‘internationale gemeenschap’ iets betekenen in dit conflict? Tegen de achtergrond van een verlamde VN-Veiligheidsraad en het feit dat de VN-Mensenrechtenraad soms meer lijkt op een Mensenrechtenschendersraad lijken de mogelijkheden daar beperkt. De EU is, met Amerikaanse diplomatieke steun, een bemiddelingsrol begonnen tussen beide landen. Doel is om tot een uiteindelijke vredesregeling te komen waarin alle uitstaande kwesties worden geregeld. In een ironische twist betrekt de EU bovendien een deel van het gas dat het niet langer wilde afnemen van Moskou sinds kort van Bakoe.
Ondanks deze onderhandelingen van beide landen met de EU en deels ook nog met Rusland, is het al meer dan een jaar overduidelijk dat Azerbeidzjan met het mes op tafel onderhandelt. De flagrante schendingen van mensenrechten kunnen een voorbode voor erger geweld zijn als Azerbeidzjans ambities niet worden ingetoomd. De EU zal nu moeten bewijzen dat haar buitenlandbeleid meer is dan haar nieuwe gasafhankelijkheid van Bakoe.
In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden