Nu hij over zijn vader praat, kijkt de 17-jarige Ousainou Sandeng alleen nog naar zijn voeten. Zijn broertjes, die net nog om hem heen dartelden onder de door termieten aangevreten mangoboom, zijn bij het aanbreken van het gespreksonderwerp snel naar binnen gegaan. ‘Hij is afgeslacht’, zegt de stille jongen met gemillimeterd haar na een diepe zucht. Zijn vader vertrok op 14 april 2016 om te demonstreren. ‘Hij eiste electorale hervormingen’, zegt Sandeng, ‘en ging de straat op. Hij werd opgepakt en meegenomen naar het hoofdkwartier van president Jammehs geheime dienst, waar hij net zo lang is gemarteld tot hij overleed.’
Over de auteur
Joost Bastmeijer is correspondent Afrika voor de Volkskrant. Hij woont in Dakar, Senegal.
Alsof het nog niet erg genoeg was dat zijn vader door de Gambiaanse overheid was vermoord, vonden veel buurtgenoten dat Sandengs vader het er zelf naar gemaakt had. ‘Ik kon er met niemand over praten, dat was erg pijnlijk.’ Als Sandeng praat, slaat zijn stem soms over. ‘Mensen zeiden dat het de eigen schuld van mijn vader was. Dat hij de politie had uitgelokt en dat hij daarom is gedood. Mijn moeder besloot uiteindelijk te vluchten naar Senegal, om te voorkomen dat mijn broers en ik ook in de problemen zouden komen.’ Het gezin keerde pas terug nadat dictator Jammeh zijn land begin 2017 was ontvlucht.
Jammeh, een voormalige luitenant, grijpt in 1994 de macht over het piepkleine West-Afrikaanse landje. In de meer dan twintig jaar die volgen, consolideren hij en zijn regering de macht door middel van intimidatie, moord en marteling. Honderden mensen ‘verdwijnen’, hiv-patiënten worden gedwongen om gevaarlijke nepbehandelingen te ondergaan en anderen worden het doelwit van door de overheid opgezette ‘heksenjachten’, waarbij zij worden veroordeeld voor tovenarij.
De dictator leidt het land met harde hand, tot er eind 2016 iets opvallends gebeurt: Jammeh verliest de herverkiezing van een nieuw gevormde coalitie. Hij slaat op de vlucht. Zijn opvolger, president Adama Barrow, kondigt kort na zijn aantreden aan dat hij zijn belangrijkste verkiezingsbelofte zal waarmaken: een onafhankelijke commissie moet de misdaden van Jammeh aan het licht brengen. De ‘Commissie voor Waarheid, Verzoening en Herstelbetalingen’ (afgekort TRRC) gaat in 2018 aan de slag.
Om de waarheid boven tafel te krijgen, worden zowel daders als slachtoffers geïnterviewd. Na twee jaar van live uitgezonden hoorzittingen en getuigenissen presenteert de commissie in 2021 haar eindrapport. Daarin is vastgelegd hoe het regime zich stelselmatig schuldig heeft gemaakt aan mensenrechtenschendingen, verkrachtingen, martelingen en moord. Zeker 240 Gambianen zijn door de regering om het leven gebracht. President Barrow neemt bijna alle aanbevelingen van de commissie over. Hij belooft onder meer om Jammeh voor de rechter te brengen en slachtoffers herstelbetalingen te geven.
Ondanks de aandacht voor het werk van de commissie hebben veel Gambianen nog altijd gebrekkige kennis van de recente geschiedenis van hun land. Op scholen wordt er nauwelijks over gesproken. ‘We merkten dat kinderen weinig weten over de horror die zich onder Jammeh heeft voltrokken’, zegt mensenrechtenadvocaat Imran Darboe. ‘Jongeren worden niet bij dit soort zaken betrokken. Dat zit in onze cultuur: men vindt dat dit soort problemen enkel door volwassenen opgelost kunnen worden, laat de kleintjes maar spelen. Maar we praten hier over de toekomst van een nieuwe generatie Gambianen. Zij moeten ervoor zorgen dat er hier nooit meer een dictatuur komt.’
Darboe richtte samen met zijn vrouw Mariama de stichting Fantanka op, wat ‘zelfbescherming’ betekent in de taal van de Mandinka. Fantanka is een van de meer dan tien maatschappelijke organisaties die de afgelopen anderhalf jaar ontstonden. Ze hebben alle hetzelfde doel: verhalen vertellen over de gruweldaden van Jammeh.
Het eerste wapenfeit van Darboe en zijn vrouw Mariama: een kindvriendelijke versie van het TRRC-rapport, die ze samen schreven. Het boekje met zachte kaft staat, naast simpele tekst, vol met illustraties. Het gaat de grote thema’s niet uit de weg. ‘De regeringstroepen arresteren mensen die daarna nooit meer worden gezien’, is te lezen in het hoofdstuk over de verdwijning van tientallen Gambianen. ‘Hun families weten niet zeker of hun dierbaren dood zijn of niet. Dat bezorgt hun veel stress en verdriet.’
Toch wordt Jammeh door velen nog altijd gezien als een betere leider dan Barrow. Met name landinwaarts, waar velen niet kunnen lezen en schrijven, heerst het beeld van Jammeh als spiritueel en vroom leider. De dictator was immer gestoken in maagdelijk witte gewaden en ging nergens heen zonder zijn staf. Dat nauwkeurig gecultiveerde imago viel bij de overwegend islamitische bevolking van Gambia goed in de smaak.
Jammeh onderdrukte bovendien elk oppositiegeluid en had een uitgekiende propagandamachine, waardoor Gambianen uitsluitend positieve berichten over Jammeh en zijn regering te horen kregen. Anno 2023 is het daarom nog altijd lastig om te praten over de dictator, zegt Sirra Ndowe, die als mensenrechtenactivist is verbonden aan het Afrikaans Netwerk tegen Buitengerechtelijke Executies en Gedwongen Verdwijningen (Aneked).
In een woonwijk van de stad Serekunda zette Ndowe, een serieuze vrouw met een lage stem, gestoken in een ruimvallende zwarte jurk, een permanente expositie op in een ietwat verscholen liggend woonhuis. In Memory House, zoals het heet, kunnen bezoekers leren over de mensen die tijdens het Jammeh-regime verdwenen zijn. Op wandvullende foto’s zijn slachtoffers te zien – onder wie een oom van Ndowe –, in vitrines liggen spullen die van hen zijn geweest. Op de bijbehorende teksten zijn getuigenissen van slachtoffers en hun familieleden te lezen.
In een van de slaapkamers van Memory House houdt Ndowe kantoor. Het omvangrijke TRRC-rapport staat in een hoek stof te vangen. ‘Er zijn zoveel verhalen die door de commissie aan het licht zijn gebracht’, zegt Ndowe, ‘dat het te overweldigend kan zijn. Daarom hebben we ervoor gekozen om een paar belangrijke verhalen uit te lichten.’ Daar draait het in Memory House om, zegt Ndowe. ‘De slachtoffers en hun nabestaanden konden hun verhalen niet vertellen, want niemand geloofde hen’, legt ze uit. ‘Dat wij die nu wél kunnen vertellen, is een eerste stap naar gerechtigheid.’
Een eerste stap, inderdaad, want zes jaar na het aantreden van president Barrow is gerechtigheid nog ver weg. De waarheid mag dan boven tafel zijn, de waarheidscommissie heeft geen autoriteit om de zeventig aangewezen hoofddaders strafrechtelijk te vervolgen. Zolang de Gambiaanse overheid geen officiële strafzaak tegen de daders begint, komt er geen proces. Ook de vervolging van voormalig dictator Yahya Jammeh lijkt er nooit te komen: vlak na zijn verkiezingsnederlaag vluchtte hij naar Equatoriaal-Guinea, dat hem vooralsnog weigert uit te leveren.
Mensenrechtenactivisten vrezen dat de Gambiaanse regering, ondanks de beloften van president Barrow, niet vastberaden genoeg is om de strafzaken tegen de daders ook echt in gang te zetten. ‘Er moet dan een strafzaak komen’, zucht Ndowe, ‘waarvoor bewijs moet worden geleverd waaruit blijkt dat er bijvoorbeeld een moord is gepleegd.’ De overheid moet volgens Ndowe met serieuze toewijding en geld komen om gedegen onderzoek te kunnen doen.
Zij denkt dat het zover niet zal komen, omdat veel daders van destijds deel uitmaken van de politieke elite. Veel mensen die het Jammeh-regime mogelijk maakten, hebben nog steeds goede banen en dus nog altijd veel invloed in het kleine land met zo’n 2,7 miljoen inwoners. ‘Je ziet zelfs veel van de aangewezen daders gewoon nog in hun grote auto’s door Banjul rijden’, zegt Ndowe hoofdschuddend. ‘Voor sommigen mag het dan genoeg zijn om enkel te weten wat er met hun naasten is gebeurd, er is ook een groep slachtoffers en nabestaanden die koste wat het kost vervolging wil zien.’
Aangezien overheidshervormingen en vervolgingen vooralsnog zo goed als uitblijven, is educatie het enige middel dat de civiele organisaties kunnen inzetten. Mensenrechtenadvocaat Imran Darboe wil daarom een herdenkingscentrum opzetten, in de stokoude Nationale Bibliotheek van Gambia. ‘Ndowe richt zich met Memory House vooral op de vermissingen’, zegt Darboe. ‘Wij willen ons in de bibliotheek richten op hoe het zover heeft kunnen komen.’
Hoewel Darboe grootse ideeën heeft, ligt het plan om de bibliotheek te renoveren al meer dan een jaar op tafel. Geldschieters laten het vooralsnog afweten. Dat heeft volgens Darboe te maken met het aantal instanties dat zich inmiddels bezighoudt met aandacht vragen voor de slachtoffers van het Jammeh-regime. ‘Er zijn al meer dan tien organisaties en die werken nog niet met elkaar samen,’ legt hij uit. Fantanka en de organisatie van Ndowe werken al mondjesmaat samen, maar er is nog een slag te maken. ‘Elke organisatie heeft een eigen agenda en we strijden allemaal om donaties. Alleen als we de neuzen dezelfde kant op krijgen, kunnen we verder bouwen aan collectieve herdenking.’
Ousainou Sandeng, wiens vader door het regime van Jammeh werd vermoord, is blij met de initiatieven die aandacht besteden aan de gruweldaden van Jammeh. Hij roemt het werk van Darboe en zijn vrouw. ‘Toen ik terugkwam naar Gambia zagen veel van mijn oude klasgenoten Jammeh nog steeds als held’, zegt hij. Dat verandere pas toen Darboe en zijn vrouw een langskwamen voor een lezing en hun kindvriendelijke rapport uitdeelden. ‘Op school weten ze nu veel meer over wat sommige Gambianen hebben doorstaan’, zegt Sandeng. ‘Sommige kinderen moesten zelfs huilen toen ze over de misdaden hoorden. Ze hadden geen idee.’
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden