De zware houten deur van de Ulu-moskee in de Utrechtse wijk Lombok staat bijna altijd open. Vanuit daar waaieren bezoekers over glimmend grijs natuursteen uit door het immense gebouw. Naar de gebedsruimte met haar turquoise tapijt, de wasruimte, een zaal waar ze koffie en thee kunnen drinken. ‘Er hoort geen enkele barrière te zijn’, zegt moskeebestuurder Yücel Aydemir (54). ‘Je kunt overal doorlopen, tot aan de hoogste verdieping. Dat hebben we lang gekoesterd.’
Daarom is het besluit dat hij in augustus moest nemen pijnlijk. De deur ging dicht. Drie weken lang liet de moskee alleen nog bezoekers toe voor het gebed, een half uur ervoor en een half uur erna.
De overlast van veiligelanders was te groot geworden. In de zomermaanden hadden deze jonge mannen de moskee in toenemende mate ontdekt. Ze kwamen om te douchen, te slapen, en ja, zegt Aydemir, vooral om te stelen. ‘We zitten midden in de stad Utrecht, naast het station, dus we zijn wel wat gewend. Maar het werd steeds erger. Op een dag draaide zo’n jongen helemaal door. Hij begon met stoelen te gooien, gaf een vrijwilliger klappen. De politie moest met zes wagens uitrukken. Hij had een mes bij zich kunnen hebben. Toen wist ik: we kunnen niet volledig open blijven.’
Utrecht worstelt, net als andere grote steden en Ter Apel, met de zogenoemde veiligelanders. Deze jonge mannen, veelal afkomstig uit landen als Algerije en Marokko, maken weinig kans op een verblijfsvergunning. Ze trekken binnen Europa van land naar land, en binnen die landen vaak van stad naar stad. Het zijn mannen die, bovenal, weinig te verliezen hebben. Slechts 3 procent van de hele populatie asielzoekers is afkomstig uit een land dat als veilig te boek staat. Die veroorzaken bij lange na niet allemaal overlast. Een ruime schatting is dat een op de drie dat wel doet. De groep is klein, maar veroorzaakt wel grote problemen.
Burgemeester Sharon Dijksma kondigde vorige week in een brief aan de gemeenteraad nieuwe maatregelen aan. In de wijk Lombok kunnen ‘criminele vreemdelingen’, zoals zij ze noemt, voortaan een tijdelijke gebiedsontzegging krijgen. Het cameratoezicht is uitgebreid en politie en handhaving zijn meer aanwezig. Sinds vorig jaar gelden deze maatregelen al in het stationsgebied. Die hebben ertoe geleid dat de overlast zich naar Lombok verplaatst heeft.
Aan de Timorkade, een lommerrijk pad langs het water, is het aantal meldingen in een jaar gestegen van twee naar 55. Bijna allemaal komen die op het conto van criminele vreemdelingen, schreef Dijksma aan de gemeenteraad. Eind augustus vond er een steekincident plaats. Op het pad patrouilleert deze druilerige middag een politieagent, soms rijden plukjes handhavers langs. Een dakloze man neemt plaats op een trapje, hij heeft er een stuk karton opgelegd om droog te zitten. Met een pakje zakdoekjes en een waterflesje wast hij zijn voeten. Als een andere man hem aanspreekt, ontstaat al snel een woordenwisseling. ‘Fuck you’, zegt de eerste, ‘niet tegen me praten. Jij gaat weg, of ik ga weg.’
Buurtbewoner Arno Titawano (57) aanschouwt het ruzietje vanaf een afstandje. Meerdere keren per dag laat hij zijn twee Franse buldogs uit aan de Timorkade. Hij kent de dakloze, ongedocumenteerde man. ‘Die komt hier al langer’, zegt hij. ‘In de ochtend wil hij vaak weten hoe laat het is. Dan maken we even een praatje. Ik heb geen behoefte om deze mensen te negeren, al snap ik dat ze intimiderend kunnen overkomen voor anderen.’
In het afgelopen jaar is het hier zeker drukker geworden, zegt Titawano. Maar ook van de veiligelanders heeft hij weinig last. ‘Misschien komt het omdat ik ook een kleurtje heb’, zegt de Utrechter van Zuid-Molukse komaf. ‘Ik probeer altijd open-minded te zijn, mensen te accepteren zoals ze zijn. Dat hoort ook bij deze wijk.’
De winkeliers in Lombok hebben wisselende ervaringen. In een broodjeszaak zeggen ze veel last te hebben van de veiligelanders. Diefstal, schelden, pinnen met gestolen passen: ze maken het vaak mee. Zich erover uitspreken in de krant durven ze niet, bang voor een steen door de ruit. Bij een slager kennen ze de overlast daarentegen alleen van horen zeggen.
‘Logisch ook’, zegt moskeebestuurder Aydemir. ‘Die jongens kunnen niet zoveel met een kilo rauw lamsvlees.’ De moskee is sinds een paar weken weer volledig open. Tijdens de sluiting is de harde kern afgedropen. ‘Die veroorzaken nu waarschijnlijk weer op een andere plek problemen.’
Toch moet hij nog dagelijks veiligelanders aanspreken op hun gedrag. Zojuist lag er nog een man te slapen in de gebedsruimte. ‘We hebben als regel dat mensen hier niet mogen liggen, alleen zitten. Als we daarop niet handhaven, ligt het hier al snel vol met slapende mensen.’ Ook de douches zijn tegenwoordig op slot. Laatst had een man een waterslang gepakt waarmee de wasruimte wordt schoongehouden, en die als douche gebruikt.
Als ze het netjes zouden vragen, zegt Aydemir, dan zou het geen probleem zijn. ‘Ik begrijp dat mensen die geen dak boven hun hoofd hebben, zich willen wassen.’ Het gaat hem om de houding, de ‘pakken wat je pakken kan’-mentaliteit, de agressie. ‘We willen niet dat mensen het gevoel krijgen dat dit een onveilige moskee is.’
‘Door deze gasten krijgen asielzoekers een slechte naam’, zegt Aydemir. Hij merkt het aan de bezoekers van zijn moskee, hun houding verhardt. Toen de eerste Syriërs zeven jaar geleden naar Nederland vluchtten, werd er veel kleding en eten ingezameld. ‘Ik vraag me af hoeveel animo daar nu nog voor zou zijn.’
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden