Nee, Nagorno-Karabach vormt al sinds de jaren twintig van de vorige eeuw de inzet van een conflict tussen Armenië en Azerbeidzjan. Daarbij speelt ook de religieuze achtergrond van beide gemeenschappen een rol: de Armenen zijn hoofdzakelijk christelijk, de Azeri’s islamitisch.
Na jaren van strijd werd de bergachtige streek in de zuidelijke Kaukasus – waar van oudsher overwegend Armenen wonen – in 1923 door de nieuwe Sovjetautoriteiten bij Azerbeidzjan ondergebracht als autonome regio.
In de nadagen van de Sovjet-Unie laaide het conflict over de Armeense enclave weer op. Zowel in Nagorno-Karabach als in Azerbeidzjan braken onlusten uit waarbij de Azerische en de Armeense minderheden het over en weer moesten ontgelden.
Eind 1991 riepen de inwoners van Nagorno-Karabach (de Armeniërs noemen het gebied Artsach) de onafhankelijkheid uit. Dit leidde tot een rechtstreekse oorlog tussen Azerbeidzjan en Armenië, dat zijn leger stuurde om de Armeniërs in Karabach te helpen.
De ruim twee jaar durende oorlog – waarbij Armenië steun kreeg van Moskou – liep erop uit dat de Armeniërs niet alleen Nagorno-Karabach in handen kregen, maar ook een aantal aangrenzende regio’s. Rond een half miljoen Azeri’s werden uit die gebieden verdreven.
Na bemiddeling van Rusland kwamen de twee partijen in 1994 een wapenstilstand overeen. Maar het conflict sluimerde de decennia daarna voort. Langs de grens van de enclave kwam het regelmatig tot gewapende botsingen.
Er is wel sympathie voor de Armeense bevolking, maar tot op de dag van vandaag is er geen enkel land dat de onafhankelijkheid van Nagorno-Karabach erkent. Ook Armenië heeft die stap nooit durven nemen.
Armenië heeft de enclave wel steeds militair en financieel gesteund. Hoe sterk de banden zijn, blijkt wel uit het feit dat verscheidene militaire en politieke kopstukken uit Nagorno-Karabach belangrijke functies in Armenië zelf kregen. De eerste president van de enclave, Robert Kotsjarjan, schopte het zelfs tot president van Armenië.
De afgelopen dertig jaar hebben verscheidene landen en organisaties geprobeerd de partijen tot een vredesregeling te bewegen. Maar ook de belangrijkste onderhandelingen, onder auspiciën van de Minsk Groep – waarvan Frankrijk, Rusland en de VS de leiding hebben – leverden geen doorbraak op.
In 2020 brak er een nieuwe oorlog uit om de enclave. Azerbeidzjan, rijk geworden door de enorme inkomsten uit de export van olie en gas, slaagde er met Turkse steun in een groot deel van de bezette gebieden te heroveren. De strijd kostte aan bijna vierduizend Armeense militairen het leven.
De Armeniërs moesten zich terugtrekken uit alle gebieden rond Nagorno-Karabach. Afgesproken werd dat Russische troepen de Latsjin-corridor zouden bewaken, een smalle strook land die de enige verbinding met Armenië vormt.
De nederlaag kwam de Armeense premier Nikol Pasjinjan op felle kritiek te staan, maar hij wist aan te blijven.
Begin dit jaar begon Azerbeidzjan de druk op Nagorno-Karabach op te voeren. Azerbeidzjaanse troepen sloten de Latsjin-corridor af, met als gevolg dat de aanvoer van voedsel, medicijnen en brandstof voor de ongeveer 120 duizend inwoners van de enclave vrijwel stil kwam te liggen. Volgens Azerbeidzjan zouden de Armeniërs tegen de afspraken in wapens naar Nagorno-Karabach smokkelen.
In een poging de oplopende spanning te beheersen liet premier Pasjinjan eerder dit jaar weten dat dat zijn land bereid is de soevereiniteit van Azerbeidzjan over het berggebied te erkennen. Voorwaarde is wel dat het land de rechten en de veiligheid van de Armeense bevolking daar garandeert.
Azerbeidzjan weigert speciale garanties af te geven voor de Armeense bevolking in Nagorno-Karabach.
De spanning mondde begin deze week uit in zware beschietingen door Azerbeidzjan op Nagorno-Karabach. Het lijkt erop dat Azerbeidzjan gebruik maakt van de bekoelde relaties tussen Rusland en Armenië.
Traditioneel beschermde Rusland Armenië, maar Moskou heeft nu andere zorgen aan het hoofd: de oorlog in Oekraïne. Rusland is bovendien geïrriteerd over de toenadering tussen Armenië en het Westen.
Tot woede van veel Armeniërs verklaarde premier Pasjinjan dat Armenië zich ditmaal niet in het conflict zou mengen. Daardoor kwamen de autoriteiten in Nagorno-Karabach onder zware druk te staan.
Moskou kondigde woensdag een staakt-het-vuren aan, waarbij Nagorno-Karabach zou hebben beloofd zijn leger te ontbinden en alle zware wapens op te geven. Dat zou een zware nederlaag voor de Armeense enclave betekenen.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden