In 2021 en vooral vorig jaar zijn de prijzen van gas, olie en stroom hard opgelopen, vooral door de Russische aanval op Oekraïne. DNB bekeek wat de gevolgen daarvan zijn voor de prijzen die wij betalen voor onder meer boodschappen, vakanties, vervoer en horeca.
Volgens de toezichthouder kan het tot twee jaar duren voordat bedrijven hun eigen hogere energierekening volledig hebben doorberekend in hun verkoopprijzen. En doordat met name de gasprijs pas in augustus vorig jaar is gaan dalen, kunnen we zelfs volgend jaar nog merken dat we aan de kassa meer kwijt zijn.
Dat daar vertraging in zit, komt onder meer doordat bijvoorbeeld supermarkten en leveranciers prijsafspraken maken voor een langere periode. Ze kunnen pas nieuwe, hogere prijzen afspreken als de contractperiode - bijvoorbeeld een jaar - voorbij is. Ook zijn er bedrijven die vrezen dat klanten weglopen als ze hun prijzen abrupt opschroeven.
Zo ziet DNB dat de prijzen van bijvoorbeeld vlees, brood, drank en zuivel pas na verloop van tijd reageerden op de stijgende energieprijzen. Bij vakanties was dat anders: daar stegen de prijzen meteen al een beetje mee, al duurde de volledige aanpassing zo'n twee jaar. Daar staat tegenover dat de tarieven aan de pomp vrijwel meteen reageerden op de stijging van de olieprijzen.
Tussen april 2020 en augustus 2022 steeg de handelsprijs voor gas maar liefst 500 procent. Pas vorig najaar begon die te zakken. Daardoor kan het volgens DNB nog even duren voordat de duurdere energie volledig is verwerkt in de prijzen.
Source: Nu.nl economisch