Toen de Chinese onderzoeksjournalist Huang Xueqin begin 2018 een zaak van seksuele intimatie door een gerenommeerde hoogleraar aan het licht bracht, gebeurde iets waarvan ze nooit had durven dromen. De artikelenreeks, verschenen op sociale media aangezien geen enkele nieuwsorganisatie publicatie aandurfde, werd miljoenen keren gelezen. De universiteit plaatste de hoogleraar op non-actief en het ministerie van Onderwijs trok zijn eretitels in. In de maanden erna traden tal van vrouwen naar voren met hun verhalen en kwam er een debat op gang. De #MeToo-beweging in China was begonnen.
De 35-jarige Huang, zelf ook slachtoffer van seksuele intimidatie, speelde een sleutelrol bij #MeToo in China. Ze hielp de beweging op gang, bracht tal van verhalen naar buiten en zocht hulp voor de slachtoffers. Maar Huang betaalde een hoge prijs: in 2021 werd ze opgepakt en aangeklaagd voor het ‘aanzetten tot omverwerping van de staat’, een vage aanklacht die in China vaak wordt gebruikt tegen overheidscritici. Haar rechtszaak vindt vrijdag plaats. Huang riskeert een celstraf van 5 jaar.
De Chinese overheid staat bekend om haar harde aanpak van activisten, maar de behandeling van Huang is zelfs naar Chinese maatstaven bijzonder streng. Mogelijk wordt ze als voorbeeld gebruikt om anderen af te schrikken. De #MeToo-beweging wekte veel ophef in China, maar werd na enkele maanden in de kiem gesmoord. Voorvechters van vrouwenrechten, die lang meer ruimte kregen dan andere activisten, liggen sinds enkele jaren ook onder vuur, en moeten heel voorzichtig opereren.
Als Huang in 2009 als journalist bij staatsmedia begint te werken, heeft ze geen idee van het diepgewortelde seksisme op de werkvloer. Het valt haar op dat haar afdelingshoofd haar vaak uitnodigt voor diners met politieke leiders, maar ze denkt dat ze dat aan haar journalistieke talent te danken heeft. Maar steeds vaker bieden die leiders haar dure geschenken – één zwaait zelfs met autosleutels – als ze hen wil ‘helpen’. Huang beseft dat ze iets anders willen dan haar talent.
Wat later zoekt een oudere collega haar tijdens een zakenreis op in haar hotelkamer en begint haar te kussen. Huang kan hem met moeite van zich afslaan. Ze wil een klacht indienen, maar een bevriende politieagent raadt haar dat af: ze heeft geen bewijzen, en het is haar woord tegen dat van een mannelijke, gerespecteerde collega. Kort daarna neemt ze ontslag. In de jaren daarna hoort ze van veel vrouwelijke collega’s soortgelijke verhalen.
Als in 2017 in de Verenigde Staten de #MeToo-beweging op gang komt, wil Huang het wijdverspreide misbruik in haar eigen sector naar buiten brengen. Maar geen van haar collega’s is bereid om mee te doen. Ze hebben te veel te verliezen, zeggen ze, of ze schamen zich. Huang lanceert daarop een enquête, waaraan vrouwelijke journalisten ook anoniem kunnen meedoen. Liefst 80 procent van de respondenten zegt ooit slachtoffer te zijn geweest van seksuele intimidatie.
Een studente in Beijing leest over Huangs enquête en neemt contact met haar op. Ze is aangerand door een gelauwerde hoogleraar, heeft bij de universiteit geklaagd, maar krijgt geen gehoor. Huang zoekt bewijzen en getuigen, publiceert een reeks dichtgetimmerde artikelen, en lanceert zo de Chinese #MeToo-beweging. In de maanden daarna worden tal van grote misbruikzaken aan het licht gebracht. De overheid, die eerst welwillend reageert, begint zich bedreigd te voelen en #MeToo wordt de kop ingedrukt.
Huang brengt zelf tientallen verhalen naar buiten, maar krijgt het steeds zwaarder. Ze wordt gevolgd en geïntimideerd, en haar artikelen worden telkens gecensureerd. In 2019 besluit ze naar Hongkong te verhuizen, een rechtenstudie te volgen en zich te focussen op juridische bijstand voor slachtoffers van seksuele intimidatie. Terwijl ze in Hongkong is, breken daar grote protesten uit tegen een uitleveringswet, die als symbool wordt gezien van de groeiende inmenging van Beijing.
Huang kan het schrijven niet laten. Ze woont de protesten bij en schrijft essays om haar landgenoten uit te leggen dat de betogers geen ‘relschoppers’ zijn, zoals de Chinese staatsmedia beweren, maar gewone burgers die voor hun rechten opkomen. Als ze in de zomervakantie teruggaat naar het Chinese vasteland wordt ze opgepakt. Haar paspoort wordt ingetrokken en Huang moet haar studies stopzetten. De intimidatie neemt almaar toe: eind 2019 wordt ze drie maanden gevangengezet.
Na haar vrijlating blijft Huang als freelance journalist werken, maar ze wordt steeds meer in de gaten gehouden. Ze staat onder surveillance en moet voortdurend ‘thee drinken’ met agenten van de staatsveiligheid. Huang zoekt een uitweg. Ze bemachtigt een Britse overheidsbeurs voor een master genderstudies in het Verenigd Koninkrijk. Op 19 september 2021, onderweg naar de luchthaven, wordt ze echter opgepakt, samen met de bevriende arbeidsrechtenactivist Wang Jianbing.
Huang en Wang hebben sinds hun arrestatie geen contact meer met hun familie, ook hebben ze geen toegang tot een advocaat naar eigen keuze. Huang wordt volgens vrienden geregeld ’s nachts gewekt voor ondervragingen, ze is er slecht aan toe. Wereldwijd hebben mensenrechtenorganisaties om haar en Wangs vrijlating gevraagd. De kans is klein dat dit gebeurt: in Chinese rechtbanken wordt ruim 99,9 procent van de beklaagden schuldig bevonden.
Huang Xueqin zei in 2019 in een interview dat ze opgroeide met een aangeboren gevoel dat mannen en vrouwen gelijk zijn. Ze bracht als kind veel tijd door bij haar grootvader, die haar onafhankelijk en vrij opvoedde. Haar ouders werkten allebei voltijds, maar haar moeder deed het huishouden, en als haar vader klaagde over het eten, reageerde de kleine Xueqin dat hij dan maar zelf moest koken. Ze eiste ook dat haar oudere broer evenveel meehielp in het huishouden als zijzelf.
Nadat Huang in 2020 na een eerste detentie wordt vrijgelaten, ontdekt ze een bewakingscamera voor haar deur om haar in de gaten te houden. Ze besluit zich daar niet bij neer te leggen. Ze gaat met protestborden voor de camera staan, en leest voor uit George Orwells 1984, over een totalitaire surveillancestaat. Als agenten van de staatsveiligheidsdienst haar opzoeken, geeft ze hun een kopie van de Chinese privacywetgeving. De volgende dag is de camera weg.
Huang won in haar carrière tal van journalistieke prijzen. Ze kreeg in 2021 een Society of Publishers in Asia Award, voor een interview met een feministisch activiste die ondertussen ook in de cel zit. In 2022 won ze de Wallis Annenberg Justice for Women Journalists Award.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden