Agnes Jongerius neemt afscheid van 35 jaar publieke dienst: 25 jaar vakbond, 10 jaar Europees Parlement. Resultaat telt, leerde ze bij de vakbond. Is er genoeg bereikt? ‘Ik heb een steen verlegd in de rivier.’
Eigenlijk is alles terug te voeren op het verhaal achter een gele post-it met daarop het zinnetje: ‘Heb je Anja Hazenkamp al gebeld?’
Dat de vakbond tegenwoordig actie voert voor een minimumloon van 16 euro per uur. Dat de linkse politieke partijen dit bedrag onverkort overnamen in hun nieuwe programma’s voor de komende verkiezingen. Dat een niet-gespecificeerde ‘hogere beloning’ voor de laagstbetaalden ook als strijdpunt terug te vinden is bij politieke partijen die vroeger vonden dat mensen er maar lui van worden als je ze te royaal beloont (tegenwoordig zeggen ze daar zelfs dingen als ‘bestaanszekerheid is een klassiek VVD-thema’).
Het gele briefje was door een ijverige medewerker geplakt op het bureau van Agnes Jongerius in haar kantoor in het Europees Parlement. Volgend jaar vertrekt ze uit dat kantoor (ze is dan 63, vindt dat ze ‘jongere talentvolle partijgenoten niet in de weg moet zitten’ en is het bovendien ‘zat om continu rond te moeten reizen met mijn rode koffertje’), nu heeft ze tijd om terug te blikken op haar erfenis na een lange carrière in publieke dienst.
Als Europarlementariër voor de PvdA had ze de opdracht genoeg stemmen te werven om in alle landen van de Europese Unie een fatsoensnorm voor het minimumloon voor elkaar te krijgen. ‘We hadden een schema gemaakt met daarop alle 705 namen van de leden van het Europees Parlement, en kruisjes bij wie we nog moesten zien te overtuigen. Dat ging van ‘met wie ben jij goed’ en ‘als jij nou eens koffie gaat drinken met die en die’.’
En zo belandde op Jongerius’ bureau voornoemde post-it. Bellen hoefde niet, want als er nou één Europarlementslid was dat allang vanzelf in het ja-kamp zat, dan was het Hazenkamp (Partij voor de Dieren). Waarmee Jongerius maar wil zeggen: haar medewerkers lieten werkelijk niets aan het toeval over.
Dat heeft geholpen, want op een dinsdagnacht in juni vorig jaar kwam ze uit een zaal gebeend en kon ze na twee jaar onderhandelen zeggen: ‘We hebben een deal.’ Zo kwam er een Europese richtlijn die onder meer stelt dat het minimumloon 60 procent van het doorsneeloon moet zijn. Het bel-Anja-geeltje heeft ze bewaard als trofee.
De richtlijn is een vriendelijk signaal dat minimumlonen ‘toereikend’ moeten zijn. Een rekenmethode die werknemers en vakbonden een steuntje in de rug geeft, en werkgevers en lidstaten verplicht om in kaart te brengen of mensen rond kunnen komen van het minimumloon – sancties zijn er niet. Zo zou in Nederland het minimumloon volgens deze ‘rekensom van Agnes’ tegen de 16 euro per uur moeten zijn. Het komt met circa 12 euro per uur nog steeds niet in de buurt van dat bedrag.
Genant, vindt ze. Zo gaat dat met werken aan sociale verandering. Een kwestie van de heel lange adem, van teleurstellingen slikken, zegeningen tellen en lijdzaam toezien hoe járen aan onderhandelingen soms door het putje worden gespoeld omdat de wind in de polder of politiek van richting is veranderd. Jongerius zag het in 25 jaar vakbond en 10 jaar politiek vaker.
Neem het andere dossier waaraan ze in Brussel werkte als hoofdonderhandelaar: de Europese richtlijn voor ‘passende arbeidsbescherming’ van Europeanen die uit arme lidstaten – Bulgarije, Roemenië, Polen – afreizen naar rijke – Nederland, Duitsland – om daar te werken.
‘In het begin vroegen de Roemeense en Bulgaarse collega’s: ‘Agnes, waarom haat je ons?’ Ze vonden het niet kies dat ik van ‘sociale dumping’ sprak, want dat klinkt alsof je Bulgaren met vuilniszakken vergelijkt. Ze zagen er een slinkse manier in om Oost-Europese werknemers te weren. Ze waren boos dat onze West-Europese adviesbureaus, retailers en banken in Centraal- en Oost-Europa de boel hadden weggeconcurreerd. Het enige dat zij daartegenover te stellen hadden was goedkope arbeid en dan gingen wij daarover zeuren. In Brussel leer je dingen te bekijken vanuit Litouws of Cypriotisch perspectief.’
Ook die richtlijn kreeg ze erdoorheen. Dat kun je gerust een kleine revolutie noemen, want heel lang kende de Europese Unie op papier wel iets dat ‘sociaal beleid’ heette, maar was het niet de bedoeling dat lidstaten daar iets van zouden merken. ‘Vroeger hoefden er maar drie boeren een tankwagen met melk leeg te laten lopen op het Schumanplein of de Eurocommissaris kwam naar buiten gehold om te beloven dat hij het landbouwbeleid ging aanpassen. Terwijl, als je daar met 50 duizend mensen stond te demonstreren tegen slechte arbeidstijden, dan gebeurde er helemaal niets.’
‘Pas toen het gerommel rond de Brexit begon, en er bij een olieraffinaderij in Engeland demonstranten ‘British jobs for British workers’ stonden te roepen, en het er even op leek dat Marine Le Pen de verkiezingen in Frankrijk best zou kunnen winnen, toen daalde ook bij de Europese Commissie het besef in: we raken de steun voor het Europese project kwijt. Ze konden niet langer de koek alleen maar laten groeien en verwachten dat er voor iedereen vanzelf genoeg kruimels overblijven. Ze moesten zelf de koek beter verdelen.
‘Zo ontstond er politieke ruimte, ook voor mij. Dat was nieuw, want op Europees niveau kennen ze geen polderoverleg. Vakbonden hebben te weinig positie, de werkgevers hebben het heel lang exclusief voor het zeggen gehad.’
Ze overlegde met Bulgaarse vakbonden, liet Poolse bouwvakkers en Roemeense ouderenverzorgers hun verhaal doen in het Europees Parlement, en legde uit dat ze niets heeft tegen Roemenen, maar wel tegen West-Europese werkgevers die aan uitbuiting doen. Nu de richtlijn er is, protesteren Roemeense en Bulgaarse collega’s niet meer dat hun landgenoten het werken in het westen moeilijk wordt gemaakt, maar vragen ze: ‘Agnes, waarom behandelen ze onze mensen in Nederland nog steeds zo slecht? Het zou toch beter worden?’
‘De regels zijn verbeterd, het zelfbewustzijn van de Roemeense en Bulgaarse arbeiders is gegroeid, maar de Arbeidsinspectie is onderbemand. Ingrid Thijssen van VNO-NCW mag in de krant zeggen dat er nog veel meer arbeidsmigranten nodig zijn, maar garanties dat ze fatsoenlijk behandeld worden, zijn er niet. Vervolging van overtreders is een kwestie van willen: in België zijn ze daar heel effectief in, Nederlandse kabinetten hebben het goeddeels laten liggen. En als je het ene gat in de wetgeving dicht, vinden bemiddelaars wel een nieuw gat, bieden ze bijvoorbeeld slachthuismedewerkers aan als zzp’er. Er zijn gewoon heel veel slechte mensen.’
‘Ken je dat liedje De steen, van Bram Vermeulen? Ik heb een steen verlegd in de rivier, het water gaat er anders dan voorheen. Dat is wat je daar doet, stenen verleggen. Toen we werkten aan Europese regels voor een evenwicht tussen werk en privé en aan normen voor een uitgebreid vaderschapsverlof, hing Wouter Koolmees, die toen minister voor Sociale Zaken was, aan de lijn met de boodschap: het Nederlandse parlement wil geen oekazes uit Brussel met lang verlof voor vaders, we regelen dat zelf in Nederland. Ammehoela, dacht ik, want we zitten al vreselijk lang te rommelen met kinderopvang en ouderschapsverlof. Nederland is zó conservatief in dat opzicht. De richtlijn kwam er gewoon doorheen, er was geen ontkomen aan.’
‘Resultaat telt, zo weet ik nog uit mijn vakbondstijd. Toen heb ik mijn portie aan spotlights bovendien gehad, meer dan me lief was.’
Haar vakbondstijd – ze begon in 1987 bij de Vervoersbond en was voorzitter van de vakcentrale FNV tussen 2005 en 2012 – sloot ze af als ‘onderkoningin van Nederland’. ‘Een titel die Alexander Pechtold van D66 voor me had bedacht. Dat was spottend en beledigend bedoeld en zo heb ik het ook opgevat. We zijn hard gebotst over de pensioenen.’
Het waren roerige tijden, waarin de pensioenen moesten worden hervormd en de AOW-leeftijd omhoog moest. Jongerius onderhandelde jaren namens de bonden met werkgevers en het kabinet, en schaarde zich in 2010 achter een poldercompromis waar ze nog steeds trots op is: ‘We hadden er een verhoging van de AOW-uitkeringen uitgesleept, en uitstel van de verhoging van de pensioenleeftijd. Pensioenen raken zó aan bestaanszekerheid.’
Het compromis kreeg de zegen in een ledenreferendum van de FNV, maar leverde haar niettemin een harde machtsstrijd op met facties binnen de vakcentrale die vonden dat ze met deze deal de arbeiderszaak had verkwanseld. Het conflict mondde uit in haar vertrek in 2012, en in de hervorming van de FNV.
‘Het absolute dieptepunt was toen ik uit het raam van mijn kantoor op de zesde verdieping van het FNV-gebouw op Sloterdijk vanaf de dijk een groep schoonmakers met spandoeken zag komen aanlopen. Ze kwamen mij een gouden TomTom aanbieden (de TomTom was de Google Maps van toen, red.), omdat ‘Agnes de weg kwijt is’. Die mensen zijn op kwaadaardige wijze misleid door tegenstanders bij de bonden, er is over hun hoofden een interne machtsstrijd met mij uitgevochten. Terwijl juist schoonmakers, die nauwelijks aanvullend pensioen hebben, ontzettend veel zouden hebben gehad aan een hogere AOW-uitkering.’
Zouden hebben gehad, want het akkoord ging een paar jaar later in één keer, floeps, van tafel. Het kabinet was gevallen, er moest in recordtempo een bezuinigingspakket van vele miljarden in elkaar worden gezet, het pensioenakkoord lag op het hakblok. ‘Henk Kamp van de VVD, met wie we hadden onderhandeld, belde bijna huilend op dat hij de afspraak met ons niet meer kon nakomen. Kamp breekt nóóit een afspraak. Maar D66 wilde ervan af: Pechtold en Koolmees. Ze hebben de hogere AOW-uitkering eruit gesloopt en de verhoging van de pensioenleeftijd naar voren gehaald. Dat leverde op papier miljarden op.’
‘Ik heb de afgelopen jaren steeds mijn kop gehouden als mensen mij om commentaar vroegen op het nieuwe pensioenakkoord. Ik ga nu niet roepen: I told you so. Tijden veranderen, er ligt een andere puzzel op tafel. Het is niet aan mij die te bekritiseren.
‘De hele toestand heeft wel tot een goede verandering geleid in de structuur van de FNV. Er waren onevenwichtigheden, waardoor een kleine groep de discussie kon kapen en zich met de politiek ging bemoeien in plaats van gewoon te kijken naar wat de mensen in de metaal nodig hebben, of in de logistiek. Die disbalans is hersteld met de reorganisatie.
‘En, iets leuks, twee maanden geleden demonstreerden schoonmakers in het Europees Parlement omdat ze gewoon overdag willen kunnen schoonmaken en niet in het holst van de nacht met kutcontractjes. Daar zat een bondsbestuurder uit mijn FNV-tijd bij en hij zei: ‘Agnes, ik heb enorm veel spijt van die actie met de gouden TomTom.’ Dat heb ik zeer op prijs gesteld.’
‘De hele samenleving is veranderd. De mentaliteit voorop. Het geloof in collectieve oplossingen is geërodeerd. Neem de Bijenkorf, waar vakbondsvrouw Linda Vermeulen fantastisch werk verzet met de verkopers, die amper wat verdienen in magere contracten. En dat bij een bedrijf waar de meeste mensen niet heen durven omdat het te chic voor ze is. Tien jaar geleden zou de voorzitter van VNO-NCW hebben gebeld met de eigenaren van de Bijenkorf om te zeggen: doe wat aan die arbeidsomstandigheden, dit is slecht voor iedereen.
‘Zoiets gebeurt niet meer. Nu leveren de werkgevers een plat wensenlijstje in, het AD drukt het af, en er is geen gesprek meer over wat je rol als bedrijf is in de samenleving. Het is allemaal: succes is een keuze en verder zoek je het maar uit.
‘Toen ik afstudeerde in 1987 was het normaal om te zeggen: o, heeft de overheid geen baan voor me geregeld, nou dan ga ik lekker in de uitkering. Dat was raar. Maar wat er nu gebeurt, jonge mensen die zich over de kop werken en massaal burn-outs krijgen omdat ze geen arbeidscontracten meer krijgen en alle verantwoordelijkheid voor hun slagen bij henzelf wordt gelegd, dat is óók raar.’
‘Bij veel grote internationale concerns wordt de lijn niet meer in Nederland uitgezet, maar elders. En dan krijg je zo’n interview over Tata Steel, waar de directeur van Tata Nederland als een soort wethouder Hekking zit naast de directeur uit India. Die Nederlandse directeur heeft weinig te vertellen, dat is wel duidelijk.
‘Vroeger gingen de grote concerns, Philips en KLM enzo, geregeld bij elkaar zitten in De Nederlanden, een restaurant in Loenen aan de Vecht. De vakbond schoof aan, of de personeelsdirecteur van de spoorwegen, en dan zeiden die: jongens, doe eens normaal, dit kan zo niet. Dat soort persoonlijke banden is weg door het vertrek van hoofdkantoren, en de internationalisering.’
‘De loonkloof natuurlijk, dat is zo gruwelijk oneerlijk. Een tip voor de vrouwen die na mij komen zou zijn: vraag andere vrouwen om hulp als je vooruit wil, en wees altijd bereid te helpen als iemand jou om hulp vraagt. En blijf de humor van dingen inzien.
‘Ik zat een keer in het Torentje met Bernard Wientjes, de werkgeversvoorzitter, en premier Balkenende. Piepklein kamertje, je zit er knie aan knie. Elke keer als ik een punt opbracht, ging Balkenende naar Wientjes kijken en hém antwoord geven. De eerste keer denk je: hè, moet ik nu gaan zwaaien, joehoe, ik zit hier? Relativeren helpt dan. Dat je niet stomend van woede thuiskomt, maar denkt: jammer dat hij zo is opgevoed.
‘En koester je vriendinnen. Ik heb een clubje van de vakbond, wij zijn in de jaren tachtig samen met voorkeursbeleid daar binnengekomen en hebben elkaar altijd vastgehouden, want overleggen over kwesties als ‘Ik heb nu twee keer tegen m’n zin meegelachen bij een tietengrap, hoe kan ik er wat van zeggen?’ schept een band voor het leven. We gaan naar elke film die enigszins feministisch is. Dat werd laatst dus Barbie. Met roze pakken aan en roze boa’s om. Geweldige film.’
Geboren in De Meern, 4 november 1960
1987 doctoraal sociaal economische geschiedenis, Rijksuniversiteit Utrecht
Vanaf 1987 diverse functies binnen de FNV
2005-2012 Voorzitter FNV
Vanaf 2014 Lid Europees Parlement voor de PvdA
Jongerius is getrouwd met radiojournalist en podcastmaker Ger Jochems.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden