‘Vanuit het coördinatiecentrum in Amizmiz, op ruim 50 kilometer van Marrakech, horen wij waar nog mensen worden vermist. Vervolgens gaan we in colonnes daarnaartoe met een bergingsteam uit Qatar en Movement on the Ground, een Nederlandse hulporganisatie. De bevolking wijst dan het gebied aan waar mensen worden vermist. Die plekken worden gecheckt door onze zoekhonden en daarna door ons gemarkeerd. Ook gaan we eroverheen met een warmtecamera, zodat we zeker weten of een persoon onder het puin nog in leven is of niet. Vervolgens gaan de bergingsteams aan de slag en trekken wij weer verder. Tussendoor rouleren we zowel de mensen als de honden, zodat iedereen voldoende rust krijgt.’
‘Het gaat goed. We hebben op vier locaties in totaal vijf lichamen weten te markeren onder het puin, waarvan er zeker twee zijn uitgehaald door de lokale bergingsteams. We krijgen van hen niet altijd een terugkoppeling, dus we weten niet precies van alle lichamen die we opsporen hoe het is afgelopen. Er is hier maar weinig materieel, dus het zoekwerk verloopt soms moeizaam, en vanwege het bergachtige gebied ben je lang onderweg naar de dorpen in het rampgebied.’
‘We zijn woensdag bij aankomst in Marokko meteen doorgereden naar het coördinatiecentrum in Amizmiz. Daar hebben we afgesproken om eerst rond Amizmiz te zoeken, en daarna naar het dorpje Agbar te gaan, hoog in de bergen. ’s Ochtends hebben we in Amizmiz die vijf lichamen gemarkeerd, waarvan dus in elk geval twee zijn geborgen. Daarna zijn we naar Agbar vertrokken. In het dorpje was nog helemaal geen hulp geweest, dit was de eerste mogelijkheid na de aardbeving. Om er te komen, moesten we een tocht maken van bijna zes uur langs moeilijk begaanbare wegen.
‘Bij aankomst bleek dat de inwoners van het dorp zelf al veel mensen, zowel levend als overleden, uit het puin hadden gehaald. Onze hulp was niet meer nodig, we zijn meteen weer omgekeerd. Wat volgde was een lange weg terug, om half drie ’s nachts lagen we pas in bed. Na een paar uur slaap zijn we vanochtend vroeg opgestaan om met een helikopter naar een nieuw gebied te gaan. Maar dat ging helaas op het laatste moment niet door vanwege de mist. Daarom gaan we zometeen naar Imi N’Tala, waar nog twee mensen vermist worden.’
‘We merken geen verschil met hoe we zijn ontvangen bij eerdere rampen, op de ‘werkvloer’ is iedereen gelijk. Na de aardbevingen in Turkije eerder dit jaar waren de gevolgen veel omvangrijker, dus is het logisch dat er toen meer landen om hulp werden gevraagd. Marokko vraagt om de hulp die bij het land past, dat snap ik wel. Wij zijn heel goed in het bergen van lichamen, en het is voor de mensen hier vanwege het geloof heel belangrijk om de doden onder het puin vandaan te halen. Daarin zijn wij een waardevolle toevoeging. Mede daarom zijn de mensen ons ongelooflijk dankbaar. Ze staan langs de weg om je te bedanken, en dat doen ze ook als je aankomt.’
‘We zijn zeker nodig tot die tijd. Zo meteen vertrekken we richting Imi N’Tala voor die twee vermiste mensen. En omdat de helikopter vandaag niet vloog, hebben we die tocht verplaatst naar morgen. Dan gaan we naar plekken waar nog geen honden hebben gezocht. Voor de rest hebben we nog geen plannen. Elke dag krijgen we nieuwe informatie en horen we waar we nodig zijn. Ook zijn we afhankelijk van het weer, dus we bekijken de situatie per dag en per uur.’
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden